2015 Schotland

Schotland backpacking.

 

De route die we de komende 14 dagen gaan volgen staat op het kaartje.  

schotland

 

15+16-06-2015

Vandaag starten we met de terugreis met de East Coaster. Om 07:55 uur in de trein naar London die een stop maakt in Nieuw Castle. Totaal 4 uur treinen zittend op gereserveerde zitplaatsen.

Bij het station Aviemore stopt de trein en wordt er omgeroepen dat er een defecte trein om het spoor staat die eerst weggesleept moet worden. Het is hier enkel spoor dus we konden er ook niet omheen geleidt worden. Na 1 uur en 10 minuten wachten gingen we weer. Ondertussen twee maal een omroep van de conducteur dat hij nog geen verdere gegevens had en hij namens Scotisch Railway zijn excuses voor het ongemak aanbood. Daarnaast gratis koffie, thee en koekjes.

Het landschap wordt steeds vlakker, de Highlands liggen achter ons, we rijden een stuk langs de kust en zien de Noordzee weer.

Gelukkig hadden we ruim gepland en kwam door de vertraging alleen de warme maaltijd in New Castle in gevaar. We hoefden daar niet rond te kijken omdat we daar tijdens de Engeland vakantie 2014 al een aantal dagen hadden rondgewandeld.

In New Castle stond de bus naar de ferry klaar, wat broodjes gekocht en gelijk door gegaan. Op de boot de hut opgezocht, nu dek 8, en eerst maar eens even met verwondering naar alle vrachtwagens en auto’s die aan boord kwamen gekeken. We wilden onze hut met stapelbed omboeken naar twee bedden beneden, maar alles was vol lukte dus niet. Daarom matras van stapelbed maar op de grond gelegd, paste net, en daar heeft Trijnie geslapen.

De overtocht ging probleemloos, weinig deining en na een goed ontbijt met de bus van IJmuiden naar Amsterdam waar we een vlotte verbinding met de trein hadden. In de trein een heel gesprek gehad met twee oudere Indische, man en vrouw, over Indonesië, de dure medicijnen, de angst die vooral de vrouw had om daar naa haar moeder te gaan i.v.m. intimidatie en afpersing. Inside verhalen waar we nog nooit bij stil gestaan hebben.

Na de stoptrein van Zwolle naar Emmen met de rugzakken lopend naar huis. De tuin is een stuk groener, het is in twee weken echt wel hard gegaan, het thuiswerk wacht weer.

Met pa en ma weer bij gekletst en lekker gegeten.

Lekker nog een weekje vrij en dan er weer volop bij. Maar eerst wat klusjes thuis doen, wat fietsen en cachen.

 

14-06-2015

Vanmorgen eerst aan de wandel vanuit Inverness richting de zee. Het is fris, maar de lucht is blauw en de temperatuur loopt langzaam op zodat we rond het middaguur in onze trui kunnen lopen. Onderweg de 100% elektrische bussen bewonderd, als eerste in Engeland zonder ondersteuning van fossiele brandstof. Ze zijn hier trouwens goed met het milieu bezig. Naast het scheiden van afval bij de publieke prullenbakken zijn met ingang van oktober 2015 alle, ja alle plastic zakken en zakjes verboden in winkels en supermarkten. Geen halfbakken maatregel dus.

Omdat het weer zo lekker is, wat een verschil met gisteren trouwens, besloten we fietsen te huren en wat te gaan peddelen. Wat van de huurprijs afgedongen, 5 pond per fiets, en toen op de pedalen. Het waren fietsen die gelukkig een redelijke maat hadden, een goed zadel en 21 versnellingen. Het ging er goed op.

Onderweg bij Whin Park een bakkie en hapje gedaan. Dit park is speciaal voor kinderen met allerlei klimtoestellen van hout, bootjes en verstopte stenen waarop de Gaelic letters staan met de Engelse betekenis ervan. Dit Gaelic alfabet heeft trouwens 18 letters. Het was er druk met gezinnen met jonge kinderen. Echt een dagje uit dus.

We hebben langs het kanaal en de rivier Nes gefietst tot aan Docharroch Lock. Wij spreken dit uit zoals het er staat met ch, maar de Schot zegt een hele lange ch. Dus iets van Dochchcharrochchch. Dat geldt dus ook voor Lochchch, terwijl wij Loch zeggen.

De lekker ruikende gele bloemen, die naar vanille en kokos ruiken heten in het Engels Conasg. Het is een struik die zeer snel andere planten verdringt en dus een plaag voor de natuur. Al ruiken ze lekker het is geen geliefde plant hier in Schotland. Ook in Tasmanie is deze plant een plaag leerden we gisteren van een echtpaar dat daar woont en hier hun zoon bezoekt. Ze verklaren toeristen die de plant fotograferen voor gek. Zoals wij iemand een foto zouden zien maken van brandnetels.

Het was druk op het water, roeiboten, plezierjachten, zeilboten en de Queen, de ferry van gisteren.

Er hangen bordjes bij het kanaal dat je het visgerei dat je gebruikt moet ontsmetten voordat je in het kanaal of meer mag vissen. Hoe dat moet? Doel is bestijding van visziekte. Nooit van gehoord. Net als de bordjes dat de ontlasting van een hond een kind blind kan maken en dat het daarom opgeruimd moet worden in een plastic puitje. Lijkt me beide ver gezocht maar het zal.

Het kasteel van Inverness lijkt een nieuw gebouw, het is wel gebouwd in 1847 maar het lijkt gezien de andere kastelen die we gezien hebben nergens op. Vreemd.

Vanavond Thais gegeten, buikje weer vol en morgen met de trein naar Newcastle, 5 uur treinen en de bus naar de ferry nemen. Er komt een einde aan de mooie trektocht door Schotland.

 

13-06-2015

Vanmorgen miezerig weer buiten. Na het ontbijt tickets gehaald voor een dagje naar Nessie. Om 10:15 uur vertrekt de bus. We gaan met de bus naar het bezoekerscentrum aldaar, de Corrimony Cairn ontdekken, het beroemde kasteel Urquhart bezoeken en dan weer terug met een boot over het meer en de Caledonian Canal naar het centrum van Inverness.

Sue verwelkomde ons in de bus, zij was de gids en de buschauffeur voor vandaag. Zo vertelde ze dat Inverness in feite betekend aan de mond van de Nes (de rivier) en het de snelst groeiende stad was van europa, in de afgelopen 20 jaar is de bevolking verdubbeld. Daarnaast veel weetjes over haar voorouders die hier woonden, de zalm die met vliegvissen gevangen werd in de rivier, de zeeotters en zeehonden die regelmatig vanuit zee de rivier op zwemmen.

Het is somber weer buiten, we passeren Loch Dochfurr om uiteindelijk bij Loch Ness te komen. We gaan eerst naar Corrimony Cairn, een soort ‘hunnenbed’ bestaande uit een kring van 12 grote stenen waarbinnen een met kleine stenen afgedekte grafkamer ligt. Daar bovenop lag een grote deksteen. In het graf waren de resten van een 1000 jaar oud skelet gevonden was. Het was vermoedelijk van een in die tijd belangrijke vrouw.

Vandaar uit naar het Loch Ness centre & exhibition waar een zeer realistische presentatie was van het fenomeen Nessie. Er werden in een zestal ruimtes films vertoond over de diverse aspecten van Nessie. Uiteindelijk bleef de vraag open: bestaat Nessie of niet? Die vraag moesten de bezoekers zelf maar beantwoorden. Nadat we alles op een rijtje hebben gezet geloven we niet dat er een Nessie rondzwemt in het meer. Wel jammer dat er niets is, het verhaal intrigeert ons en het was mooi als er wel een Nessie was. In de souvenirshop bij het centre was natuurlijk alles met Nessie erop te koop. Van sokken tot  mokken, van sleutelhangers tot ondergoed, van fotoboeken tot bouwpakketten, je kunt het zo gek niet bedenken of Nessie werd er mee uitgebuit.

Toen naar de ruines van Urquhart. Deze resten van een 13de eeuws kasteel staan strategisch langs de oever van het meer en werd uiteindelijk ergens in de 18de eeuw vernietigd door een grote brand. Voor we de ruïne bezochten eerst een film over de historie bekeken. Na afloop gingen de gordijnen open van de koepel en keken we op de resten van het kasteel. Een opvallend en mooi effect van het einde van de film. We hebben de ruïne betreden, de toren en de kelder bezocht via een smalle steile wenteltrap, de kerker bekeken, op de foto met een bewaker in een maliënkolder, en zo een goede indruk gekregen van het kasteel.

Even gewacht op de Queen, de boot die ons terug brengt naar Inverness. Het is Nessie weer, druilerig, mistig, koud en een zachte wind. En daar zaten we dan, midden op het meer, zoekend naar vreemde rimpelingen op het water, een kop die boven het water uitkomt, een staart die op het water slaat. Al met al werd er niets gezien. Loch Ness is trouwens het grootste zoetwatermeer van Engeland, 34,5 kilometer lang, op zijn diepste punt bijna 300 meter diep. De eerste beschreven waarneming van Nessie was in 555 jr. na Christus, en kende een opleving in 1933 toen er een weg rondom het meer was aangelegd. In al die jaren zijn er duizenden getuigen die hun ‘ontmoeting’ met   Nessie beschrijven, al lopen de beschrijvingen wel uiteen.

Er is ook een poging gedaan het snelheidsrecord met een boot op het meer te verbeteren. John Cobb voer op 29-09-1952 met een snelheid van 206.89 mijl per uur over het water. Maar omdat zijn boot na de finish craste en hij daarbij om het leven kwam zodat hij geen poging de andere kant op kon doen, wat wel nodig is voor een echt record, kwam hij daarmee niet in de recordboeken.

Via het meer, de rivier de Ness en het naastliggende kanaal Caledonian komen we bij Inverness aan waar een bus ons terug brengt naar het busstation. Gegeten bij de Jamaicaan, wat een verrassend lekkere keuken lijkt. Het eten smaakte ons geweldig. Een aanrader dus.  

 

12-06-2015

Vanmorgen vertrok de bus pas om 10:10 uur dus we hadden alle
tijd om te ontbijten en nog wat te lezen of puzzelen. Niets voor ons dat
wachten maar het was niet anders. Toen we uitcheckten bleken onze Chinese
kennissen de bus van 09:10 te hebben genomen, ze hadden een briefje voor ons
achtergelaten. We zouden elkaar bij het treinstation in Kyle of Lochalsh wel
weer treffen. Ze hadden dus een bus eerder ontdenkt en moesten daardoor bij het station een uur langer wachten.

De bus was goed gevuld en we reden het uur over dezelfde weg
als we gekomen waren (over de terugreis waar we gisteren over schreven klopte
dus niet). De vraag was hoe komen we het eiland af als de bus ons bij het
treinstation afzet? Er bleken twee bruggen achter elkaar te liggen die het
eiland met het vaste land verbond. Toen we beide bruggen genomen hadden reden
we de plaats in waar het treinstation was. Er daar stonden onze kennissen te
wachten.

Daar een bakkie gedaan en de trein ingestapt. We reden door
de Highlands heen, meren, schapen, bergen, heuvels, grasland, riviertjes alles
er op en eraan. Onderweg een aantal stationnetjes waar de trein niet stopte
maar langzaam doorheen reed. Mochten er passagiers staan dan zou hij stoppen en
ze oppikken.

Het landschap verveeld nooit, de kleuren en vormen, de
stenen muurtjes die helemaal tot de top van de heuvels aangelegd waren, er
waren ook veel modernere afscheidingen te zien, houten palen met draad ertussen
gespannen. De vele houten elektriciteit palen die er stonden zullen allemaal wel
in de grond geboord zijn, de basis van de heuvels was immers steen. Wat een
werk. Gelukkig stonden de palen in de buurt van de rails of de weg zodat het
verdere landschap onaangetast blijft. Zouden er ook plekken op de bergen of
heuvels zijn waar nog nooit iemand een stap gezet heeft? Of waar één maal in de
zoveel jaar iemand komt? Mijmerend trok het landschap aan ons voorbij.

Dan de plekken waar de naaldbomen gekapt waren. Op sommige
delen stond inmiddels wit uitgeslagen ontschorste boomstammen, dood hout dat
daarom waarschijnlijk niet gekapt was. Ook de aanplant van nieuwe naaldbomen
was goed te zien.

Bij Muir of Ord is het landschap veranderd. Op de
achtergrond de heuvels en bergen maar ervoor bijna Nederlandse weiden met
bruine koeien. Zelfs velden met nog jong graan wuifde in de wind. Echt een
groot verschil met de eerdere Highlands. Het was zeer warm in de trein, er wilde maar
één raampje open en dat gaf weinig verkoeling.

Bij het station aangekomen naar ons hotel. Wij zitten in het
Royal Highland Hotel, naast het station gelegen, onze Chinese kennissen zitten
in een gasthouse een stuk verder op. Dus het was onverwachts afscheid nemen en
elkaar een goede reis wensen.

Nadat we ons geïnstalleerd hadden de stad in om eens rond te
kijken. Grote stad, oude gebouwen, moderne winkels een gezellige sfeer al is
het weer wat somber en is de wind fris. We blijven hier drie nachten en gaan
dan weer op reis naar de ferry in New Castle.

 

11-06-2016

Wat vroeger dan gepland naar het ontbijt omdat we om 08:30 uur met de trein willen. Van de Nederlandse eigenaresse hoorden we dat ,een kwartet van wat wij dachten dat het Chinese toeristen waren, ook Nederlands praten. Wat bleek, twee ervan kwamen uit Amsterdam en twee uit Hongkong, waren vrienden van het Nederlandse stel. Zij gingen dezelfde treinreis tot Inverness maken als wij, dus in de trein, ferry, bus en in de eindbestemming Portree veel samen opgetrokken. We vertelden dat we Hongkong een leukere stad vonden dan Singapore, wat echt zo is en gewaardeerd werd door het Hongkong stel. Het Amsterdamse stel heeft een boekwinkel over chineze geneeswijzen, geschiedenis en cultuur in Amsterdam. Maar eens opzoeken op internet.

We gingen voor de eerste etappe van vandaag met de trein naar Mallaig. Topattractie op deze trip is de brug die onder andere gebruikt werd in een Harry Snotter film. De Hogwart Express rijdt er overheen naar de tovenaarsschool. De brug ligt bij het plaatsje Glenfinnan, is 380 meter lang en overbrugt een kloof van 30 meter diepte. De trein reed er zachtjes overheen zodat iedereen foto’s kon nemen van de brug. We passeerden een loch waarvan het water rimpelloos was en de bergen en boten spiegelden in het water als een spiegel. Spectaculair gezicht. Een ander loch bij Lochailort had veel kleine rotseilandjes die boven de waterspiegel uitkwamen. Sommige kaal, andere begroeid met planten en bomen. (red: de kleuren van de bergen!! Wauw.. het gaat van fifty shades of grey naar turqouise, olijfgroen, napelsgeel tot omber en alle mengsels daarvan…. Dit voor mijn schildersvrienden van “deWinde”).

Aan de mooie treinreis kwam veel te snel een eind dus op het station naar de ferry die ons naar Isle Skye brengt. Een vaartocht van een half uur. Het was rustig en helder weer, ook nu weer tussen de eilanden door. Op het eiland in de bus voor een rit van een dik uur naar Portree.

Het Tongadale Hotel opgezocht, spullen op de kamer gebracht en eerst maar eens een hapje eten. Daar was de bediening druk in de weer met vier Italiaanse mensen die hun rekening wilden betalen maar die was al door een ander betaald. Zij spraken slecht of geen Engels, de bediening geen Italiaans. Elke keer legde de vrouw geld op de toonbank, elke keer gaf de bediening het weer terug. De bediening vroeg of ik Italiaans sprak. Nee dus maar ik ging een poging doen. Na twee keer met ze gesproken te hebben in langzaam Engels, begrepen ze dat er betaald was maar snapten ze nog niet wie dat gedaan had. Uiteindelijk liepen ze hoofdschuddend naar buiten, zeiden dat ze morgen weer terug kwamen want als het eten gratis was dan kwamen ze nog een keer terug. Wij moesten trouwens onze rekening wel betalen.

We kwamen onderweg de vier kennissen weer tegen en hebben een stukje opgelopen. Met hen een schat gezocht, vonden ze leuk. We gingen met z’n tweeën de Scorrybreac wandeling lopen van 3 kilometer. Onze kennissen ook maar die zeiden dat we maar verder moesten lopen omdat wij steviger wandelden als zij. Een cache bij een watervalletje gevonden, zo kom je nog eens ergens, en de wandeling vervolgd. Eerst vlak langs de kust, daarna het binnenland in met een pad vol rotsen die later vrij steil omhoog ging. Was goed te doen en niet zo moeilijk als Arthurs Seat in Edinburgh. Benieuwd of onze vier kennissen de gehele route ook gelopen hebben. Onderweg nog een poos staan praten met een Duitse wandelaarster die door Schotland heen trok. Ook de roodborst gezien die sinds kort de nationale vogel van Engeland geworden is.  

Morgen via een andere route met de bus, een ferry en trein naar Inverness.

 

10-06-2015

Gisteravond op de Schotse muziekavond kwam toch de doedelzak ten tonele. Gaaf geluid en wat een longinhoud moet de bespeler ervan hebben. Er werd ook naar de herkomst gevraagd van de aanwezige. De accordeonist noemde landen op, Schotland, Engeland, Ierland, Australie en New Zeeland. Was hij nog een land vergeten. “Nederland” riep ik en we werden welkom geheten. Het ging er bij, mensen zongen mee, klapten en het was gezellig.

Vanmorgen met de trein naar Crainlarich, hadden we op de heenweg ook gereden toen was Crainlarich een tussenstop, daar overstappen op de trein naar Fort William. We waren op het eerste stuk bewust aan de andere kant als de heenweg gaan zitten zodat we een nieuwe kijk op de omgeving hadden. We kregen een enquête formulier van de Scotrail met vragen over de reis en waarom we reisden. Die naar eer en geweten ingevuld.

Het was niet druk in de trein. De conducteur, met bordje met voornaam op het uniformjasje, maakte en praatje toen hij onze kaarten controleerden. Het viel hem op dat er meer Nederlanders dit jaar met de trein reisden. We konden hem niet vertellen waarom dat zo was. Naast de conducteur ook een man met karretje voor warme en koude dranken en snoeperij. Ook deze man had een voornaambordje en kwam halverwege de reis het afval weer ophalen. Want prullenbakken kennen ze hier niet in de trein.

Voor we Crainlarich bereikten het stationnetje van Dalmally bewonderd. Was van buiten aangekleed met uitgestalde spulletjes zoals een grote blaasbalg, een konijn in hok, tafeltjes en stoeltjes, enz. Zag er gezellig uit. Het stationnetje uit 1877 was een lust voor het oog. Wolkenflarden hingen tussen de bergtoppen, terwijl de lucht overwegend blauw was.

Na 10 minuten wachten in Craiglarich vertrokken we naar Fort William. De bergentoppen leken hoger en besneeuwder te worden. Er kwam aan beide zijden van het spoor een vlakte die doorliep tot de heuvels in de beider verten. Er graasden schapen, af en toe een huis, een ruïne van een oud kasteel, de voor en achtergevel van een verlaten huis zonder dak, een ree dat in een stroompje smelt en/of regenwater stond te drinken. Bij een huis hingen schapenvachten te drogen op een lang rek. Er glinsterden waterstroompjes vanuit de bergen die het water afvoerden naar steeds breder worden riviertjes die af en toe wild stromend hun weg vonden. Genoeg te zien dus.

Op het grasland waren veel bultjes zand te zien, geen mollen maar bij elk bultje ook een gat voor nemen we aan nieuwe aanplant. Want op de berghellingen en de vlakte was en werd behoorlijk gekapt.

Trijnie vond de groene heuvels met daarachter besneeuwde bergtoppen niet bij elkaar passen, net of daar een andere film draait.

Onderweg hebben diverse stationnetjes een lodge waar je slapen kunt. Want je waant je hier echt in de middle of nowhere en als je de laatste trein mist kun je er dus blijven slapen. Ik denk dat wandelaars die delen van de Highlands wandelend bezoeken hier ook wel gebruik van maken. Het traject van de West Highland Line is een aanrader, en morgen moet het mooiste deel nog komen werd ons beloofd.

In Fort William eerst Guisachan Guesthouse opgezocht waar we vriendelijk werden ontvangen en een kamer met uitzicht op de rivier hebben. We hebben de spullen gedropt en zijn het niet als spectaculair te boek staande stadje met een wandeling vereerd. Het centrum bestaat uit een lange winkelstraat maar het achterland is schitterend. We hebben een stuk van de Cow Hill Trail gelopen, je begrijpt aan het woordje hill wel dat het klimmen en zweten was in het zonnetje. Op een heuvel aan de praat geraakt met 2 belgische jongeren en 2 fransen waarvan er één een meisje was. Ze trokken al maanden door Schotland, waar je wild mag kamperen. Uiteindelijk de kamer maar weer opgezocht. Even rusten en straks nog eens wandelen.

 

09-06-2015

Vandaag gaan we het eiland Mull verkennen zo’n 45 minuten met de ferry vanaf Oban. Omdat we na het ontbijt nog 50 minuten hebben voor de ferry gaat willen we eerst Pulpit Hill op lopen. Een heuvel net buiten Oban die na het beklimmen een mooi uitzicht over de stad gaf. Het was wel een hele tippel maar we waren tien minuten voor vertrek van de Caledonian MacBrayne bij de gate om de ferry op te gaan. Het was druk, naast auto’s ook veel dagjesmensen zoals wij. Er werd omgeroepen dat we om veiligheidsredenen geen bagage onbeheerd mochten laten en als er toch onbeheerde bagage aangetroffen werd dat deze direct vernietigd zou worden. Hoe zouden ze dat dan doen? Opblazen? Overboord gooien? Wie het weet mag het zeggen.

Aan boord eerst in het zonnetje op het boven dek gezeten, foto’s maken waar iedereen foto’s van maakt. Trijnie zegt: “Wat zal er gebeuren als ik langs de reling ga staan en opeens “dolphines” zou roepen? Die zitten hier echt hoor dus het kan maar ik zie de meute al naar mijn kant op stormen om ze vast te leggen op de gevoelige SD-kaart. We varen tussen bewoonde eilandjes en onbewoonde rotsen door en zien in de verte An t-Eilean Muilech of Isle of Mull liggen. We meren aan In Craignure, stappen in de bus naar Tobermory waar we na een minuut of 40 aankomen.

De weg naar Tobermory is smal, een zogenaamde single track road. In de ferry werd al omgeroepen dat mensen informatie konden krijgen over het rijden op deze wegen. De grap is dat er om de paar honderd meter een uitstulping in de weg zit, de ene keer aan de rechterkant en de andere keer links. De bedoeling is dat als er een tegenligger komt één van beide stopt in zijn uitstulping, die laat passeren en dan weer verder rijdt. Wat de spelregels aangaande wie wanneer moeten wachten zijn ons niet helemaal duidelijk geworden. Wel dat het geen problemen geeft en wij, in de grote bus, negen van de tien keer konden doorrijden.

In de stad, nou ja stad, Tobermory is een ‘boulevard’ met gekleurde huizen, winkeltjes en eettenten, eerst een hapje gegeten in een oude kerk welke omgetoverd was tot The Gallery Shop & Cafe. Oude tafels en stoelen, eenvoudige gerechtjes maar smakelijk, tussen spullen die verkocht werden. Boven de boulevard zien we wat woningen op de heuvelwand staan.

De verleiding niet kunnen weerstaan om in een winkel met de verleidelijke tekst “Tobermory handmate chocolate” rond te neuzen. De zware geur van cacao, naast chocolade ook allerlei hebbedingetjes, was voor Trijnie blijkbaar voldoende om niets te kopen. We hebben daarna nog een Multi gelopen, kwamen in een mooi stukje natuur terecht waar veel met mos begroeide bomen stonden en lagen. De varens, bemoste stenen, het gezang van vogels was het er heerlijk toeven.

Schotland is het land van de whisky, dus de plaatselijke distilleerderij met een bezoek vereerd. De volledige naam op de gevel was “Tobermory est 1798 Isle of Mull single malt scotch Whisky”. Mooi om te zien met hoeveel liefde de rondleider sprak over het proces en de smaak van de whisky. De huidige brouwerij was ruim 200 jaar geleden gebouwd, maar was door allerlei faillissementen en andere problemen maar 100 jaar van die tijd in bedrijf geweest. Het proces van whisky maken was heel eenvoudig, al kan ik het niet zo één, twee, drie navertellen. Wel weet ik nog dat om een rokerige smaak aan de whisky te krijgen met het ‘graan’ roosterde
onder een turfvuurtje en dat het water uit een meer op het eiland komt, dat doordat het hier vulkanisch is een aparte smaak heeft en geeft. Daarna het graan breken, in drie fases koken , en dan destilleren. Mooi waren de vier koperen destilleerketels die door hun vorm een specifieke smaak aan de whisky geven. Uiteindelijk wordt het brouwsel in gebruikte eikenhouten vaten opgeslagen om in 5, 10, 20, 40 jaar tot het uiteindelijke product te komen.

Uiteindelijk de whisky geproefd. Het was te drinken maar voor ons beide niet ons ding. Een belangrijke les gaf de tourleider aan het eind nog mee: “nooit whisky met ijs drinken, daar verpest je de smaak mee” (red: Gerard had ooit een fles whisky die hij weg gedronken heeft met cola!! Een whisky liefhebber zei toen tegen hem: dat is een doodzonde!!)

Dat er ook otters op het eiland leven en dat deze beschermd worden zagen we duidelijk aan een auto die langs de stoep stond. Nog wat rondgewandeld en de bus naar de ferry weer opgezocht. Nu zitten we naar schotse muziek te luisteren in de lobby van het hotAccordeon en orgel, dus tot nu toe nog geen doedelzak.

Morgen gaan we naar Fort William, maar dat lezen jullie dan wel weer.  

 

08-06-2015

Vanmorgen de spullen gepakt, ruggen beladen, sleutel ingeleverd en op stap naar het station. We reizen vandaag via Haymarket, Falkirk, Croy naar Glasgow Queensstreet waar we moeten overstappen. De reis gaat voorspoedig, het landschap glooid en het is niet al te druk in de trein.

In Glasgow moeten we overstappen naar Oban, een reis van ca. 3 uur door de Highlands. Eerst een bakkie pleur en kijken naar de mensen die bepakt en bezakt van en naar de perrons lopen. Ik zie mensen zout in hun koffie doen, vreemd, zal dat lekker zijn? Ik eens naar zo’n potje kijken is het vanille wat ze bij de koffie doen. Logischer dan zout maar of dat lekker is, maar eens proberen bij een volgende gelegenheid.

Glasgow is de grootste stad van Schotland, 750.000 inwoners terwijl Edinburgh, de hoofdstad er 450.000 heeft. Betekend wel dan één vijfde van de 5 miljoen Schotten in deze twee steden wonen.

Het is rustig weer, wisselend bewolkt en een graad of 18. De wind is bijna helemaal gaan liggen. Dan de trein naar Oban. Hebben we twee banken tegenover elkaar met een tafeltje ertussen tot onze beschikking. Links van de trein stroomt de rivier de Clyde, een brede getijde rivier, met nu drooggevallen oevers waar rotsblokken op de slikgronden liggen. Een cruiseschip ligt voor anker bij een plaatsje aan de overkant. Vanaf Helenburgh Upper begint de trein te klimmen en de rivier komt steeds verder in de diepte te liggen. Achter in de trein hangen fietsen aan hun voorwiel. Verre van ideaal maar ze kunnen in ieder geval mee. De heuvels worden bergen, op de bergen plekken met sneeuw dus dat is serieus qua hoogte.

Dat schotten net friezen zijn blijkt wel uit de tweetalige namen. We passeren Garellochhead dat op zijn schots Ceann a’ Gheárrloch is en Arrocher & Tarbet wordt An t-Archar & an Tairbeart. De namen staat dus beide op de stationsbordjes. Nu was er vorig jaar een referendum waarin de schotten konden kiezen of ze wel of niet onafhankelijk wilden worden van Engeland. Ben benieuwd of de friezen dit ook nog eens gaan doen.

Natuurlijk onderweg foto’s genomen, maar de begroeiing maakte dat best lastig. Mooi plaatje, camera aan, bosjes. Waarom kappen ze die zooi niet zodat ik als toerist mooie plaatjes kan schieten? Op de hellingen van de bergen veel naaldbomen, in het dal loofbomen, op de grasvlaktes schapen. Indrukwekkend de verlatenheid en ruigheid tussen de plaatsjes. Af en toe een huis in de middle of nowere. Er doemen meren op, zoals Loch Lomond, langgerekte in breedte variërende meren    met een vissersbootje en wat vogels. Soms kleine snelstromende riviertjes die regen- en smeltwater afvoeren, soms zelf een heus watervalletje wat vanaf grote hoogte het water naar benden laat kletteren. Al met al genoeg te zien en we kunnen ons niet voorstellen dat we al 2 uur in de trein zitten.

In de trein reizen we met een 8 dagen kaart welke we in 15 dagen moeten besteden. We hebben hem éénmaal op het station laten bekrachtigen en wat we nu alleen nog maar doen hoeven is zelf de datum van de reis op de kaart te schrijven. De conducteur controleert of er een datum staat en klaar is Kees. De kaart is op zo’n dag ook geldig voor een aantal bussen en de ferry. Makkelijke manier van reizen in de redelijk comfortabele treinen. In de trein komt iemand langs met een karretje waar koffie, thee, frisdrank, snoeperij gekocht kan worden. Er is een wc aan boord dus het ontbreekt ons aan niets. Wat we wel missen is het geluid en de geur van de natuur die we op de fiets wel beleven. Maar ja dit is een ander soort vakantie.

We raken in gesprek met een Amerikaans echtbaar Pat en Darrel, die een paar maanden door Europa trekken.  Wat weetjes uitgewisseld, eerdere vakanties besproken en dan, zoals Amerikanen zijn, hun adres en email gekregen voor als we in de buurt van Florida of Penselvenia waren. Wij natuurlijk ons adres gegeven. Er is in al die jaren maar tweemaal iets van gekomen dat we bezoek kregen van iemand waarmee we in de vakantie contact hebben gehad, maar het komt zo in het contact ter sprake en dan wissel je de gegevens uit.

In de havenstad Oban eerst Royal Hotel opgezocht, spullen op de kamer en aan de wandel. Eerst elk een maaltijd met zalm genoten en toen langs de kustweg een wandeling gemaakt. Er ligt een driemaster, de Flying Dutchman voor anker in de haven. Natuurlijk fotootje voor Cody geschoten. Geen oud schip maar het heeft een aantal keren meegedaan aan de Race of the Classics. Terwijl Trijnie naar oorbellen aan het kijken is heb ik op het strand schelpen gezocht, meeuwen, bonte kraaien en steltlopertjes langs de vloedlijn bewonderd en St. John’s Cathedral bezocht, een mooi kerkje met dito interieur. Tijdens de wandeling tientallen eilanden en eilandjes in de zee zien liggen, Isle of Mull, Maiden Islend, en kleinere eilandjes welke als een groot rotsblok uit het water steken. Op de vaste wal een begroeid kasteel met de naam Dun Ollie op grote hoogte zien staan.

Nu weer op de kamer, de dag van morgen aan het voorbereiden.  

 

07-06-2015

Vanmorgen met de benenwagen naar Holyrood Park, waar we de vierde heuvel willen
beklimmen, Arthur’s Seat. En dat was me een klim. Zo’n 250 meter omhoog over
zandpaden maar het meest over met natuurstenen belegde trap. Stap voor stap
hoger. Soms was het pad breed, soms was hij smal. Eendrachtig stap voor stap
naar boven en tussendoor even uitpuffen, want de jaartjes gaan tellen.

De laatste 30 meter was zo steil dat Trijnie het voor gezien hield. Losse stenen, veel
losse steentjes ze vond het niet prettig verder te gaan. Toch een overwinning
voor haar om zo hoog te komen. Daarom alleen de top bereikt, waar de wind vrij
spel had en daar moest ik rekening mee houden want je werd zo omver geblazen.

Wat een mooi uitzicht over Edinburgh, diep gelegen onderaan de heuvel, de Calton Hill van
gisteren lag onder me. Magnifiek. En toen het rotste van de beklimming, de
afdaling. Geconcentreerd stapje voor stapje gingen we naar beneden. “Oeps”
hoorde in achter me, Trijnie was uitgegleden over de losse steentjes en
zachtjes op haar kont gevallen. Gelukkig geen schade. Even later gleed mijn
linkervoet weg, en viel ik met mijn rechter onderbeen onder mijn kont half op
mijn zij. Gevolg pijnlijke enkel, pijnlijke duim en een scheur in mijn broek
door een scherpe steen. Even staan hinkepinken maar ja we moesten verder dus
bewust de voet blijven afrollen en door
de beweging werd de pijn minder. Lijkt goed te zijn gegaan, mede door de hoge wandelschoenen
die ik draag. Onderweg naar beneden een hermelijn die een uitweg zocht van het
pad. Mooi gezicht.

Beneden gekomen over een normaal pad, een lekker gevoel
ontspannen te kunnen lopen, naar het station Waverley omdat we naar Falkirk
willen. Toen Amber hoorde dat we naar Schotland gingen zei ze gelijk: “dan moeten jullie ook naar de Kelpies
gaan, twee reusachtige paarden van metaal”. Waarom ze wist dat die in Falkirk
te zien waren weten we niet maar we zijn daar naar toe geweest.

Onderweg een winkeltje gezien met schotse rokken, witte blouses, zwarte sokken en een mooi
leren buideltjes. Leek ons wel leuk voor Amber. We hebben een dito setje voor Cody gekocht, natuurlijk in de mannelijke
vorm. Dus we hebben nu helemaal geen ruimte in de rugzak meer.

Eerst met de trein naar Edinburgh Park gegaan en daarna met de bus naar Falkirk, er werd
namelijk aan het traject gewerkt. We reden langs de stations van Linlithgow,
Polmont en Laurieston om mensen op te pikken of af te zetten die normaal met de
trein zouden gaan. In Falkirk zou een bus rijden langs de bezienswaardigheden
waaronder de Falkirk Wiel en de genoemde Kelpies. Maar we vroegen wat rond en
niemand leek van het bestaan te weten. Uiteindelijk te weten gekomen dat bus
100 langs de bezienswaardigheden reed. Niet lang hoeven wachten voor we konden
instappen. Bij elke bezienswaardigheid hadden we een uur de tijd om rond te
kijken en lopen.

Mijn enkel en pink waren door het zitten stijf geworden waardoor ik steeds even op gang moest
komen, bewust lopen, voet afrollen, pijnlijk.

Eerst naar Falkirk Wheel, de enige draaiende scheepslift ter
wereld. Hij brengt scheepjes van een hoog gelegen kanaal naar
een 35 meter lager gelegen kanaal brengt. Vroeger waren er elf sluizen nodig om
dit hoogteverschil te overbruggen. Kijk maar eens op Youtube om het filmpje te
bekijken. Indrukwekkend gezicht. Vooral als een scheepje de lift invaart, aan
het eind zie je alleen lucht, net alsof de aarde plat is en het scheepje zo over
de rand kan vallen. Zoals scheepvaarders vroeger ook geloofden.

Daarna naar de Kelpies. Twee dertig meter hoge paardenkoppen van metaal, de kunstenaar
noemt het waterpaarden en ze zijn indrukwekkend. Als torens boven het landschap
uit, glinsterend in de zoon, opgebouwd uit verschillende metalen platen, Trijnie
gaf er één een kus, tenminste met wat gepriegel en proberen lukte het om haar
zo op de foto te krijgen. Het was een goede suggestie van Amber om daar naar
toe te gaan.

Een waarschuwingsbord bij het water wat rondom de paarden staat was in deze tijd
van het jaar grappig. Pas op voor het ijs op dit water, als je er doorzakt kun
je verdrinken. Het weer was goed, veel wind maar blauwe lucht, geen regen, en
een graad of 18. Te warm voor ijs op het water dus.

Met de bus weer terug naar Edinburgh, elke keer weer opnieuw mijn stijve enkel op gang
helpen, nog wat boodschapjes gedaan en ons vanavond voorbereiden op de
treinreis via Glasgow naat Oban.

Oja, voordat de kleinkinderen in paniek raken, het kopen van de schotse kleding is een
grapje. Flauw hé? Of zien jullie je daarin al door Emmen lopen?

 

06-06-2015

Er staat een harde wind, windkracht 7 schatten we, af en toe een buitje waar je niet echt
nat van wordt en de regenboog aan de hemel als door de wisselende bewolking de
zon piept. Het is zo’n 14 graden dus een lekkere wandeltemperatuur.

Vandaag gaan we in Edinburgh rondlopen. Edinburgh is gebouwd op heuvels en in de omgeving
liggen er zeven met bouwwerken erop. Het is dus op en af, steile wegen, vals
plat en trappen met tientallen treden. Eerst naar de heuvel Castle Rock, waarop
Edinburgh Castle staat en hoog boven de stad uit torent. We zijn vroeg dus hij
is nog niet open voor bezoek. Op het plein zijn volgens de boekjes 300 vrouwen
verbrand die er van verdacht werden heks te zijn. Op de weg ernaartoe een
kiltenwinkel bekeken, waar naast kilten ook handschoenen, mutsen, dassen,
rokken, enz. verkocht werden met diverse schotse ruiten. Een hoop kabaal deed
ons opschrikken, er werden een tweetal grote vuilcontainers omvergeblazen en
die schoven de steile weg af.

Vandaar naar Calton Hill gelopen. Op deze heuvel het nationale monument welke op geheel
Griekse wijze gebouwd is met 12 pilaren.
Een prachtig uitzicht over een deel van de stad met de zee in de verte
op de achtergrond. Opvallen ook de vele pijpen die op de gemetselde
schoorstenen staan. Elk huis heeft er minimaal twee, sommige wel tien. Natuurlijk
een bezoekje gebracht aan de Old Calton Cemetery, oude graven van 1800-1900,
sommige omgeven door muren als een huisje. Sinistere omgeving, Stephen King
waardig. In China hebben we een begraafplaats bezocht met “echte” huizen waarin
ook zwervers/familie leken te wonen. Hier in één “huisje” stond een tent, hier
overnachtte dus iemand.

Vandaar uit op pad naar Corstorphine hill, zo’n 6 km van Calton Hill staan. Maar eerst eens
een bakkie en een hapje doen. Ik zie toevallig een boekhandel ‘Waterstones
Edinburgh West end’ waar boven koffie en lekkers te koop is, met uitzicht op
het Edinburgh Castle.

Verkwikt lopen door de stad met zijn vele oude gebouwen, een Primark van vijf verdiepingen de
lievelingswinkel van Amber, en komen in een buitenwijk. Hier Wassenaarachtige
huizen, natuurlijk andere bouwstijlen maar toch lijkt het de dure buurt. We
volgen het riviertje de Leithe via de walkway een stuk, we zien
stroomversnellingen en een heuse waterval. Uiteindelijk de heuvel beklommen langs smalle
wandelpaden, fluitende vogels en mooie doorkijkjes naar de stad in de verte.
Een golfbaan op de flanken van de heuvel en verder omhoog gaat het. Uiteindelijk
komen we bij de toren ter memorie van Sir Walter Scott. Er schijnt ook nog een
dierentuin op de flanken van de heuvel te liggen maar die hebben we niet
ontdekt.

Dan zijn er nog de Craiglockhart Hill, Braid Hill, Blackford Hill en Arthur’s Seat maar
daar zijn we niet aan toe gekomen.

We lopen vanaf Corstorphine Hill via Ravelston wood, Inverleith park via een omweg naar
onze bedden toe. Onderweg een sportdag voor kinderen bekeken, 3 jongens in vol
schots ornaat (rok, sokken, buidel, enz.) die een optreden gaven op de
sportdag. In het park werd cricket gespeeld, ik snap geen bal van de
puntentelling, en honden uitgelaten.

Als we de afstand moeten schatten hebben we zo’n 25 km gelopen vandaag. Natuurlijk niet
aan één stuk door maar met regelmatige pauzes in kleine eetgelegenheden of
zomaar in de zon op een muurtje. En bij al die gelegenheden deed Trijnie haar
schoenen uit. Wat zullen ze daar van gedacht hebben?

 

05-06-2015

Na een nacht van minder geslapen te hebben naar het ontbijt. Daarna nog even luieren in de
hut en de ferry uit om via de douane naar de bus te gaan. Maar dat was een
actie waar we veel geduld voor moesten hebben. We hebben wel een uur moeten
wachten voor we door de douane heen konden. Computerstoring, alle paspoorten
moesten namelijk ingescand worden. Uiteindelijk naar de bus die ons naar het
station van Newcastle upon Tyne ging brengen. Onderweg het bekende fietsbordje
van de Hadriansway, route 72, en in de stad het mooie stationsgebouw waar we
vorig jaar waren wezen zoeken naar een cache. Afscheid genomen van de
Hoogeveense, een prettig gestoorde vrouw, en kijken wanneer de trein ging. De
trein waarvoor we geboekt hadden en plaatsen gereserveerd was door de
vertraging al een 20 minuten vertrokken. Maar geen probleem, we konden de trein
van 11:40 uur nemen.

Even tijd
voor een bakkie en wat broodjes en daarna de trein in. We tuften langs de kust
naar Edinburgh, één halte onderweg waar hij stopte en na 100 minuten stonden we
in Edinburgh op station Waverley in het centrum van de stad. Nu opzoek naar
Cavarel House waar we drie nachten zouden verblijven. Een beetje zoeken maar
toen de GPS bereik had waren we er toch nog redelijk vlot. Daar keek de
eigenaar vreemd op van onze komst. “Hebben ze jullie niet bereikt van het reisbureau?”:
was zijn eerste vraag. We ontkende en toen kwam de aap uit de mouw. Er was
gisteren een waterleiding gesprongen en de kamer had blank gestaan en kon niet
gebruikt worden. “Maar ik heb een ander adres voor jullie, een luxe appartement,
Easylet Apartments aan de Hopetoun Crescent, hier vlak bij”.

Wij blij dat
we niet zelf hoefden te zoeken naar een andere slaapplek. Hij tekende de te
lopen weg uit op een plattegrond, belde de verhuurder en moesten ter plaatse in
sleutelkastje 7 via een code de sleutel van het appartement ophalen. En nu
zitten we in een luxe appartement, 2 slaapkamers, 2 badkamers, zitkamer,
keuken, vaatwasser, wasmachine, koelkast met diepvriezer., vaatwasser enz.
Kortom ruimte en luxe. Nadeel: zelf voor ons ontbijt zorgen morgenvroeg. Maar
daar hebben we winkels voor.

Het is
wisselend bewolkt en het begint te druppelen toen we het appartementengebouw
zochten. Later begon de zon weer te schijnen. Er staat wind maar een jas is
niet echt nodig.

Na het appartement
verkent en de rugzakken deels uitgepakt te hebben lopend naar Walverley Station
om reisschema’s op te halen want we willen een dezer dagen naar Fallkirk. Waypointje
gemaakt zodat we er zo weer naar toe kunnen lopen. Onderweg gewinkeld en voor
het ontbijt de benodigde spullen ingeslagen. Ook wat soep gekocht om warm te
maken.

En nu zitten
we te bekomen van de afgelopen twee dagen zodat we morgen weer fris op pad
kunnen. Waar dat ons naartoe leidt zien we morgen dan wel weer.

 

04-06-2015

Vanmorgen startte de reis naar Schotland. Met de trein van Emmen via Zwolle naar
Amsterdam Centraal. De zon scheen aan een blauwe hemel, weinig wind een graadje
of 20. Onderweg koeien in de wei, grazend om melk te maken. Twee bepakte
fietsers reden in T-shirt langs de spoorweg. Jaloerse mijnerzijds blik? Deze vakantie
niet rondtrekken op de fiets maar onszelf laten vervoeren met treinen, boot en
bussen. Voor het eerst met rugzakken op stap. Backpackend door Schotland. De
eerste uitdaging was het inpakken van de rugzakken door Trijnie. Voor de
fietstassen heeft ze al zoveel routine dat het vanzelf lijkt te gaan.
Natuurlijk ook nu weer gebruik gemaakt van onze vakantielijst maar waar moeten
de zware dingen, dingen die je makkelijk moet kunnen pakken moeten bij de hand
zijn, kwetsbare zaken moeten goed beschermd zijn. Maar de beide rugzakken waren
goed gevuld toen we ze op de schouders namen naar het station. Nog een beetje
fine-tunen met de afstellingen van de rugzakken en ze zitten goed. Maar dat bijstellen
zal de komende dagen wel vaker gebeuren.

We waren nog
niet bij Coevorden of we zaten al aan een bammetje. Net als op schoolreis, nog
maar koud onderweg en het (vr)eten begint. Kieviten zijn druk met hun
schijngevechten om de rovers bij hun jongen weg te houden. Bij de
Oostvaardersplassen langs het spoor tientallen reeën grazend tussen het dode
hout. Paarden en schapen liepen verder weg van het spoor. Langs Almere zus en
Almere zo uiteindelijk op het centraal station in Amsterdam. Daar kunnen we om
drie uur met een bus naar IJmuiden om aan boord te gaan. Eerst maar ergens iets
gaan happen, een wandelingetje door het centrum maken (oefenen) en dan voor het
Victoria hotel de bus naar de boot pakken.

Het wandelen
met de rugzak valt niet tegen. Natuurlijk is het wennen met meer gewicht op de
schouders dan normaal maar het lijkt wel te lukken.

Bagage
onderin de bus, luiken blijven open dus ik hou, samen met de chauffeur de
wacht. Samen omdat aan beide zijden van de bus onverlaten bij de bagage kan.
“En dit is wel Amsterdam”: zei de chauffeur veel betekend.

Met de bus
rijden we voor de ons bekende boot (vakantie Engeland 2014) en het inchecken
gaat snel. Hut 773 op dek 7. Dus niet zoals de vorige keer dek 5 waarbij we
onszelf in de buik van het schip voelden.
Er valt niet veel te ontdekken dus we zitten in onze hut, scharrelen wat
rond, staan buiten naar de passerende boten te kijken, hetzelfde windmolenpark
wordt gepasseerd.

Er staat, in
tegenstelling tot maandagnacht, bijna geen wind dus alleen een lichte deining
van de boot over een nagenoeg vlakke zee.

Wat gehangen
in de bar, een gitaarspeler zong en tokkelde, een groep luidruchtige Engelsen
klapten luid met de songs mee. In gesprek met een Nederlandse vrouw dat
vanmorgen besloten had om te gaan wandelen in Engeland en Schotland. Ze is
eigenaresse van een bedrijfje in
Hoogeveen, had een bordje op de winkel deur gedaan dat deze gesloten was,
kleren in een plastic zak en een schoudertas en impulsief aan boord gegaan.
Moest nog een rugzak kopen, had geen landkaart maar zoals ze vertelde: ik
spreek engels, heb geld dus het zal wel lukken.
Natuurlijk impulsief maar ach je bent in Europa, wat kan je gebeuren?

We slapen
vannacht niet zoals de vorige keer naast elkaar maar boven elkaar. Trijnie gaat
boven liggen, ze durft niet onder mijn gespierde lichaamsgewicht te liggen als
ze slaapt. Wel deze keer een bankje in de hut en natuurlijk douche en wc.