2014 Engeland

Onze trip in Engeland 2014

attentie: de foto''s worden nu ook regelmatig bij de verslagen geplaatst. Met dank aan Sascha.

16-09-2014

Na een rustige nacht slapen op het gebonk van de scheepsmotor en het ontbijt is het tijd om eens terug te kijken op onze vakantie. Engeland, het is er dan toch van gekomen na een aantal keren uitstellen in verband met het verwachte weer. En dat laatste hebben we ontzettend mee gehad. Op de eerste dag twee buien en de laatste dag miezerregen heeft mede deze vakantie geslaagd gemaakt. Daarnaast heeft het land, in het gebied waar wij gefietst hebben, een onvergetelijke indruk gemaakt. Soms wel eens puffen als we weer een bult op moesten, soms balend van een slecht pad wat we moesten af dalen maar verder een aanrader voor een ieder.

Wat viel ons nog meer op de afgelopen weken:

-          - Mooi afwisselende landschappen

            - Hondendrollen in plasticzakjes gedragen door de eigenaar

-          - Veel onnodige waarschuwingsbordjes

-          - Prijzen gelijk of net hoger dan in Nederland

-          - Pubs hier s avonds goed gevuld, openbare dronkenschap

-          - Veel Indiase restaurants [India vroeger kolonie van Engeland]

-          - Mensen over het algemeen behulpzaam en vriendelijk

-          - De vele memorie bankjes op mooie plekjes in de natuur of op de boulevard

-          - Het verkeer dat rekening houdt met de fietser

-          - Het links rijden wat geen problemen geeft

-          - In elke plaatsje of zomaar onderweg wcs, schoon en met toiletpapier

-          - Overal bordje of stickers “met hondenstront meenemen” en “geen alcohol op straat nuttigen”

-          - De muurtjes tussen de landerijen en langs de weg

-          - De vele ruïnes van kastelen en kerken

En nu de statistieken van deze vakantie.

-          - 19 dagen weggeweest, waarvan 2 dagen heen en weer reizen

-          - totaal 14 dagen gefietst

-          - gefietst 772 kilometer, dus gemiddeld 55 kilometer per dag

-          - in Engeland gevonden 185 caches, dus gemiddeld 14 per dag

En dan nu weer in het gareel. Nog een paar dagen vrij en dan begint het geregelde onregelmatige leventje weer. We hebben er weer zin in.

15-09-2014

Vanmorgen toen we opstonden vieze miezer. Het was grauw buiten en weinig zicht. Echt Engels weer zullen we maar zeggen. Na het ontbijt eerst op de kamer wat gebivakkeerd in de hoop dat het buiten droog zou worden. Vanuit ons hotelkamerraam de ruitenwissers van de passerende autos in de gaten gehouden. En rond 10:00 uur was het blijkbaar droog dus de fietsen opgehaald en met de lift naar de groundfloor gebracht, er past net één fiets in de lift. We kunnen pas vanaf 14:30 uur inchecken en varen om 17:00 uur plaatselijke tijd weg, dus we kunnen nog even wat rondtoeren. De temperatuur buiten is redelijk en er staat weinig wind.

We fietsen de route 72, Hadrians Wall, voor het grootste gedeelte in omgekeerde volgorde. Via Walken, Wallsend naar Tynemouth. Onderweg miezert het af en toe even maar het blijft overwegend droog. Onderweg blikken van herkenning qua route maar ook blikken van zijn we hier ook langs gekomen. Is altijd zo als je een route van de andere kant af fietst. Bij Tynemouth nog in een outlet winkelcentrum rond gekeken en wat gegeten. Nog even inkopen gedaan bij een supermarkt zodat we op de boot wat te drinken en kanen hebben. Zonder problemen, met één fiks buitje vlak bij de ferry, komen we bij de incheckpoort van de ferry. Paspoortcontrole, tickets voor de fietsen en de hut en wachten tot we het ruim in gedirigeerd worden. Fietsend de metalen oprijbaan op, fietsen in een hoekje van het ruim vastgesjord met een sjorband en onze hut opzoeken. We zitten op dek vier en het was nogal een stuk lopen om er te komen. Had ook binnendoor gekund maar daar werden we toen we vlak bij de kamer waren op gewezen. Makkelijk voor morgenvroeg.

Het afmeren van de boot eens even bekeken. De looptunnel voor de passagiers zonder vervoermiddel moest steeds een stukje zakken tijdens het beladen van de boot. Verder blijft het onverstelbaar al die vrachtwagen en personenautos die er op gaan. De trossen worden losgemaakt, vreemde gewaarwording zo het land achter je te laten, en in de boot getrokken, dan keren en daar gaan we de zee weer op. Eerste stuk over de Tyne, met blik op daar waar we gefietst hebben. We herkennen het Romeinse fort, de beide pieren en de vuurtoren.   En dan is het zee, zee en tussendoor zee. Er is wat meer deining dan de heenreis.

14-09-2014

Vanmorgen rond 09:30 uur aan de wandel. Het is in tegenstelling tot gisteravond rustig op de boulevard en in de stad. Aan de praat met de schipper van een rondvaart boot. Deze gaat de Tyne af richting zee of richting land, je kunt kiezen. Hij was in een niet te beste bui zei hij, gisteren gewed op een drie nul overwinning van voetbalclub Lancaster, hebben echter verloren van Southampton met vier nul. Weg geld. Hij dacht dat we uit Noorwegen kwamen. Manchester United had nog niet gespeeld. Die van Gaal is een kwaaie zei de schipper, als je niet speelt krijg je ook geen geld, en zo hoort het ook voegde hij er aan toen. Het is zwaar bewolkt en we hopen dat we het droog houden vandaag. De zeewind is fris.

Vanmorgen eerst eens kennis gemaakt met de grote brand van 06-10-1854. Deze begon in een molen en sloeg over naar een nabijgelegen warenhuis, die ook in vuur en vlam werd gezet. Deze laatste explodeerde waarbij de massaal toegestroomde mensen op de bruggen en bootjes op de rivier gewond raakte of stierven. Daarna met de wereld beroemde roeier James Rentfort en zijn lotgevallen tijdens een roeiwedstrijd in 1871 om het wereldkampioenschap in Canada waar hij plotseling overleed. Deze in Gateshead, aan de andere kant van de rivier Tyne, geboren roeier was in Engeland beroemd om zijn roeicapaciteiten tijdens de universiteits roeiwedstrijden op de Theems. Een beeld waarin hij in de armen van Henry Kelley, zijn grootste concurrent overleed. Hij ligt op het kerkhof in Gateshead, begraven(red: 27 jaar jong).

Het wandelen hier is best pittig, geen straat lijkt vlak en het is of trappen met tientallen treden bestijgen of hellende straten op lopen. We zijn over de groene Tyne Bridge gekomen, een gigantische staalcontructie waarin duizenden grote klinknagels verwerkt zijn. Deze brug is in 1928 geopend door koning George V. Opvallend als je op hoogte loopt zijn de tientallen schoorstenen met soms wel 9 rookkanalen. Elk rookkanaal heeft een grote aardewerken uiteinde die vaak ook nog in vorm van elkaar verschillen. Ook een daktuin tussen de daken van de huizen trok onze aandacht. Een oude katholieke kerk met de naam van Sint Willibrord was het bekijken waard. Er was een pastoor aan de gang met wierrook. Eén vrouw zat in de banken en volgde de mis in haar eentje.

Er was een braderie langs de oevers van de Tyne, naast eetkramen ook allerlei leuke en voor ons aparte dingen. De portemonnee hier dicht gehouden. Toen de millenniumbrug weer over naar Baltic Centre for Contempary Art. Deze oude meelfabriek is omgetoverd tot een expositie gebouw voor kunstenaars. Daar was werk van de ons onbekende Daniel Buren een in 1928 geboren fransman te zien. Een verdiepingsvloer met spiegels waarin je de mensen en de gekleurde ramen van het dak weerspiegeld zag. Een ander verdiepingsvloer hingen blokken en doeken aan de wanden in allerlei kleuren. Deze tentoonstellingen heten “catch ad Catch can: Works in situ. We hadden beiden zoiets van het zal wel. Het kon ons niet raken, we zagen blijkbaar de schoonheid en het diepere doel ervan niet. Wel gaaf was het trapportaal. Toen ik over de rand keek, toen we op de vijfde verdieping waren, zag ik een onmetelijke diepte. Werd veroorzaakt door een spiegel die op de begane grond lag. Ik kon Trijnie verleiden om naar beneden te kijken, wat een overwinning voor haar is in verband met haar hoogtevrees. Ze vond het maar niks. Er was een ruimte waar kinderen en grote mensen konden experimenteren met figuren en kleuren. In het bijbehorende winkeltje waren een hoop leuke dingen te koop, weer een bal gescoord.

Na een korte stop op de kamer weer aan de wandel om 17:00 uur. Het begint wat te spetteren, paraplu natuurlijk op de kamer. Gelukkig bleef het bij wat gespetter, even later is het weer helemaal droog. Op de stoeprand stonden de woorden: “From here it is nine thousand two hundred and fifty seven centimetres [how are you feeling?] to here”. Waar naar toe? Waarom staat het er? We hebben het niet kunnen ontrafelen.

NewCastle is een leuke stad, zoals gezegd veel op en neer, veel bruggen op een korte afstand van elkaar. Door de hele old town zijn stukken van de kasteelmuur te zien. Ook zie je dat de oude gebouwen door de vernieuwing helemaal ingesloten zijn. Je kunt ze eigenlijk alleen maar van dicht bekijken en niet vanaf een grote afstand. De indrukwekkendste brug is de witte millenniumbridge, die tot onze verbazing kan kantelen om er de schepen door te laten.

13-09-2014

Na het ontbijt op de kamer vandaag de laatste etappe van de fietsvakantie.

Maandag nog naar de ferry fietsen maar dat tellen we maar niet mee.

Eerst de weg zoeken in Sunderland, bij de rivier de Wear rondgesnuffeld en toen via Mark en Spencer voor de versnaperingen voor onderweg.

Terwijl Trijnie boodschappen deed het breakfast menu van de Mac. Donalds een bestudeerd.

Is echt gericht op een Engels ontbijt met worstjes, bacon, witte bonen, scrambled ei en toast.

Route 1 snel gevonden en maar eens kijken hoe die ons naar Newcastle upon Tyne leidt.

De lucht is blauw, en zonnetje sterk en de frisheid verdwijnt spoedig en maakt plaats voor lekker fietsweer.

We fietsen de stad uit, komen langs de Sint Peters kerk. Vreemd aan deze kerk is dat hij in een diepte ligt.

Niet zoals we veel zagen op een bult. Hij stamt uit de 12de eeuw, mogelijk is nadien de grond rondom de kerk opgehoogd. We komen bij de kust, een lekker zonnetje en de eerste schaft is heerlijk.

Veel mensen lopen of fietsen langs de kustweg.

Er zijn er zelfs twee die in de zee aan het zwemmen zijn.

Lijkt ons iets te veel van het goede.

De kustweg maakt plaats voor een zandpad dicht langs de rotsen van de kust.

Een groep vogelaars staan met telescopen naar de vele steltlopertjes te loeren die aan de waterlijn aan het fourageren zijn. Heerlijk fietsend, het beetje wind dat er is in de rug, en in T-shirt, komt aan dit pad een eind en moeten we een stukje het binnenland in.

Een aparte molen uit 1796, met op de wieken veel spreeuwen, staat op een bult om zoveel mogelijk wind te vangen.

Zal nu niet meer lukken want in der tijd zijn er huizen voor gebouwd.

We komen in Whitburn, aan de zuidkant van de rivier Tyne gelegen.

Een oude limekilns fabriek uit 1870 staat aan de kust.

Hier werden limestones verhit zodat met de ontslakte limestenen calcium oxyde gewonnen werd om het land te ontzuren, cement te maken en aan de chemische industrie te leveren.

We hebben tijdens de fietstocht bij de Hadrians Wall een enkele limeskilns oven gezien.

We fietsen South Tyneside binnen, rijden over de boulevard en zien aan de overkant van de Tyne een ruïne opdoemen.

In deze plaats is een speciale Catherine Cooksen trail, een wandeling langs huizen en plekken die een rol speelden in het leven en de verhalen van de schrijfster.

We bereiken de monding van de Tyne, besluiten niet met het veer voor voetgangers en fietsers de rivier over te steken maar om aan de zuidzijde ervan te blijven.

We volgen route 14, de Keelmansway.

We zien de ferry van IJmuiden liggen en peddelen door de natuur en de huizen richting Newcastle.

Aan de overzijde van de rivier liggen de industrieën van Newcastle, velen zijn gericht op scheepvaart. We staan bij de millennium brug, waar we 15 dagen geleden ook bij gestaan hebben. Nu fietsen we hem over om een hotel te zoeken voor de laatste 2 dagen hier.  

We slapen in Premier Inn, vlak bij het centrum.

Na ons te hebben geïnstalleerd en een Multi langs pubs te hebben voorbereidt, op pad gegaan. We komen langs oude pubs in het centrum, zien mooie kerken, het Newcastle kasteel, een paard met sokken en rolschaatsen aan, een klokje aan de gevel van een gebouw en vinden uiteindelijk het kleinnood.

Na nog even wat gekocht te hebben voor de avond en een Indiaas restaurant te hebben bezocht weer naar de kamer.

12-09-2014

Vanmorgen eerst de drukke snelweg af rijden tot de stad Middlesbrough, gelukkig was dit maar een kort stuk.

In de stad gingen de jongeren naar school, zelfde schooluniformen, verschillende kleuren stropdassen.

Ook de wichters hadden een stropdas voor.

Het is nog nevelig en fris, maar de zon breekt steeds verder door.

We rijden door achteraf straatjes door de buitenwijken van de stad, we willen route 1 weer vinden en dat lukt ons.

Maar nu de rivier de Tees nog oversteken.

Met de blauwe transporterbrug, een hoge stalen constructie waarin een gondel hangt die omhoog en naar de overkant gaat lukt het niet, is in onderhoud.

Maar eens even gevraagd waar we nu over kunnen steken.

Dat wordt een probleem was het antwoord want de volgende brug is ook in onderhoud, de brug daarna is alleen voor autos dus jullie zullen de vierde brug moeten hebben.

Je kunt ook gewoon terug rijden via de route die jullie gekomen zijn grapte de behulpzame man.

Dus maar op naar de vierde brug( red: 6 km) Hier loopt de route 1 ook naar toe, de route maakt hier een loop blijkbaar.

We nemen bij de rivier de Tees een korte pauze.

Wat zwemt daar nou?, vraag ik me hardop af.

Het monster van de rivier de Tees? Nee, volgens mij is het een zeehond.  

Trijnie wierp ongelovig kijkend een blik in de richting waarin ik wees en zag de zeehond gelukkig ook.

Toen dook hij onder op jacht naar vis.

Als Trijnie hem niet ook gezien had was ik niet serieus genomen.

Maar jammer genoeg was ik te laat voor de foto, dus jullie moeten ons op ons woord geloven.

We rijden verder langs de rivier, aan de overkant veel industrie, en komen bij de tweede brug, inderdaad afgezet en in onderhoud, en de derde brug, inderdaad alleen voor autos.

Daar was de vierde brug, nou ja brug, een overgang over sluizen.

Maar we waren aan de overkant.

We vervolgen de route en gaan eigenlijk de hele dag over smalle paden meanderent door het landschap.

We passeren dorpen aan de buitenzijde, komen via ‘station Thorpe Thewels weer op een pad over de oude spoorlijn. Onder een viaduct waar vroeger de trein onderdoor liep horen we de echo van onze voetstappen als we er een cache zoeken.

We rijden door het Wynyard Woodland Park, meer bos dan park maar heerlijk rustig.

Fluitende vogels, wandelende en fietsende mensen en helaas ook honden.

Men is onderhoud aan het bos aan het plegen, er wordt langs het pad gesnoeid, wat gelijk in de fik wordt gestoken.

Er kunnen spijkers liggen werd ons gezegd dus we zijn maar lopend langs de plek waar gewerkt werd gegaan.

We rijden verder en komen via een brug over de A689, in 2001 geopend door Tony Blair, in het volgende natuurgebied. County Durham heet het en we komen bij Hurworth Burn reservaat, een gebied met meren waarin veel watervogels lawaai maken en rond scharrelen.

Verder gaan we door het achterland, over goede en slechte wegen, brede en smalle en komen bij Seaham.

Het was al duidelijk dat we richting de kust fietsten want het windje werd langzaam aan frisser.

Dus onze jasjes maar weer aan. We willen overnachten in Sunderland en komen uiteindelijk terecht bij Travelodge.

Kamer zonder ontbijt maar dat regelen we wel.

Voor het ontbijt moeten we eerst naar de winkel en we willen ook nog wat warms hebben voor we weer naar de kamer gaan.

Een vrouw sprak ons aan met de vraag wat het overnachten kost in de Travelodge waar we net uit komen lopen.

Vijftig pond, zeiden we.

Duur zeg keek ze met grote ogen naar ons, 50 pond per persoon alleen om te slapen.

Nee vijftig pond voor ons beide, nou dat viel haar wel weer mee.

Haar gevraagd waar een supermarkt is. Mark en Spencers verder omhoog de straat uit.

Gevonden en geslaagd voor de boodschappen.

Voor de warme hap bij Mr.Hou terecht gekomen een Indisch/Chinees/Thais buffet restaurant.

Er waren wel 50 verschillende hapjes en gerechten, heerlijk van alles geproefd.

Er was ook pizza, een japanse afdeling en natuurlijk de zoete hoek. Aparte zoete cupcakejes, marsmallows, ijs en een chocoladefontein waar Trijnie maar ver van gebleven is.

Morgen de laatste etappe naar Newcastle.

Het einde van de fietstocht. Maar dat lezen jullie morgen wel weer.

 

11-09-2014

Vanmorgen na een matig ontbijtje, was gisteren stukken beter, en onder het genot van zingende Hollywood sterren als Frank Sinatra weer op weg. Het zonnetje staat aan de blauwe hemel, het is nog wel frisjes maar heerlijk fiets weer.

Geen wind dus dat is mooi meegnomen.

De stad weer uit gekomen en richting Burny, en wat hing daar aan een lantaarnpaal, juist ja een fietsbordje met een 1 in een rood vlakje, de North Sea Cycle Route.

We zijn die kant maar opgegaan en tot Withby konden we deze route volgen.

Lokaal heet de route Cinder Track en gaat weer geheel over de oude spoorweg.

Onderweg campings waarop de caravans en campers op een groot grasveld stonden.

Natuurlijk de toiletgebouwen verspreid over de site maar nergens hegjes ter afscheiding of privacy.

Heel anders dan in Nederland. Het pad gaat langzaam omhoog, vals plat dus, maar het is genieten.

Af en toe gesloten hekken door als een weg overgestoken moest worden.

Een hond staat ons maar vreemd aan te kijken als we door zon hek gaan.

Hij lijkt bang. Horen we zijn baasje zeggen: “Waar ben je geweest?”.

De onbeleefde hond gaf geen antwoord. Gek Hé?.

Het pad is begaanbaar maar het is steeds opletten, stenen, keien, ongelijke rijstrookjes.

Hoorde ik wat kabaal achter me lag Trijnie op de grond.

Haar voorwiel was weggegleden, de snelheid was laag dus geen schade.

Wel even schrikken natuurlijk.

Maar even tijd genomen om te schaften, met schapen die even kwamen kijken wat we deden maar die al snel weer verder gingen met grazen.

Bij het ‘stationvan Ravenscar was het perron nog intact.

Het dorpje, te veel voor het groepje huizen en boerderijen die er stonden, waren vroeger geheel afhankelijk van de trein.

Op een infobord staat dat de rails was aangelegd in 1885 en de trein heeft gereden tot in 1965.

Daarna is hij opgedoekt en veranderd in een fietspad.

Rond 1900 was er in een winter zoveel sneeuw gevallen dat de trein zes weken niet kon rijden.

Het voedsel in het winkeltje raakte op en het enige dat er nog was waren blikken soep.

Dus iedereen aan de soep.

Uiteindelijk heeft een groep mannen met scheppen een weg naar de dichtstbijzijnde plaats vrijgemaakt, een 13 kilometer verderop.

De spoorlijn klimt naar 192 meter boven zeeniveau staat verder nog vermeld dus we hebben nog een 50 meter omhoog te gaan.

Toen we eenmaal 200 meter boven zeeniveau gekomen waren was het uitzicht over de zee en baai magnifiek.

We hebben ons op de foto laten zetten met de baai op de achtergrond.

Leuk gesprek gehad met het echtpaar die dat voor ons deden.

We hebben hun samen op de foto gezet. Voor wat hoor wat.

De weg naar beneden was nog slechter dan die naar boven.

Veel losse stenen, dus we moesten rustig aan doen. Vooral als er rechts mooie uitzichten waren dan was het even kijken en weer op het pad letten of stoppen en genieten.

We dalen af naar Robinhood in Bay, worden door het plaatsje geleid.

Opvallend zijn de steeds meer opduikende stenen stapelmuurtjes. Hadden we vanaf Hull niet gezien maar nu komen er steeds meer. We gaan eerst weer omhoog om daarna af te dalen naar Withby.

We volgen de route, gaan van het trainspoor af en komen midden in de stad.

En daar stopt de North Sea Cycle Route.

Zomaar bij de brug hielden de bordjes op.

Wikipedia schrijft:

Whitby is een plaats in het bestuurlijke gebied Scarborough, in het Engelse graafschap North Yorkshire. De plaats telt 13.740 inwoners. De plaats is bekend geworden door een aantal hoogtepunten in de geschiedenis en literatuur. Zo is de ontdekkingsreiziger James Cook [1728-1779] verbonden met Whitby. Er staat dan ook een standbeeld van hem in de stad. Whitby bestaat al heel lang. In de Angelsaksische tijd (rond 657) was het reeds een nederzetting. Het was in die jaren een kenniscentrum. De eerste voorbeelden van geschreven Engelse literatuur. De dichter Cædmon is verbonden met Whitby Abbey. Whitby is altijd belangrijk gebleven. De resten van Whitby Abbey en St. Mary''s Church getuigen van de grootsheid vanaf de Angelsaksische periode.

We rijden de stad uit, nou ja rijden. Met een helling van 25%, en verder rond de 10% stijgen we over 1300 meter weg zon 160 meter.

Goed te voelen in onze kuiten en beenspieren.

Eindelijk zijn we boven, in het plaatsje Lythe kunnen we even normaal fietsen.

De omgeving veranderd. We rijden door de North Yorks Moors, een nationaal park, en de weg gaat op en neer.

Meestal te behappen met de fiets, maar soms moesten de voetjes weer op de vloer.

We rijden op de A171 die dwars door het park gaat. Mooie uitgestrekte heidevelden, een waarschuwingsbord voor overstekende herten [niet gezien] passeren we en gaan we verder richting Guisborough, waar we een overnachting willen zoeken.

Tijdens de afdaling naar Guisborough overtreden we de aangegeven snelheden voor de autos.

Die mogen maar 50 kilometer per uur, wij gaan soms 55.

In de stad geen overnachting te boeken.

Alles zit vol.

Dus op weg naar Middelsborough waar we langs de snelweg de Premier Inn tegen komen waar wel plek was.

09 en 10-09-2014

Vandaag een verslag van de afgelopen dinsdag en woensdag.

Op dinsdag begonnen met fietsen richting Bridlington.

We volgen eerst de Trans Pennine Trail, die zoals later bleek van Southport naar Hornsea te lopen, en gelijktijding de Hornsea Rail Trail, die zoals de titel al zegt over het oude spoor liep.

We willen nog steeds een stuk van de North Sea Cycle Route volgen maar deze was niet te vinden.

Het eerste deel van de route loopt over een mooi smal fietspad, af en toe wreed verstoord door hobbels veroorzaakt door de boomwortels.

Het is licht bewolkt, het zonnetje probeert er door te komen maar dat lukt hem of haar niet echt, de temperatuur is lekker.

Langs de rail trail zijn de perrons nog te zien van de trein die hier vroeger gelopen moet hebben.

Bij elk klein plaatsje is een halte geweest.

Vanaf Hornsea en door Atwick rijden we langs de zee, van de North Sea Cycle Route is niets te zien.

Als we in Bridlington zijn, dat maar eens uitzoeken bij het toeristenbureau.

Nu genieten van de uitzichten die we hebben langs de kust.

De boeren zijn al druk aan het ploegen geweest, dikke voren kleiachtige grond ala Groningerland zijn te zien.

Langs de kanten groeien bramen met hele dikke ‘krallegies”, veel dikker dan bij ons.

We fietsen door Skipsea, Ulrum en Bramston. Veel caravanparken, waar stacaravans te koop staan.

Onderweg vrachtwagens met grote stacaravans die vervoerd worden naar een nieuwe staanplaats.

De lading is zeer breed en neemt zeker één weghelft in beslag.

We rijden nu stukken over de A165 omdat er niet steeds wegen langs de kust zijn, moeten dan een stukje binnenland in.

Weer langs de kust,, zijn dat witte rotsen daar in de verte? Ja hoor, toen we dichter bij Bridlington kwamen zagen we de krijtrotsen.

Bridlington is zeer toeristisch.

Een boulevard met veel gok- en speelhallen, veel rondlopende toeristen en eettentjes die al gesloten zijn omdat het seizoen al ten einde is.

Er rijden hier ook scootmobiels met overkapping rond, net kleine autootjes.

We hebben het toeristenbureau gevonden en naar de North Sea Cycle Route gevraagd.

Kende de dame achter de balie niet maar ze ging voor ons bellen.

We konden er niet uitkomen, de route blijkt uit stukken te bestaan en niet een doorlopende route te zijn.

Wat in Nederland, Denemarken en Duitsland wel zo was.

Jammer maar dan moeten we onze eigen weg maar zoeken, wat veel langs de A-wegen zal zijn.

Opvallend is dat ze bij alles wat ze zei ‘my love zei.

Bleek ze later niet als enige te doen, ook in de winkels was het ‘my love wat de klok sloeg.

Door de wind is het kil, koude handen ondanks een mager zonnetje wat het nu wel gelukt is door te breken.

We hebben met moeite een kamer kunnen vinden in The Cable Guesthouse, een rommelig maar gastvrij guesthouse maar voor een goede prijs en de bedden zijn goed.

Ook het ontbijt was onverwacht goed.

De vrouw verzameld beeldjes van Yorkshire terriers die dan ook overal te zien zijn.

De fietsen staan buiten op een zeer krap binnenplaatsje, ze kunnen er amper met zn tweeën staan.

De woensdag is aangebroken en we gaan weer op de pedalen.

We volgen weer weg A165 en hebben geprobeerd als we route 1, North Sea Cycle route onverwacht tegen kwamen deze te volgen.

De eerste keer liep hij dood op de kust, dus maar weer terug.

Een andere keer leek hij terug te gaan naar Hull of Bridlington.

Het is druk op de weg, op een rotonde staat een schaapherder met hond en schapen, natuurlijk zijn ze van steen anders was het wel heel lastig geworden voor de hond om zijn schaapjes te beschermen.

Toch stukken langs de kust met mooie uitzichten.

Onderweg af en toe een wandeling gemaakt in de natuur.

De fietsen zetten we dan beschut ergens neer en nemen de portemonnees en paspoorten dan mee.

Het plaatsje Filey bezocht, een vissersdorp met mooie boulevard en weer veel toeristen.

Het zonnetje schijnt vandaag volop, geen wolkje te zien en de temperatuur is heerlijk.

Ik raakte aan de praat met een vrouw die vroeg waar we vandaan kwamen.

Ze vertelde dat dit weer voor Engeland zeer ongewoon is in september.

We hebben dus geluk deze weken.

De bankjes die er staan zijn neergezet door familie die overleden mensen willen herdenken.

Op de bordjes staat vaak de naam van de herdachte en daarbij teksten als: ‘omdat hij hier zo graag kwam of ‘ter herinnering aan ………….. zij hielden echte van Filey.

Aan de leuning van één van de bankjes was een bosje bloemen geplakt, die langzaam verwelkten.

Ik vind dit idee wel iets hebben.

Als je ergens graag kwam iets tastbaars achter te laten.

We rijden langs Osgodby en komen via een mooie route aan in Scarborough.

Ook nu weer moeten zoeken naar een bed maar het is weer gelukt, we slapen in het Palm Court Hotel, kamers tegen gereduceerde prijzen.

Na een bakkie te hebben gedaan op de kamer en wat multi caches te hebben voorbereidt op stap.

Ook hier is het toeristisch, met dezelfde speel- en gokhallen, veel winkeltjes met de meest verschrikkelijke aandenkens aan de stad.

Een meeuw is in de haven aan het stoeien met een krabje, terwijl concurrenten hem proberen weg te jagen in de hoop dat hij het krabje zou laten liggen.

Maar dat gebeurde niet.

               

Op een berg staat Scarbourough Castle met een lange muur.

Torent hoog boven de stad uit, een strategische plek dus ten op zichten van de stad en de zee.

Even een stukje geschiedenis van het kasteel (bron Wikipedia):

Scarborough Castle is gebouwd op een driehoekige landtong van 91 m boven de zeespiegel. Voor de bouw van de veste was deze natuurlijke versterking een gewilde woonplaats van prehistorische kolonisten, die toen al tot fortificatie overgingen. Recent (2008) is een 3000 jaar oud zwaard uit de bronstijd ontdekt. In de 4e eeuw bouwden de Romeinen er een seinpost, waarvan de archeologische restanten nog te zien zijn.Het middeleeuwse kasteel werd in de dertiger jaren van de 12e eeuw gesticht door William le Gros, de 1e graaf van Albemarle. Zijn bouwwerken behelsden een poorttoren (op de plaats waar nu de donjon staat), een courtine (of gordijn) en een kapel. Henry II verkreeg de eigendom van de Castle bij zijn troonsbestijging in 1154, waardoor de Castle koninklijk werd. Henry versterkte de vesting en breidde haar verder uit, de poorttoren werd vervangen door de vierkante, drie verdiepingen hoge donjon. Later werd door de koningen Jan zonder Land en Hendrik III verder bijgebouwd. In 1312 vluchtte koning Eduard II en zijn favoriet Piers Gaveston, 1e graaf van Cornwall voor rebellerende edelen onder leiding van Thomas Plantagenet, 2e graaf van Lancaster per schip naar de Castle. De koning vluchtte verder naar het zuiden onder het voorwendsel een leger op de been te brengen Gaveston in Scarborough achterlatend om het fort te bewaken. Lancaster liet onmiddellijk de Castle door zijn bondgenoot Aymer de Valence, 2e graaf van Pembroke belegeren. Bang voor zijn leven gaf Gaveston zich na twee weken aan Pembroke over die zwoer, op zijn land en titels, Gaveston te beschermen. Negen dagen later werd Gaveston, ondanks de dure eed, alsnog onthoofd omdat volgens Lancaster: "While he lives, there will be no safe place in the realm of England." (Zolang hij, leeft zal er geen veilige plek in het Engelse rijk zijn). Tijdens de Pilgrimage of Grace revolte in 1536 heeft hun leider Robert Aske vergeefs geprobeerd, met een leger van 9.000 man, Scarborough Castle in te nemen.[6] Tijdens de Wyatt''s rebellion in 1554 slaagden de protestanten, onder leiding van Thomas, tweede zoon van Lord Stafford er wel in, waar de roomsen eerder hadden gefaald. De vesting werd bij verrassing ingenomen doordat een aantal soldaten zich als boerenjongens hadden vermomd. Lang hebben de rebellen niet van hun succes kunnen genieten, drie dagen later werd de vesting heroverd door Charles Neville, 5de graaf van Westmoreland en Stafford werd wegens hoogverraad geëxecuteerd.

Scarborough Castle werd tijdens de Engelse burgeroorlog twee keer belegerd, ten slotte viel het slot op 25 juli 1645 in handen van de New Model Army. Om te voorkomen dat de Castle opnieuw een vesting van de Royalisten zou worden besloot het Parlement de donjon te slopen.In de 17e en 18de eeuw werd de Scarborough Castle gebruikt als gevangenis en later als kazerne. Het 18de-eeuwse Master Gunners House biedt een stijlvolle ambiance voor een High tea.In de Eerste Wereldoorlog werd Scarborough op 16 december 1914 zwaar beschoten door de kanonnen van de Duitse slagkruisers SMS Derfflinger en SMS Von der Tann. Door de inslag van 500 granaten die op stad en veste neerkwamen verloren 19 mensen hun leven, de vuurtoren werd vernietigd en het Grand Hotel zwaar gehavend. Van de Castle werden de donjon en de courtine ernstig beschadigd.

We lopen de drie pieren af om de cache gegevens te vinden en ik moet in verband met het hoge water op blote voeten het water in om ‘de schat te pakken.

Best wel koud. Ondanks dat de lucht nog blauw is en het zonnetje uitbundig schijnt.

Ten slotte de langste bank van Europa gefotografeerd.

Staat langs het perron en kon 228 mensen een zitplaats geven.

08-09-2014

Vandaag willen we Kinghston upon Hull, of zoals ze hier zeggen Hull, ontdekken.

Dus met de benenwagen om 09:00 uur op pad.

We wilden eerst een Multi doen met de naam “a trip around town”, omdat onze ervaring is dat met zon cache we de mooie dingen in de stad zouden zien.

En dat klopte ook dit keer weer.

Eerst even een stukje geschiedenis van Hull van Wikipedia om een stuk achtergrond te krijgen [eigen toevoegingen].

Hull, officieel Kingston upon Hull, is een Britse havenstad die is gelegen op de noordoever van de rivier de Humber en aan beide zijden van de rivier de Hull, die in de Humber uitmondt. Hull heeft geen kathedraal, wat heel ongewoon is voor een historische Engelse stad.

Het heeft wél de Holy Trinity kerk [gebouwd 1285], de grootste Engelse parochiekerk, wanneer het vloeroppervlak als criterium wordt aangelegd.

De oorspronkelijke nederzetting Wyke of Wyke upon Hull werd waarschijnlijk gesticht bij het cisterciënzer klooster van Meaux een paar kilometer verder stroomopwaarts aan de rivier de Hull om een haven voor de distributie van de wol van het klooster te hebben.

Om de strategische noodzaak een noordelijke haven te hebben, zuidelijk genoeg van de Schotse grens om veilig te zijn, bouwde Edward I van Engeland, die met de Schotse onafhankelijkheidsoorlogen bezig was, een nieuwe stad op die plaats [van 1296 tot 1299]. Dit was ''the King''s town upon Hull'' of Kingston upon Hull. Hull was een belangrijke haven in de late Middeleeuwen en haar kooplieden handelden met havens tot in Noord-Duitsland, de Baltische streek en Nederland. Wol, stoffen en huiden werden geëxporteerd en hout, wijn, bont en kleurstoffen geïmporteerd.

[In de 2de wereldoorlog is 95% van de huizen en gebouwen vernietigd tijdens bombardementen van de Duisters.]

Tijdens de wandeling kwamen we eerst iets moderners tegen.

Een Primark waar Trijnie een paar keer heen geweest is in Nederland en Duitsland mede op verzoek van kleindochter Amber. Die zal nu wel denken Pprriimmaarrkk!!!!!!!!! Ook hier veel kleding tegen lage prijzen, twee verdiepingen en het was er niet druk zo s morgens vroeg.

Dat er in de 2de wereldoorlog veel vernietigd is bleek uit de spaarzame oude gebouwen die we tegen kwamen.

Ruines van de oude vestingmuur waren opgegraven en nu tentoongesteld, hier en daar kolossale oude gebouwen, natuurlijk de pontificale Holy Trinity Parish curch [was vandaag dicht voor bezoekers] en standbeelden van Koning Willem de derde en van Wilberforce één van de afschaffers van de slavernij die op een mega hoge pilaar voor de universiteit staat.

Ook beelden waarmee de wereldoorlogen herdacht werden zijn aanwezig.

In de haven ligt een lichtschip, de Spurn genaamd, waarvan er tientallen waren om in vroegere tijden de gevaarlijke route over de Humber aan te geven.

Ook nu zie je nog zandbakken midden in de rivier liggen maar is de route met bakens aangegeven.

Verder door kleine smalle straatjes met kinderkopjes gelopen.

Een groot winkelcentrum Princes Quay Shopping door gelopen, Trijnie heeft nog schoenen gepast waren net te klein.

Even later kwamen we op een oude begraafplaats, overwoekerde graven zo midden in de stad.

De oudste graven waren van 1800 de jongste van 1860, heerlijk om hier over te struinen en de namen en teksten op de stenen te lezen.

Een aparte en sinistere sfeer met de kapotte tombes waaruit bomen groeide.

Er loopt een wandelroute over oude fabrieksterreinen met kapotte bedrijfsgebouwen waar mannen bezig waren de oude stenen schoon te bikken om ze weer te kunnen gebruiken voor restauratie doeleinden.

Deze route heet de Trans Pennine Trail en loopt voor een deel langs de oever van de Humber.

Een giga chinees restaurant aan de oever van de Humber gelegen bezocht en een soepje en hapje genomen.

Verder over de trail met in het water de staketsels van half vergane meerpalen en meeuwen die eten zochten op het drooggevallen oevers van de rivier.

Een lekker zonnetje met een verkoelend windje, perfect wandelweer.

De route leidt over het dak van een bedrijfshal, langs een testtoren van reddingsboten die gebruikt worden op booreilanden en industrie die vaak te maken met de scheepvaart.

Een mooi oud toiletgebouw met dito interieur maakte het mogelijk de behoefte te doen.

Wat een schoonheid van nostalgie.

Om 16:00 uur weer terug, zon 20 kilometer gelopen en even bijkomen en een bakkie doen.

In het begin van de avond de andere kant op gelopen en door de oude ‘arbeiders wijken gelopen.

Ook hier bordjes met Neighbourhood watch area en op alle huizen een inbreekalarm.

Een man kijkt op zijn horloge als hij zijn hond heeft uitgelaten.

Voor zijn neus bungeld dan het zakje waarin de hondenkeutel zit.

Al met al een heerlijke wandeldag met veel mooie en leuke dingen die onze liefde voor Engeland alleen maar gevoed heeft.

Morgen weer op de fietsen en de Nortsea Cycle Route zoeken en op weg naar Newcastle, zon 337 kilometer verderop.

07-09-2014

Vanmorgen alle tijd, want de trein vertrekt pas om 10:20 uur van perron 4 dus we kunnen ontbijten, nog even op de kamer hangen en dan op pad. We hebben in totaal 7 kaartjes, voor de trein naar Preston twee (gereserveerde plekken), voor de trein van Lancaster naar Kingston upon Hull, op de borden gewoon Hull genaamd, twee en voor de fietsen drie. We snappen het niet helemaal al die kaartjes maar we zijn er mee in Hull gekomen.

Eerste stuk was maar 20 minuten toen een uurtje moeten wachten voor de trein naar Leeds. Het was fris in de schaduw en met het windje wat over het perron ging en we hadden onze korte broeken aan. Trijnie wilde haar lange broek aan doen dus korte broek uit, lange broek aan en dat allemaal op het perron waar alleen verderop wat mensen heen en weer liepen. Kwamen we er even later achter dat er een bolcamera recht voor het bankje waar ze zich omgekleed had hing. Zal vanavond bij het avond eten van de beveiliger wel een smeuïg verhaal op leveren. Zo van ‘wat ik nou gezien heb een vrouw die in zich aan het omkleden was op het perron. Maar ach zoals Trijnie dan altijd zegt: “ze kennen me hier niet”.

De fietsen weer op de trein voor een stuk van ruim anderhalf uur. We passeren de stations Blackburn, Accrington en Barnley Manchester Road. Het landschap is dan nog steeds vlak maar begint daarna heuvelachtig te worden. De trein moet door lange tunnels om ze te passeren. Daarna de stations Hebden Bridge en Halifax die we al krant lezend passeren. Interessantste nieuws was dat na ruim 140 jaar eindelijk Jack the Ripper ontmaskerd is. Er waren tientallen verdachten in die tijd, er werd een hoop over gespeculeerd, films en boeken over geschreven maar dankzij een dna profiel gevonden op een sjaal van een toen vermoorde prostituee, is als uiteindelijke moordenaar Aaron Kosminski een kapper ontmaskerd.  Weer een stukje mysterie opgelost. Of we er wat aan hebben weet ik niet maar ik wil het nieuws toch met jullie delen. Verder natuurlijk naar de weersvooruitzichten gekeken. In Hull en Newcastle de hele week droog en een graad of 20. Mooi fietsweer dus.

We passeren de stations Bradford Interchange, New Pudsey en komen dan in Leeds aan. Ook hier weer een uurtje wachten. Kwamen in gesprek met een man uit Nieuw Zeeland die hier opgehaald zou worden door een nichtje. Wat gebabbeld over fietsen in Nieuw Zeeland, hadden al eerder gehoord dat het daar mooi is en goed te fietsen als je de bergen vermijdt, en het nichtje kwam maar niet opdagen. Hij vroeg of onze telefoon gebruiken mocht, natuurlijk mocht dat maar Trijnie heeft hem eerst bij een Engels meisje laten vragen of hij haar telefoon gebruiken mocht. We hebben geen Engelse telefoonkaart en dan is het bellen erg duur. Toen we op weg gingen naar de bus had hij haar aan de telefoon. Het hoe en waarom van zijn lange wachten moeten we jullie dus schuldig blijven.

Ik had een bakkie koffie gescoord tijdens het wachten en wilde het afval netjes in een prullenbak gooien. Op het hele station geen prullenbak te bekennen. Ook buiten het station niet, dus maar bij Mc. Donalds naar binnen gegaan om mijn afval kwijt te raken. Vreemd toch? En er lag niet veel rotzooi op de grond in het station dus ze zullen alles wel mee naar huis nemen of zo(red: kwestie van mentaliteit?). Tijdens het wachten ook regelmatig fietsers met racefietsen op het station gezien. Het is hier gratis om je fiets in de trein mee te nemen. Er kunnen er echter maar twee per trein mee dus je moet de mazzel hebben dat je gelijk mee kunt. Wij hadden steeds ruimte om de fietsen mee te nemen ondanks de tickets is het altijd maar afwachten of er plaats is. Wie het eerst komt die het eerst maalt.

Het stuk van Leeds naar Hul met de bus. Twee grote touringcars stonden gereed. We konden onze fietsen onderin de bagagebakken kwijt. Gaf verder geen problemen en ze kwamen er ongeschonden weer uit. Nu zijn we wel wat gewoon met de fietsen in de bus. Ze hebben al op het dak ervan gelegen, op de achterbank gestaan, in het looppad gestaan en altijd kwamen we ongeschonden op de plaats van bestemming. In Hull naar een hotel in de buurt van het centrum gezocht. We slapen in het Campanile, een low budget hotel van een keten die hier vooral in Engeland zit. Een goede kamer met ligbad en ontbijt voor 50 pond. We blijven hier twee nachten slapen zodat we morgen Hull kunnen verkennen.

05+06-09-2014

Vandaag vanuit Ravenglass eerst de route 72 gevolgd.

Daar waren we snel klaar mee want die eindigd/begint bij het Romeinse badhuis zon kilometertje fietsen.

Nu op GPS, kaart en gevoel richting Lancaster.

Door de zeearmen zal dat nog wel een klus worden, we willen liever niet via de doorgaande wegen fietsen.

Een stuk moeten klunen door bos en weilanden, mooie natuur maar het schiet niet echt op.

We hebben weinig proviand voor onderweg, in Ravenglass was geen supermakrt en het winkeltje van de camping was vanmorgen nog dicht. Dus in elk plaatsje kijken naar een winkel.

Daarna richting Muncaster, een klein dorpje met een heus en nog goed in tact kasteel dat nog gesloten was voor bezoek.

We hebben geen flauw idee in welke plaats we vanavond gaan slapen dus dat is nog spannend.

Op een heuvel staat een torentje. Een uitkijkpost van het kasteel?

Hadden ze nog stenen over en dachten we bouwen hier een torentje? We hadden geen zin de steile weg er naartoe te nemen. We hebben namelijk het idee dat we gezien de heuvels zeg maar bergen om ons heen veel zullen moeten afzien vandaag.

We rijden door Waberthwaite, geen winkel.

De weg gaat meer op dan neer.

Lange steile stukken weg volgens de borden 8%, 12% of het record 17% omhoog.

We hebben zoals jullie weten uit eerdere verslagen geen klimmersbenen dus voetjes op de grond en fietsen omhoog duwen. Best wel zwaar en het weer werkt ook niet mee.

Het is al snel zweten want de zon staat aan de blauwe hemel en schijnt er lustig op los.

Maar alles beter dan regen en wind tegen. Die laatste is ons ook gunstig gezind, er bijna gen wind.

In Bootle zowaar een supermarktje en eten ingeslagen.

Bij het eerst volgende bankje hier volop van genoten tijdens de eerste break.

We konden er weer tegen wat ook wel nodig was.

Klimmen en dalen, afdalen met 50 kilometer per uur was niet ongewoon.

Waarom de kuilen tussen twee bergen niet opgevuld met aarde en een weg neergelegd?

Leg desnoods een brug aan.

Maar nee, als we naar beneden scheurden dan wisten we het al, na de volgende bocht weer omhoog.

In de verte zien we de zee, de trein rijdt ver beneden ons voorbij.

Aanlokkelijk maar we mogen te graag fietsen om die nu al te pakken.

Onderweg met een aantal mensen gepraat over een mogelijke fietsweg dicht langs de kust met minder heuvels.

Is er niet, was steeds het antwoord.

Dus maar door op de doorgaande weg A595, af en toe druk verkeer, en dan weer rustig.

De autos en vrachtwagens houden goed rekening met ons en het gaf allemaal geen problemen.

Als we omhoog moesten lopen gingen we als er vrachtwagens langs wilde aan de kant staan, een duim of bedankje kregen we dan altijd wel.

Er werd zelfs met een arm uit het raam gezwaaid als ze ons voorbij waren.

Want door de vele scherpe bochten in de weg, het dalen en stijgen waren we voor het verkeer een obstakel.

Het begint wat af te koelen, er komt bewolking vanuit zee het land binnen.

De temperatuur daalt naar zon 20 graden Celcius wat het net even iets aangenamer maakt.

We rijden door Whitbeck, Broughten en willen Ulverston bereiken.

Ligt een mooi eind richting Lancaster zodat we de etappe van morgen, die hopelijk minder steil zal zijn als het eerste stuk. Want de glooïngen zijn nu behapbaar geworden.

Meestal kunnen we met de snelheid van de afdaling een heel eind de volgende hoogte op komen.

De weg naar Lancaster is van een soortgelijk kaliber is ons verzekerd. Voor wat het waard is.

We zijn dus in Ulverston en slapen na een aantal keren nul op ons rekest gehad te hebben in een mooie kamer in The Farmers, in het centrum van de stad.

Er is geen ontbijt bij dus we hebben voor ons eigen ontbijt net de boodschappen gedaan.

Koffie en thee kunnen we zelf zetten op de kamer, is trouwens op alle kamers die we gehad hebben zo, dus ik vul s morgens mijn thermosfles met koffie voor onderweg.

Ulverston is een leuk oud stadje, heeft een Laurel en Hardy museum en een standbeeld van de twee.

Waarom in Ulverston zou je denken.

Een Laurel en Hardy fan in de stad? Nee Stan Laurel is hier op 16-06-1890 geboren vandaar.

Verder veel leuke kleine winkeltjes in oude pandjes. Het is hier druk op straat. Een gewild plaatsje gezien de moeite die we hadden om een kamer te vinden. Toeristen eten op bankjes vis en chips, veel een richtingsverkeer door de smalle straatjes, kortom de moeite waard.

Na het ontbijt, dat we ouderwets op bed genuttigd hebben, weer op pad.

Ouderwets omdat we vooral in China elke ochtend ons ontbijt zelf moesten verzorgen en we dan cake en vage drankjes uit flesjes kochten die we op bed opaten/dronken.

Want ontbijt in China kennen ze in de meeste overnachtingen niet.

Waar ze het wel hadden werd Dim Sum genoemd, mandjes met rijstgerechten en thee.

Hopelijk wordt de weg minder op en neer dan gisteren, het is zon 65 kilometer naar Lancaster.

Het zal wel via de grotere wegen gaan net als gisteren.

Het heeft vannacht geregend, de fietsen en zadels zijn nat.

Het is nu afwisselend zwaar en licht bewolkt, in de loop van de ochtend komt het zonnetje er door en is het lekker van temperatuur.

Benieuwd hoe de dag qua zwaarte verloopt, volgens zeggen zou het meevallen.

De kettingen kraken wat meer dan goed is dus tussendoor maar even olie kopen en de kettingen verwennen.

We rijden Ulverston uit en komen al snel op de A590 terecht, een drukke weg richting Lancaster.

We proberen regelmatig de drukte te ontvluchten, gaat dan kilometers lang goed maar we komen toch weer steeds op de drukke weg terecht.

Nu is het daar redelijk goed fietsen, meestal is er een strookje van 50 centimeter waarop we de banden laten draaien zodat het verkeer weinig last van ons heeft.

We passeren Newland, Newby Bridge waar we een stop maken voor de inwendige mens.

We staan op een brug, voor zitten is het nog te nat, en kijken op een snel stromende rivier waarop een wildwaterkano parcours is uitgezet. Jammer genoeg wordt er geen gebruik van gemaakt.

We blijven de A590 richting Kendal volgen en komen op een mooi fietspaadje langs de A590 terecht.

En daar staat een paaltje. En op dat paaltje zit een rood waarschuwingslichtje.

En dat waarschuwingslichtje moet fietsers waarschuwen dat er een paaltje staat.

En mensen die onze verslagen al langer lezen weten dat paaltjes een magische aantrekkingskracht op Trijnie hebben.

Maar nu ging ze er gelukkig omheen.

Dankzij het lichtje?

Denk het niet maar we hebben zulke exemplaren nog nergens anders ter wereld gezien.

We komen weer op de A590 waar zich een file vormt.

Er is verderop een ongeluk gebeurt, traumahelicopter erbij.

Wij kunnen doorfietsen tot bij een benzinepomp,, 50 meter voor het ongeval.

Bakkie koffie drinken en na 25 minuten weer verder.

Er stond een auto in de greppel.

Toen we stonden te wachten bij het benzinestation was de politie op zoek naar getuigen.

We hadden niets gezien.

We gaan van de grote weg af en buigen af naar Milnthorpe en Carnforth.

Weg van de drukte.

We peddelen rustig door, zonnetje op ons bolletje, wel veel verkeer en dat op zaterdag en tussen de beide plaatsen een fietser met pech. Had een lekke band, hem weer op pad geholpen en we konden weer verder.

In Carnforth de eerste fietsenwinkel tegengekomen.

Olie gekocht, een ouder echtpaar runde de zaak en hun gehandicapte zoon zat achter de kassa.

Kon alleen maar de getallen van het bedrag intypen, kon niet praten.

Denk je toch onwillekeurig aan het geluk dat wij hebben met onze kinderen en de kleinkinderen.

Wat wij zo gewoon vinden, gezondheid, is voor andere niet weggelegd.

We zijn in Lancaster en gaan eerst naar het treinstation.

We hebben tickets geboekt naar Kingston upon Hull waar we morgen naar toe willen treinen.

Zal vanaf Leeds met de bus moeten omdat ze aan het spoor werken, maar de fietsen kunnen mee is ons beloofd. Ja, ja, wat dat betreft ben ik net de discipel Thomas, eerst zien en dan geloven.

Maar dat is pas morgen.  

Door de stad gewandeld. Lancaster is een mooie oude stad met dito gebouwen en standbeelden.

Op het standbeeld van koningin Victoria staan op de voetplaten onder het beeld bekende engelse personen afgebeeld als Darwin en Dickens.

Ook het Lancaster Castle is een imposant gebouw en heeft dienst gedaan als gevangenis.

Het stamt uit de 13de eeuw en heeft dus al heel wat roerige tijden meegemaakt.

04-09-2014

De dag begon vreemd. We hadden ontbeten, ik een vegetarisch Engels ontbijt, lekker met witte bonen in tomatensaus, gebakken ei op toast, vegetarische worstjes, gebakken champignons, aardappelhapjes en tomaat, toen Trijnie de sleutel even weg ging brengen omdat we met een treintje het Nationale Park in wilde gaan.

Kwam ze geschrokken terug, bleek dat door een misverstand we maar één nacht geboekt hadden en geen twee.

En voor de komende nacht waren alle kamers al weer besproken.

En wat nu? We zouden vanmiddag beslissen hoe we verder gingen, een stuk met de trein of op de fiets.

Kijken of er ergens anders nog plek is in het dorp?

Gisteren zat alles op deze kamer na ook al vol.

Toen kwam de eigenaar van het guesthouse naar ons en vroeg of we een nacht in het Pennington hotel wilde verblijven.

De kamers zijn daar wel duurder maar het was een goede optie.

Wij alle spullen pakken, 10 minuten werk, en de eigenaar kwam ons vertellen dat hij voor een veel lagere prijs een kamer voor ons gereserveerd had.

We konden onze bagage bij hem laten staan want de kamer was nog niet klaar en dan ons plan ten uitvoer brengen voor vandaag.

Een minder plezierig begin van de dag maar het zou het genieten voor vandaag niet bederven, alles was immers weer geregeld.

We zijn vandaag met de Laal Ratty zoals het hier in de volksmond heet op reis gegaan de heuvels van het National Park alhier ingaan.

Internet leert ons: De Ravenglass & Eskdale Railway is de oudste en langste smalspoorlijn in Engeland en is zo geliefd dat hij de bijnaam ‘Laal Ratty heeft gekregen, dat ‘klein treintje betekent in het oude dialect van de provincie Cumbria.

Er zijn vier stoomlocomotieven die regelmatige diensten rijden, waaronder de River Irt, de oudste smalspoorlocomotief ter wereld, die in 1894 werd gebouwd.

De route van deze trein is een van de mooiste in Engeland en loopt van Ravenglass, het enige kustdorpje in het Nationaal Park van het Lake District, dat vanwege zijn ligging als laatste grote verdedigingspunt aan de beruchte Muur van Hadriaan zeer belangrijk was in de Romeinse tijd, tot station Dalegarth, 64 m boven de zeespiegel.

Aan het begin van de tocht rijden we het natuurreservaat van de riviermonding bij Ravenglass uit.

De rit is ongeveer 11 km en aan het eind van de tocht heeft u uitzicht op de hoogste bergketen in Engeland, de Scafell Range.

Om 10:25 uur vertrokken we en stoomlocomotief Hercules trok de 10 wagons welke grotendeels gevuld waren.

Wij zaten in een open wagon en hadden mooi uitzicht op de langskomende zaken.

Tegenover ons een echtpaar waar we mee aan de praat raakte.

Trijnie kreeg het over de historische romans van Catharine Cookson.

De vrouw had deze ook gelezen.

Toen Trijnie vertelde dat ze Gealties of Keltisch zon mooi taal vond om te horen glimlachte de vrouw.

Ze kwam zelf uit Schotland.

Onderweg haltes met de mooie namen als Muncaster Mill, Miteside, Murthwaite, Irton Road (waar de terugkomende trein stond te wachten, lijkt traject Emmen-Zwolle wel), The Green, Fisherground, Beckfoot en ten slotte het eindpunt Dalegarth.

Onderweg vertelde de man dat de overvloed aan varens een pest voor de natuur zijn.

Ze verdringen de oorspronkelijke planten en overwoekeren alles.

Onderweg waren de grote aantallen gebieden vol met varens ons ook al opgevallen maar hadden niet de bedreiging van de inheemse soorten in gezien.

Ze waren ooit meegenomen door koningin Elisabeth de 1ste uit Afrika vertelde hij.

Dit niet kunnen controleren.

Onderweg ook stokken met rubberflappen langs de kant van het spoor zien staan.

Dit om beginnende brand van vonken uit de locomotief in de kiem te smoren.

Boven aangekomen eerst de inwendige mens maar eens versterkt, broodjes gekocht en we konden met de GPS op stap.

Eerst naar een oude kerk: St. Catharines Eskdale Paris Chruch. Een kleine, mooie en van binnen eenvoudige kerk met zeer mooie gebrandschilderde ramen.

De oudste graven op de begraafplaats stammen uit 1753, dus das wel even geleden.

Vandaar over een tiental stenen de rivier overgestoken.

Verder de bergen in, daar stond een huis, in de middle of nowhere.

Ik wilde eens binnen kijken want ik dacht dat het een verlaten huis was, kwam ik aan de praat met een man die een bak koffie op een bankje aan het drinken was. “Wil je ook een kop coffee?” vroeg hij.

Ik bedankte, zei dat Trijnie verder gelopen was en zij mijn gids was.

Ik had Trijnie snel weer gevonden, was een cache aan het zoeken, en samen liepen we weer verder.

Genieten van het schitterende uitzicht, de verrassende kleuren van het mos en de korstmossen, de met mos overdekte stenen, de steeds weer andere blik op de bergen en de dalen.

Kortom een aanrader.

Bij een vennetje met veenpluis een broodje gegeten.

Het was hier stil.

Je hoorde wat vogels kwetteren, in de verte een buizerd roepen en verder niets.

Natuurlijk wel wat mede wandelaars maar het was op en top genieten.

We waren net op tijd om voor de terugreis van de trein van 14:50 uur, nu getrokken door de stoomlocomotief River Irt, te halen.

We moesten nu opgevouwen in een overdekte wagon zitten.

Daarna verhuizen naar kamer 5 in het Penningtonhotel, mooie ruime kamer, met bijkamer en bad.

We hebben besloten morgen verder te fietsen richting Lancaster.

Willen we in twee dagen bereiken en dan met de trein de oversteek naar Kingston upon Hull, of zoals ze hier zeggen Hull, maken.

Dus morgen weer op het fietsje.

Na de maaltijd nog even naar het badhuis gelopen, althans de ruïne ervan.

Was niet veel meer dan vier stukken muur.

Wel waren ze nog bezig met opgravingen.

03-09-2014

Vanmorgen werden we rond 06:30 uur wakker met het geschreeuw van de meeuwen.

Lekker nog even liggen lodderen en toen ons gereed maken voor het ontbijt.

Het is buiten grijs bewolkt en niet koud.

Nadat we de supermarkt bezocht hadden voor de broodjes voor het schaften, route 72 weer opgezocht en de beentjes op en neer gedaan.

De route liep vandaag helemaal over fietspaden, soms 2 meter breed maar af en toe ook maar 40 centimeter breed wat al laverend goed te doen was.

Een ramp zijn de hekwerken aan het begin en eind van sommige fietspaden.

We konden er met de fietsen niet tussendoor, te breed met de fietstassen, dus er maar overheen tillen.

En dat alleen om te voorkomen dat er brommers gebruik maken van het fietspad.

We rijden in het duingebied gebied, nu met duinen, en als we Workington naderen zien de eerste winkelwagentjes in de natuur staan.

Er volgen er nog een stuk of vijf.

Zeker gebruikt voor de spullen die bij een picknick horen te vervoeren.

Vreemd gezicht. Er lopen veel mensen met honden in dit gebied, de meeste hebben er twee bij zich in alle vormen en maten. Luisteren doen ze zelden naar hun baasje dus het is altijd even oppassen als we er langs rijden.

Maar er geen problemen door gehad.

Er staan stenen stoelen op picknickplaatsen, we zien eekhoorntjes, een ijsvogel scheert langs de oever van een meertje.

We rijden Withhaven binnen, een mooi kerkje met de baai op de achtergrond voor jullie vastgelegd.

De trein loopt in dit gedeelte ook vlak langs de kust.

Het strand is hier ook anders dan gisteren.

Nu veel losse rotsblokken en stenen langs de kust en een strook kleine kiezelstenen vormen het strand.

In de haven geschaft, af en toe vreemd kijkende mensen als ze onze gedekte bank zien.

In de haven veel zeilboten en een volwassen meeuw die de jonge meeuwen steeds maar wegjaagt.

Dit is zijn territorium en hij is degene die het brood wat de kinderen voeren wil opvreten.

Als er een jonge meeuw vlak bij ons is en ik een stukje brood gooi, pikt het jong het snel op en vliegt hij achternagezeten door de volwassen meeuw snel weg.

Op de weg naar Egremont veel vals plat als we over de oude spoorlijn fietsen, kilometers achter elkaar langzaam klimmen. Daar in de verte doemt het plaatsje op met een ruïne van een kasteel op het hoogste punt.

Dit kasteel uit 1300 bestaat alleen nog uit een tweetal stukken muur en verder de funderingen van de muren, die er ooit gestaan hebben. We hadden de fietsen op de stop voor een restaurant gezet, die was nog dicht en we dachten dat het wel kon.

Maar toen we na het bezoek aan de ruïne terugkwamen waren ze verplaatst.

Een vrouw was druk aan het vegen en mopperde dat de fietsen in de weg stonden en ze die verplaatst had zonder ze te beschadigen.

Het taaltje wat hier gebezigd wordt is voor ons niet te volgen. Gelukkig praten ze ook gewoon Engels. Net als de friezen bij ons moet je maar denken.

We rijden door Beckermet en Braystone, zien molshopen die hier dus ook zijn, en kijken aan de zeekant neer op een laag grasland met koeien en schapen.

Na Braystone rijden we langs een groot nucleair complex.

Twee rijen hoge hekken met prikkeldraad waartussen gezien de bordjes honden lopen en een ingang die bewaakt wordt door politie met automatische wapens. Serieuze zaak dus.

Verder door Seascale en Driggs onder een dreigende lucht.

Donkere wolken waaruit je elk moment een plensbui zou verwachten.

Het was de hele dag bijna windstil en gelukkig bleef het tot in Ravenglass droog.

Ravenglass de eindbestemming van deze fietstocht.

Het was even zoeken in dit kleine plaatsje naar een overnachting, twee plekken waren vol, de derde gaf ons een kamer op de begane grond met eigen terras.

We slapen in Rosegarth Guest House.

Toen we waren ingecheckt werd het bordje “vacancies” verruild voor “no vacancies” met andere woorden ze zaten vol en hebben geen kamers meer te huur.

Net op tijd dus, anders hadden we door gemoeten naar de volgende plaats.

We blijven hier twee nachten en willen morgen hier in de buurt wat activiteiten ondernemen.

Welke dat zijn lezen jullie morgen in gezondheid wel weer.

02-09-2014

Vanmorgen blauwe lucht en een zonnetje.

Eerst nog wel fris maar we konden al snel in ons sweatshirt fietsen.

We kwamen de stad maar moeilijk uit om de route weer op te pakken.

We waren 2 dagen geleden al gestrand op een afgesloten pad en moesten deze nu vanaf de andere kant weer zien te vinden. Natuurlijk lukte Trijnie met behulp van de GPS dat wel en we zaten toch nog vrij vlot op route 72.

We reden door Kirkandrews on Eden en Monkhill waar we onze eerste schaft namen.

We hadden net het muurtje voor de kerk gedekt toen de overbuurman naar ons toe kwam lopen.

We konden bij hem in de tuin wel op gemakkelijke stoelen gaan zitten eten.

Hij vond het maar niks dat we langs de dirty road, asfalt en niet druk maar met op de hoek een bult paardenpoep, zaten te eten.

We bedankten hem voor het aanbod en waren er vast op ingegaan als we het muurtje nog niet gedekt hadden.

Het kerkje was zeer eenvoudig, zowel aan de buiten kant als binnenin.

Hij was in 1904 gebouwd, niet oud dus vergeleken met de andere kerken die we bewonderd hebben.

Onderweg van de fiets om een stukje van de Hadrianwall wandeling te lopen om een cache te zoeken.

Mooi pad door de weilanden, dikke bomen met evenzo dikke takken, het leken me beuken, sierden het pad.

Stieren waren in een beek aan het drinken en keken ons nieuwsgierig aan.

Ze gingen op de loop toen ze voor het hek stonden waar we door heen moesten.

In Burgh by Sands stond een beeld van koning Edward I die hier op 07-07-1307 gestorven was aan zijn verwondingen opgelopen in de strijd met Robert the Bruce.

Het beeld laat een jonge Edward zien met helm in zijn hand.

Even later fietsten we langs een zeearm waar de rivieren de Esk en Eden de zee in stromen.

Aan de overkant ervan ligt Schotland waarvan de heuvels goed te zien zijn.

We maakten een koe die aan het drinken was zo aan het schrikken dat hij wel een meter de lucht in sprong en wegrende.

Koddig gezicht.

En we reden alleen maar langs het weiland waarin zij stond en deden geen gekke dingen.

Tijdens het zoeken naar een andere cache zagen we zes vogelhuisjes.

Op zich niet bijzonder maar deze waren helemaal dicht.

Geen mooi rond gaatje voor de vogels, geen gleuven voor vleermuizen of insecten.

Het bleef een mysterie waar ze voor bedoeld waren. Er komt vanuit zee bewolking opzetten, geen donkere dreigende wolken maar lichtgrijs. De temperatuur bleef goed zodat we even later in onze T-shirts konden fietsen. Een dode das langs de kant van de weg verraad hun aanwezigheid hier. Weer een paar vogels gescoord namelijk de kneu, roodborst, reiger en scholekster.

Een platte egel complementeerde het dierenrijk van vandaag.

Opvallend veel huizen hebben hier een naam, ik denk wel 90%. Waar een boerderij gevestigd is wordt de naam met farm aan het eind gebezigd.

Enkele huizen eindigen op cottage of house.

Leuk om te lezen als je langs peddelt.

Door Kirkbride en Newton Arlosh.

In die laatste plaats was de pastorie naast een kerkje uit 1700 te koop.

Gaaf zon oude woning met een meer dan 300 jaar lange historie.

Wie hebben er gewoond? Wat is er allemaal in gebeurd?

In Abbey Town hebben we een kerk zonder toren bezichtigd.

Deze kerk was in 2006 totaal in vlammen opgegaan door een blikseminslag.

Hij was weer gerestaureerd en er was gelukkig veel van de muren gespaard gebleven.

Een bord met een 20 tal afbeeldingen liet de verschillende functies binnen de Benedicter orde zien.

Tijdens de brand was het kerkarchief (wat ons als genealogen na aan het hart gaat) en het kerkzilver vernietigd.

Wat een consternatie zal dit gegeven hebben in het kleine dorp.

De plaatselijke brandweer had met man en macht geprobeerd te redden wat er te redden valt en kregen, zo vertellen de infoborden, een pluim op hun brandweerhelm.

Het landschap begint te veranderen.

Geen landbouwgronden met graan en weilanden meer maar een duinachtig landschap zonder duinen.

Een auto met kleine caravan passeerde ons en toeterde.

We begrepen het doel van de reactie pas toen we na een paar kilometer vanaf een parkeerplaats gewenkt werden.

Ik herkende de man waarmee ik gisteren en eergisteren, toen we in Carlisle waren, heb staan praten. Ze gaven ons de tip om in Marypoort te gaan overnachten, nog zon 7 kilometer verderop.

In een weiland stonden twee paarden nieuwsgierig naar ons te kijken, maar op de foto gezet voor Amber.

Voor Cody zag ik een dinosauris staan die ik maar even vastgelegd heb.

We fietsen over de boulevard en zien de zee en de vele glad gespoelde steenplateaus die samen met een kleine strook zand het strand vormen.

In Marypoort overnachten we in het Golden Lion Hotel, hebben net een wandeling door de leuke stad gemaakt met zijn haven en mooie kerk.  

01-09-2014

Vanmorgen 07:00 uur ontbijten.

Daarna de fietsen weer uit de lady-kamer, waar ze lekker knus tegen elkaar aan staan en naar buiten waar het wat druilerig is.

Het is een grijze lucht en het spettert een beetje.

Vannacht heeft het trouwens een poos geregend.

We vertrouwen maar op de dame van het weer, die zei gisteren dat het droog zou blijven.

We willen vandaag naar Gretna Green, een plaatsje net over de Schotse grens.

Waarom daar naartoe vraag je je misschien af.

De reden is dat Trijnie in historische romans gelezen heeft over het plaatsje.

Daar gingen jongens en meisje onder de 21 jaar naar toe die geen toestemming van de ouders kregen om te trouwen.

Zie hieronder het Wikipedia verhaal van de plaats.

Gretna Green is een dorp in de Schotse lieutenancy Dumfries in het raadsgebied Dumfries and Galloway in de buurt van de Engelse grens. De plaats staat historisch bekend vanwege de vele huwelijken die er worden voltrokken. In het verleden waren dat vooral huwelijken waarbij de bruid geschaakt was, al of niet tegen haar zin. De plaats ligt aan de monding van de River Esk en was vroeger de eerste plaats die in Schotland werd aangedaan wanneer men de postkoets van Londen naar Edinburgh nam. Gretna Green heeft een treinstation dat dienst doet voor zowel Gretna Green als Gretna. In 1915 vond vlak bij Gretna Green de ernstigste treinramp uit de Britse geschiedenis plaats waarbij 227 doden vielen. De meeste doden waren soldaten die onderweg waren naar het front in de Eerste Wereldoorlog.Gretna Green is één van de meest populaire trouwlocaties ter wereld. Er worden ruim 5000 huwelijken per jaar gesloten, wat gelijk staat aan één op de zes in Schotland gesloten huwelijken.[2]

De geschiedenis van de "schaakhuwelijken" begon in 1753, toen er een wetsvoorstel werd aangenomen, de door Philip Yorke, de eerste Graaf van Harwicke, voorgestelde Marriage Act 1753. Deze wet stelde dat wanneer niet beide huwelijkspartners minstens 21 jaar oud waren, de ouders toestemming voor het huwelijk moesten geven. Deze wet gold niet in Schotland, daar was het voor jongens vanaf 14 en meisjes vanaf 12 jaar al toegestaan om te trouwen zonder ouderlijke toestemming. Deze leeftijden zijn sinds 1929 voor beide geslachten verhoogd naar 16 jaar, maar nog steeds is de ouderlijke toestemming niet nodig.

Voor de doorvoering van deze veranderingen vluchtten veel trouwlustigen uit Engeland weg, en de eerste Schotse plaats die men op de postkoetsroute naar Edinburgh tegenkwam was Gretna Green. De Old Blacksmith''s Shop (de oude smidse, gebouwd in 1712) en Gretna Hall''s Blacksmith''s Shop (gebouwd in 1710) werden volgens de folklore de belangrijkste locaties voor de huwelijksmarkt. Al in 1887 opende de Old Blacksmith''s Shop zijn deuren als toeristische attractie. De plaatselijke smidse en zijn aambeeld zijn sindsdien de symbolen van in Gretna Green gesloten huwelijken.

Je kunt begrijpen dat Trijnies fantasie met door de familie achtervolgde trouwlustigen in koetsen of te voet over de slecht begaanbare wegen op hol sloeg.

We zullen het wel eens gaan bekijken daar.

Dan nu weer verder met ons reisverslag.

Op de heenweg langs de drukke A7 via Blackford en Edenbridge naar Longtown en via de minder drukke A6071 naar Gretna Green. Ook op de drukke wegen houdt het verkeer rekening met de fietsers, al waren wij de enige die dit deden want we kwamen niemand tegen.

Bij Longtown steken we de rivier Esk over, al net zo meanderend en wildstromend als de eerdere rivieren.

Er staat rondom een politiepost een hoog hek met prikkeldraad erboven.

Totaal overbodig is het bordje met de tekst “pas prikkeldraad”.

Totaal zinloos wat mensen die ter goeder trouw zijn klimmen niet over het hek, en van bandieten en ander gespuis wil je dat ze zich zeer doen.

Een mooie laan met beuken, velen hadden meer als een stam en groeiden op onnederlandse wijze, ontdekten we toen we een schat gingen zoeken.

Daar is het bordje waar we naar uitkeken “welcome in Scotland”.

We zijn nu 1 kilometer van Gretna Green af dus het ligt inderdaad vlak over de grens zoals het verhaal verteld.

En daar rijden we dan Gretna Green binnen.

Er rijden bussen met ladingen toeristen die allen komen voor de Famous Blacksmits Shop, welke bestaat uit winkeltjes met allerlei zaken, van kleding tot souvenirs.

Wij hebben een ei gekocht voor de verzameling ballen.

Er is een heuse wishky winkel en een klein museum over de geschiedenis van het huwelijk in Gretna Green.

Hordes toeristen kochten van alles, zaten op het terras iets te nuttigen en gingen met de doedelzak speler op de foto.

In het museum de historie van het trouwen alhier bekeken en gelezen.

Je kunt hier heden ten dagen nog trouwen, kost 30 pond (ca.40 euro) en de gasten betalen gewoon entreegeld.

De ceremonie van 5 minuten vind plaats bij het aambeeld en werd na het wederzijdse jawoord bezegeld met een klap van een smidshamer op het aambeeld.

We hebben ons nog op de foto laten zetten met ons hoofd door een houten paneel waarop een koets afgebeeld was.

Trijnie speelde de angst dat we ingehaald zouden worden door de familie.

Het ontlokte glimlachen op de gezichten van de toeristen die naar het schouwspel keken.

Er is hier veel historie geschreven in dit deel van Engeland. Denk aan Robin Hood en King Arthur.

Er zijn films van die historie gemaakt en veel scenes zijn opgenomen in het landschap waar we de afgelopen dagen door gefietst zijn.

We fietsen terug via de fietsroute 7 en 10, langs smalle paadjes wat natuurlijk leuker is dan via de drukke wegen.

We steken de Esk weer over via een oude spoorbrug, het smalle paadje waar we fietsen vanaf Longtown was aangelegd op de vroegere spoorbaan.

De route ging verder over asfaltwegen waar weinig verkeer was.

“ik ben mn regenjasje kwijt” riep Trijnie terwijl we bij een mooie oude kerk stonden te kijken.

Ik sprong meteen als een galante (geen elegante) ridder gelijk op mijn stalen ros en peddelde de weg terug(red: ik kreeg geen kans om ook maar iets te zeggen!) Na een 2,5 kilometer lag daar haar jasje midden op de weg.

Er stonden geen bandensporen op, of er was nog niemand langsgekomen of men had er netjes omheen gereden.

Toen ik het stuk weer terug gereden was wachtte jonkvrouw Trijnie me op en gaf me naast een liefdevolle blik ook een dikke pakkerd.

Zo weer een goede beurt gemaakt bij mijn liefje(red: mijn liefje helemaal rood aangelopen en in het zweet! hahaha)

Terug krummelend over tussendoorweggetjes eerst bij de Tourist Information een betere en gedetailleerdere kaart van dit deel van Engeland gekocht.

Kunnen we gaan plannen hoe we na het beëindigen van de route 72 weer terug gaan naar de oostkust.

Vanavond nog wat rongekuierd in Carisle, een leuke plaats met veel winkels en oude monumenten.

Vooral de castle en de cathedral zijn indrukwekkend.

31-08-2014

Vanmorgen tijdens uitchecken de eigenaar er op geattendeerd dat we nog een rekening hadden open staan voor het eten en drinken van gisteravond.

Hij was verbaast over onze eerlijkheid, gaf ons daarom korting.

Het is zwaarbewolkt, nog weinig wind en na de stop bij de supermakrt weer de bordjes 72 gevolgd.

We reden door Greenhead en werden een aantal keren opgeschrikt door wegvliegende/fladderende jonge fazanten.

Ook diverse konijnen gezien die echter net zo plat waren als de meeste egels die je in Nederland ziet, doodgereden dus.

Onderweg ook aan de vogellijst toegevoegd mussen, winterkoninkje, en ja hoor de eerste roofvogel.

Een buizerd zweefde al roepend boven de bomen. Voor Gilsland werd de weg versperd door een riviertje.

Er met de fietsen doorheen of via het bruggetje. Toch maar het bruggetje genomen.

Bij Gilsland kruizen we de wandelroute, aangegeven met een eikel, die langs de Hadrian Wall loopt.

We zagen de wandelaars door de heuvels lopen over smalle paadjes tussen de landerijen en bospercelen door.

En toen was hij er ineens, de muur.

We waren bij Poltross Burn Milecastle, de restanten van een wachttoren die op veel plaatsen tegen de muur aan gebouwd waren. Hier was de zeven meter brede muur herbouwd , een stukje van 10 meter.

De contouren van de wachttoren waren duidelijk te zien.

Het paadje naar Poltross was smal, ging via een bruggetje over een “waterval” waarvan het water onder een stenen brug door stroomde.

Ons werd de weg gevraagd door een stel Wall-wandelaars, ik wees op het bord met de eikel en ze waren verbaast dat ze het zelf niet gezien hadden.

Een kilometer of 10 verderop kwamen we langs een stuk muur van een paar honderd meter.

Deze was gelegen bij Birdoswal waar ook een Romeins fort stond.

Er waren hier muurdoorgangen gebouwd door de Romeinen en er waren natuurlijk veel opgravingen geweest en nog aan de gang. Benden in het dal stroomt de rivier Irthing, een stuk smaller dan de Tyne maar ook vrij meanderend door het landschap.

Het landschap was ook langzaam veranderd.

Waren er gisteren in hoofdzaak gecultiveerde landerijen en graslanden met koeien en schapen, nu was het landschap ruiger, onverzorgder of zoals je het beter kunt zeggen natuurlijker.

Een koe liep rond haar net geworpen jong, het nageboorte hing er nog uit.

Er graasden kuddes met schapen met zwarte koppen en poten, zijn van het Engelse ras Clun Forest.

Niet alleen het landschap maar ook het weer was anders. s Morgens T-shirt – sweater -windjasje aan, in de loop van de dag konden we alleen in T-shirt fietsen.

Ook stond er beduidend minder wind en het aantal pittige klimmetjes ook minder veel.

Weer een stukje Romeins nalatenschap, Piper Sike Turret, de contouren van een wachttoren en een stuk opgebouwde muur langs de kant van de weg.

Schitterend is het iets verderop gelegen Lanercorst Priory, een uit 1169 stammende kerk, waarvan een deel ruïne was.

Het schip, wat van latere tijd is, stond nog mooi overeind en was nog in gebruik als kerk.

Ook hier een zeer oude begraafplaats met stenen waarop doodshoofden gebeeldhouwd waren.

We genieten van de mooie vergezichten al moeten we de weg er naartoe soms lopend afleggen.

Zoals jullie weten zijn we niet zulke klimgeiten.

We fietsen door Brampton, Trijnie gaat zoeken naar een cache bij een kerk en komt in gesprek met een ander verslaafd echtpaar. We vervolgen de weg via Hayton, How, Fenton, Warwick Bridge en rijden langs de rivier Eden.

Op de grindstrandjes zijn mensen aan het pootjebaden.

We vervolgen de weg naar Carlisle waar de de nacht willen doorbrengen.

Ontnuchterend was het bordje langs de snelweg Newcastle 55 kilometer terwijl wij er 146 kilometer over gedaan hebben.

Maar ja wat zie je als automobilist en wat hebben wij gezien. Een wereld van verschil.

Dan maar een stukje omrijden is ons motto. Ook konden we rechtsaf naar Schotland, gaf een wegwijzer aan.

Over die autos nog iets wat we nog niet begrijpen qua nummerborden.

De meeste hebben alleen letters/cijfers op hun bordje staan, andere het Europese teken en GB of E.

We overnachten in het Crown & Mitre Hotel in het centrum van de stad.

Toen ik voor het hotel bij de fietsen stond terwijl Trijnie de kamer bekeek werd ik aangesproken door een vrouw.

Of ik uit Nederland kwam. Na bevestigend te hebben geantwoord vertelde ze dat ze deze zomer in Delft en Hoorn geweest was.

En ze had geen delftsblauwe wooden shoes gekocht kwam ik te weten, wel een delftsblauw rekje voor de handdoeken.

Waar je het al niet over hebt in den vreemde. We blijven twee nachten, we zijn bezig met plannen voor morgen maar dat, ja dat lezen jullie morgen wel weer.

30-08-2014

Vanmorgen na het Engelse ontbijt voor mij, witte bonen, gebakken ei,toast, gebakken tomaat, worstje en een ongedefinieerde plak bloedworstachtig iets op stap.

Trijnie had het rustiger aan gedaan met roerbakei en toast.

Natuurlijk ook extra toast met jam er bij want we moeten weer even vooruit kunnen.

Eerst de supermarkt bezocht voor fruit, brood en beleg voor onderweg.

De supermarkten zijn hier elke dag open van 07:00 uur tot 22:00 uur, dus ook op zondag wat betekend dat we geen extra inkopen hoeven te doen voor morgen.

Hopelijk zien we vandaag iets van de muur of andere nalatenschap van de Romeinen.

En ja hoor na 3 kilometer fietsen een site waar Romeinse dingen te zien zijn.

Maar ja we zijn een uur te vroeg en om zo lang te wachten is ook niet handig.

Maar verder dus. Rechts in de heuvels mooie oude burchten met grote toegangspoorten aan de weg.

De zon schijnt er mooi op, want het is dan wel wisselend bewolkt maar de zon piept er toch regelmatig door.

We fietsen door Hexam, door de heuvels en landerijen. Alle landerijen zijn hier afgebakend met stenen muren.

Allen zijn opgebouwd uit gevonden stenen, de meeste zonder cement ertussen kunstig gestapeld anderen gebruiken cement als plakmiddel.

Ze staan niet alleen langs de weg maar gaan ook de heuvels op als afscheiding van de eigendommen van verschillende mensen. Als er geen muur staat dan is het land omzoomd heggen, sommige heel oud gezien de dikke stammen.

We komen de rivier Tyne weer tegen en nemen de eerste picknickstop langs het water.

Trijnie heeft uit nieuwsgierigheid een pot Lemon Curd gekocht, gemaakt van verse eieren,limoensap en boter.

Het smaakt goed, al vind ik het wat te limoenachtig. Ik houd het maar bij vleeswaren.

Het verkeer rijd over een brug die nieuw gebouwd is maar Romeins lijkt.

Wat dat betreft bouwen ze hier naar de oude stijl wat zijn charme heeft.

De wind is behoorlijk aangewakkerd, ergens rond windkracht 7, komt uit het westen en daar moeten wij net naar toe.

Dus vaak wind tegen al slingert de weg door het heuvelachtige landschap en komt hij ook wel van opzij. Heuvelachtig is het hier, vooral de eerste uren meer stijgen dan dalen.

En als we dan kunnen dalen dan zorgt de wind dat we niet op snelheid komen.

We steken tweemaal het spoor over, geen spoorbomen maar zelf hekken openen en oversteken.

We worden er wel op gewezen om goed te luisteren en te kijken voor we oversteken. Wel handig, al kijken we wel steeds verkeerd omdat de treinen hier ook links rijden. Logisch maar even niet aan gedacht.

Verder gaan de trappers, door Fourstone waar een mooi houten kerkje staat, New Brough en maar op en neer.

De vogelsoorten breiden zich uit met vinken, een enkele kieviet en ekster.

Ook dat stak een wezeltje de weg over.

Er lopen hier veel ‘Public footpaths door de heuvels en landerijen. De afstanden naar de plaatsen worden aangegeven in wandeltijden. We passeren heuvels met heide die in bloei staan en de karakteristieke muurtjes ertussendoor. Het pad dat hier doorloopt is waarschijnlijk voorzien van open water, diepe gaten en ‘peat bogs wat het laatste ook maar betekenen mag want er staat een waarschuwingsbordje bij de houten trap waarmee je over de muur kunt klimmen.

Wat staat daar langs de kant van de weg? Een Romeinse toren? Zouden we dan de eerste Romeinse sporen gaan zien? Nee het is een Crindeledykes Limekiln.

Een wat? Ja dat dachten wij ook maar gelukkig stond er een beschrijving bij. Het bleek een grote oven te zijn waarin met behulp van kolen Limestones werden verbrand.

Onder uit de oven kwamen dan slakken die men op het land gooide om de grond te ontzuren. Zal wel dezelfde eigenschappen hebben als kalk. En wat Limestones is hebben we niet kunnen vinden in de beschrijving. Maar een keer op internet opzoeken. Wie van de lezers het weet kan het in het gastenboek zetten.

En daar beneden zien we een opgravingsachtige site en wat blijkt we zijn bij “Roman Vindolanda” een opgraving van een oud fort waarom heen huizen uit de periode 213 tot 276 na Christus stonden.

Het fort was een onderdeel van de Hadrians Wall.

De plattegronden van de winkels, huizen en kroegen zijn er te zien en die van het ommuurde fort natuurlijk ook. In het museum waren zaken te zien die men daar gevonden had. Restanten van schoenen, kleding, sierraden, munten, aardewerk en tabletten waarop schrift te zien was. Indrukwekkend.

Uiteindelijk in Haltwhistle terecht gekomen, die zijn naam te danken heeft aan een hoogte tussen twee rivieren. We slapen in de Maron House Inn, een oud gebouw met goede moderne kamers. Even uitrusten en dan het plaatsje verkennen. Het is niet groot maar heeft een mooie kerk met dito kerkhof waarop graven van mensen overleden in 1820. Opvallend zijn de zeer grote grafstenen met veel tekst, echt anders dan bij ons. Ook de Whistle Art Shop bezocht, waar fotos en schilderijen ten toongesteld werden. Het was er alternatief met legio geverfde laarzen waarin planten stonden, poppen en een heuse nep olifant. Op de fotos stonden ingewanden (thema zo mooi is de natuur), portretten, Thailand, bloemen. Er hingen een paar mooie schilderijen bij maar ja die passen niet in de fietstas. Er is hier geen restaurantje te vinden dus maar eten in het hotel.

29-08-2014

Na een redelijke nacht wordt het licht in de cabine. Het is 06:30 uur en straks met een ½ uurtje ontbijten.

Trijnie reddert wat aan in de kleine ruimte, de tassen moeten fietsklaar gemaakt worden, fietskleren eruit, andere er in. Genieten als je zo op bed wakker ligt te worden.

Om 07:00 uur Nederlandse tijd het ontbijt. Hadden we bijgeboekt, 15 euro pp, zag er goed uit. Natuurlijk de traditionele witte bonen in tomatensaus, worstjes, scrambled eggs , maar gelukkig voor Trijnie ook brood en allerlei soorten beleg.

Buikje rond en nu nog even wachten tot we de rivier Tyne op varen, zal rond 9 uur engelse tijd zijn. In Newcastle upon Tyne zullen we de fietsroute 72 gaan zoeken nadat we geld gepint hebben.

O ja niet vergeten, we moeten links fietsen. We hebben de tracks in de GPS zitten dus het zal wel lukken.

Het ontbijt was goed en dan wachten op het aanmeren. We varen de rivier Tyne op die door Newcastle stroomt.

Hij komt om 09:00 uur engelse tijd aan, spullen naar de fietsen en vrij vlot van boord.

We zien gelijk de bordjes van de Hadrians Wall route nr.72 als we de boot afrijden. Het is zwaar bewolkt, af en toe piept de zon erdoor, de temperatuur is rond de 18 graden.

Terwijl we aan het cachen waren spraken twee amerikaanse vrouwen ons aan.

Hadden de route van west naar oost gefietst en hadden erg genoten van het landschap, de oude opgravingen van de muur en de bevolking.

Terwijl we stonden te praten begon het te regenen.

We zijn vlak bij Newcastle en kiezen onze toevlucht bij Hub Cafe, its all about the bike.

Je kunt hier krantje lezen, fietsen huren, fiets laten repareren, een oase tijdens de regenbui.

Daar pittige aardappel soep en sandwiches gegeten.

Het is weer droog, verder maar naar het centrum van de stad.

De paden leiden ons steeds langs of in de buurt van de Tyne, door het duingebied van de stad.

Geen drukke wegen, geen autos maar heuse fietspaden.

We halen wandelaars met rugzakken in, groeten de tegemoet komende stappers, allen lopen de route van the Wall.

Jong en oud, met weinig en veel bepakking, alle soorten en maten mensen dus.

Steeds wordt er gegroet, we hebben immers allen dezelfde route voor de boeg of straks afgelegd.

In Newcastle rijden we langs de boulevard, zien de 8 bruggen die binnen 1 kilometer liggen.

Een brug voor de voetgangers/fietsers, een brug voor de trein, voor de metro, en meerdere voor autos.

Ze hebben allemaal een andere vorm en kleur, zijn modern wit (halfronde brug voor voetgangers en fietsers) of van staal of steen.

Het zonnetjes schijnt, verstopt zich af en toe achter de wolken, maar het is lekker om te fietsen.

Wel wind maar dat houdt de wolken in beweging en voorkomt regenval.

We rijden richting Newburn, doen daar boodschappen en aanschouwen een grote oven waarin glas werd gesmolten.

Lijkt een beetje op de kalkoverns in Nederland en de steenovens in Azie.

We rijden langs het geboortehuis van ene George Stephenson, een bouwer van machines uit vervlogen tijden.

We passeren de Hagg Bank bridge nabij Wylam, een 150 jaar oude brug aangelegd voor de kolentransporten naar Carlisle. Het pad waar we over fietsen was vroeger dus de spoorweg, een oude tunnel onder het spoor maakte het oversteken in vroegere tijden mogelijk.

We passeren Ovingham en Prudhoe.

Genieten van het golvende landschap met weides waarin koeien of schapen lopen, hooilanden met de rollen hooi erop, de typisch Engelse huizen.

Trijnie waant zich in de boeken van Catharina Cookson waarvan zich een aantal hier afspelen.

Naast de meeuwen zien we houtduiven, kraaien, zwaluwen en geen roofvogels. Dat laatste is vreemd gezien het landschap waarin je ze wel verwachten zou.

We bereiken Corbridge, een prachtig plaatsje waar we willen overnachten.

We hebben zon 50 kilometer op de teller staan en het is rond 16:30 uur.

We vinden onderdak in “the Wheatshaef hotel”. Kamer 90 pond, inclusief ontbijt en wifi.

Het stadje verkend, mooie huizen, robuuste kerk met vierkante toren inclusief kantelen en Indiaas gegeten.

De eerste dag zit er op en we hebben genoten.

28-08-2014

Vanmorgen was het dan zover, met 212 kilometer voor de wielen op naar IJmuiden.

We waren al jaren van plan de Hadrians Wall in Engeland te fietsen maar hadden steeds op het laatste moment anders besloten.

Oorzaak het weer, wat in Engeland de reputatie heeft van koude, mist en veel regen.

Maar nu moest het er maar van komen, de weersvoorspellingen voor de komende 14 dagen in Engeland, voor wat het waard is, is redelijk.

Dus we wagen het er maar op.

In IJmuiden de parkeerplaats opgezocht, alles op de fietsen gedaan en op pad.

We waren te vroeg dus we konden nog even schat zoeken en eten voor we aan boord gingen.

In IJmuiden rond gepeddeld, “ik wil hier niet wonen want het stinkt hier overal naar vis” zei Trijnie toen ze een woning te koop zag staan.

En inderdaad alles is gericht op de visserij.

We wilden, net als tijdens het rondje Nederland, eten bij vishandel Waasdorp welke naast een viszaak ook een restaurant hadden.

Ik schrijf hadden want de familie had het restaurant verkocht en runde nu alleen nog de viszaak.

Ik kwam daar achter toen ik vroeg of Waasdorpen hier korting konden krijgen, natuurlijk met een lach op het gezicht.

Want alle Waasdorpen zijn familie en die uit IJmuiden dan natuurlijk ook al gaat het terug tot 1780 voor we dezelfde voorvader hebben.

“We zijn niet meer van Waasdorp maar we hebben de zaak vorig jaar overgenomen en heten nu ‘Steflers ” was het antwoord. Ach Steflers, blijft het toch nog een beetje gerelateerd aan onze familie.

Toen we de auto parkeerden zagen we de King Seaways, van de maatschappij DFDS Seaways, al liggen.

Hoog torende hij boven de kade uit.

Met zijn 12 dekken en giga laadruimte waarin vrachtwagens makkelijk een plekje vonden. Ook personenautos, motoren en fietsen vonden hun weg naar de stalling.

De fietsen staan op dek 4 vast gesjort aan de stangen in het laadruim.

Eén dekje omhoog, smalle trappen, en we kwamen bij dek 5 waar onze hut 557 ligt. Met zeezicht.

Inderdaad een groot vliegtuigraam geeft zicht op de bezigheden in de haven en straks op zee.

Verder 2 bedden, met 2 opklapbedden erboven, een douche, toilet, kaptafeltje en dat allemaal in een ruimte van 2.20 bij 4 meter. Lekker knus.

We wachten tot 17:30 uur, dan verlaten we Nederland en gaan de zee op.

We komen om 09:00 uur morgenvroeg aan, waarschijnlijk britse tijd want het is er namelijk een uur vroeger dan bij ons. Straks maar eens de boot verkennen.

Het is een giga boot zoals we aan de buitenkant al zagen.

Drie restaurants, drie bars, een casino, een bioscoop met twee zalen, tax free winkeltjes, en twee clubs voor de kinderen.

Je kunt hier wel verdwalen. We zijn met 1000 passagiers op de boot en je hebt niet het idee dat het druk is.

Er zijn allerlei hutten aan boord, van Commodure de luxe lounge met alles er op en er aan, net een hotelkamer, tot de inside cabin.

Wij hebben een hut met zeezicht, zelfs gordijntjes aanwezig al zijn er behalve meeuwen geen overburen. Of zal er op de langsvarende schepen met verrekijkers naar ons gekeken worden?

We hebben op dek 8 het uitvaren van de boot ondergaan. Rustig, zonder dat we het merkten gleed de kade bij ons vandaan. Ook op zee is het rustig, geen noemenswaardige golven en de boot glijdt door het water.

Wel schommelt hij een beetje wat je merkt als je loopt, je lijkt af en toe aangeschoten.

Op zee de schepen in de rij voor de haven van Rotterdam, booreilanden en een windmolenpark met 56 molens.

Naast de boot hangen de zeemeeuwen roerlos stil in de lucht, zweven met de boot mee en lijken dus aan een draadje aan de hemel te hangen.

Na wat drinken weer naar hutnummer 557, toetje eten en straks een wijntje en wat vreterij erbij. O daily lifestyle, we fietsen het er wel weer af morgen.

Kijken of we vannacht een beetje slapen kunnen, het schip kreunt en de motoren maken een monotoon geluid.

Maar het zal wel lukken om de luiken dicht te krijgen en houden.

Morgen om 07:00 uur , Nederlandse of Engelse tijd, buffetontbijt.

Maar zover is het nog niet.

Even een stukje geschiedenis vooraf (bron Wikipedia):

De Muur van Hadrianus (Latijn: Vallum Hadriani, Engels: Hadrian''s Wall) werd gebouwd onder Hadrianus, keizer van Rome van 117 tot 138 na Chr. De keizer wilde overal in het rijk persoonlijk zijn militaire apparaat inspecteren en de provincies zelf leren kennen. Daarom reisde hij sinds 121 het gehele Romeinse Rijk door. Na een bezoek aan Britannia liet hij daar van 122 tot 128 de 117 km lange muur bouwen, die als onderdeel van de limes (versterkte grenslinie van het rijk, waaronder Vindolanda) tot eind 4e eeuw dienst deed. Hadrianus'' opvolger keizer Antoninus Pius herhaalde dit project door vanaf 142 de noordelijker Muur van Antoninus (Antonine Wall) aan te leggen.

De muur van steen en plaggen (Engels: turf) was een versterking over de gehele breedte van Groot-Brittannië en had als doel om de Romeinse noordgrens te beschermen en invallen van de stammen, later bekend onder de naam Picten, vanuit het noorden (het latere Schotland) te voorkomen. Daarnaast diende hij als symbool van de Romeinse macht, zowel in Britannia als in Rome. In de enige Romeinse bron over de muur staat dat hij diende om de Romeinen te scheiden van de barbaren.

De muur vormde ook de noordelijke grens van het Romeinse Rijk en was een van de best bewaakte stukken. Vermoedelijk deden de poorten in de muur ook dienst als douaneposten, om zo de handel doorgang te kunnen laten vinden.

De muur liep van de Solway Firth naar de Tyne (tussen het huidige Carlisle en Newcastle) en lag enige kilometers ten zuiden van de huidige grens met Schotland.

Hij werd aanvankelijk opgetrokken met een breedte van 3 meter, hoewel later gebouwde delen iets smaller waren. De hoogte was vermoedelijk tussen de 4 en 5 meter. Op vaste afstanden lagen 14 grote en 80 kleinere forten.

Gezien van noord naar zuid bestond het verdedigingswerk uit een glooiing met een diepe gracht voorzien van puntige staken, dan kwam de muur zelf. Daarvoor lag een militaire weg voor de verplaatsing van goederen en manschappen, en tenslotte waren er twee verhogingen met weer een gracht ertussen. Deze vallum vormde de begrenzing van het militaire gebied.

De muur werd afgebeeld door Hal Foster (1892-1982) in zijn strip Prins Valiant en door Hans G. Kresse (1921-1992) in diens strip Eric de Noorman. Ook in de stripreeks Asterix komt de muur voor.