2014 Maleisie Sumatra

Fietstocht van 7 weken door Maleisie en Sumatra

28-02-2014

Vanmorgen na het ontbijt op naar de Medan Zoo. We lazen op internet dat de dierentuin in 2005 is gebouwd en verwachten een redelijk moderne dierentuin. Maar eens kijken wat het daar is. Eerst moeten we hem nog zien te vinden. We zagen toen we richting het hotel fietsten borden die naar de dierentuin verwezen. Dus eerst maar eens naar de hoofdweg en dan naar links. Onderweg goed op borden letten, af en toe vragen en werden de verkeerde kant opgewezen. Geen borden te zien. Uiteindelijk iemand getroffen die wist waar het was en we waren te ver gereden. "jullie moeten vragen naar Simalingkar B, dat weten de mensen wel" was zijn advies. We moesten langs een wegversmalling, het was druk dus ik raakte Trijnie uit het oog. Ze reed achter me en stond tussen de auto''s en brommertjes. Ik naar de zijkant van de weg en wachten tot ik haar weer zag. Niet dus. Tot twee jongens in een vrachtwagentje me duidelijk maakte dat ze al lang voorbij was. Ze hadden een lol en hadden gelijk, ze was me ongezien gepasseerd en fietste voor mij. Er weer gauw achteraan.

Na wat vragen stonden we uiteindelijk voor de ingang van de Tanda Pembayaran Tarif Musak Medan Zoo. Niet hoopgevend, ondanks dat het 9 jaar oud is ziet het er verwaarloosd uit. Kaartje kopen en naar binnen. Bedroefend hoe de dieren hier ''gevangen'' gehouden worden. Terwijl de omgeving heel natuurlijk is, beetje jungle-achtig, toch de dieren in betonnen bakken en metalen kooien. Vogels die wezenloos op takken zaten, af en toe schreeuwend, tijgers en kraagberen in betonnen bakken, liepen maar wat heen en weer. Het is een groot terrein met een mooie speelplaats voor de kinderen. Er vlogen musjes en renden paarden, lekker vrij zoals het bedoeld is. Een schril contrast met hun mededieren. We werden er stil en kwaad van. Een Indier die dierenverzorger is vroeg mij wat ik er van vond. "schandalig, dieronvriendelijk" was mijn reactie. "In Europa proberen we de dieren in hun nagebootste natuurlijke omgeving en hier is de omgeving er maar zetten ze de dieren in betonnen bakken". Hij begreep het wel en liep toen maar snel verder. Dus nooit, nooit meer naar een dierentuin.

Er staan rieten matten langs de kant van een weide, daarop kun je met het gezin picknicken, wat gedaan werd. Natuurlijk ontbreken ook de souvenier- en eetstalletjes niet.

Trijnie heeft een waypoint gemaakt bij het hotel en zou ons via binnenweggetjes en een kortere route naar het hotel voeren beloofde ze. Dus wij de desa in vanaf een doorgaande weg waarop we gekomen waren. Hemelsbreed 5 kilometer van het hotel maar we liepen steeds vast op niet doorgaande wegen. Zo bij een indrukwekkende begraafplaats terecht gekomen. Allemaal grafstenen, wit met blauwe bies en tegeltjes van Jezus erop. Op de graven ook geemailleerde foto''s van de overledene die in het graf lag.

Een stukje terug en maar weer proberen. We kwamen er niet door en liepen steeds vast, we konden niet verder. De mensen keken ons verbaast aan als we langsreden. ''Wat doen die hier'' zag je ze denken. Uiteindelijk maar weer de doorgaande weg genomen en via de route die we gekomen waren weer teruggefietst.

Het was weer heet, we drinken veel meer dan we de afgelopen weken gedaan hebben. Toen zaten we in koelere oorden, nou ja koeler, het was wel zweten maar een graad of dertig. Nu wees de teller weer tegen de 40 graden aan. Ook vermoeden we dat de Sinabung, de erupterende vulkaan zo''n 90 kilometer hier vandaan de dorst kan veroorzaken.

Na wat afgekoeld te zijn in het restaurant gauw de kleren uit (op de kamer natuurlijk), zwemkleding aan en het zwembad in. Heerlijk water, opdrogen op de ligstoelen, weer afkoelen, beetje lezen en dutten. Wat is het hier toch heerlijk.

Een poos gepraat met de eigenaar, geen directe familie van meester Buiskool uit Weerdinge. Hij vertelde toen we zeiden dat we naar de dierentuin geweest waren dat de Indonesiers niet diervriendelijk zijn. In de jaren dertig van de vorige eeuw was er een soort dierenbescherming, maar na de tweede wereldoorlog is deze niet meer opnieuw opgericht.

Morgen gaan we naar de Oerang Oetans, vertaald bosmensen in het Bohork/Bukit Lawang Orang Utan Rehabilitation Centre. We gaan met een auto en gids en maken een junglewalk om de apen en mogelijk andere dieren in het wild te zien.  

27-02-2014

Vanmorgen bij het ontbijt een niet werkend toastrooster, de toast bleef niet beneden. Oplossing: bediening hield de knop waarmee toast naar beneden gedrukt wordt vast tot de toast klaar was.

Het was druk om de stad uit te komen. We hinken nog op twee gedachten, of overnachten in Tebing Tinggi of met de trein naar Medan. Maar eerst Tebing Tinggi maar zien te bereiken. We rijden over een drukkere weg waarin veel ingehaald wordt. Dus een aantal keren in de remmen omdat een bus of personen auto van de andere kant de langzamere vrachtwagens inhaald. Een keer mijn middelvinger opgestoken toen ik de berm in moest ''vluchten''. We rijden door rubberboomplantages, millioenen bomen met een bakje eraan om het witte vocht op te vangen. Mensen zijn bezig om bij bomen waarbij de productie gestopt is opnieuw aan te snijden.

Tijdens een koffie break waren meisjes in gele t-shirts een drankje aan het verkopen waarin Ginseng en Kurma zit. Het is goed voor de gezondheid en het maakt je sterk. Maar ze vonden dat wij dat niet nodig hadden, we moesten wel gezond zijn als je hier fietst. Nou moet ik zeggen dat we voor de tweede dag op rij een droge mond hebben van de uitlaatgassen. Regelmatig fietsen we in walmen van brommers en vrachtwagens. Maar ja dat hoort er bij denken we maar.

Ik krijg hoofdpijn van het geconcentreerde rijden en de vuile lucht. Daarnaast is het ook nog heet en we zweten alsof we in een sauna zitten. Ook het feit dat we nog niet weten wat we gaan doen zal een oorzaak zijn.

Langs de weg warem tientallen mensen bezig hun restaurantje in te richten. Er werden lage plastick stoelen en dito tafeltjes neergezet in de berm en de koopwaar waren kokosnoten. Gezellig langs de weg ''rustig'' je kokosnoot leegdrinken. Geen aanlokkelijk idee dus we zijn maar doorgesfietst.

De rubberboomplantages maken plaats voor palmolieplantages. Af en toe rijden we door een kampong of desa maar verder alleen druk verkeer en het eentonige landschap.Ook de weg van Tebing Tinggi is zo, nog veel drukker als je bij Medan komt, dus dat doet ons besluiten om gelijk door te gaan naar Medan. We komen langs een hotel in de stad, toch maar een overnachting en morgen met de trein naar Medan? Het hotel is niks dus dat versterkt onze gedachte om gelijk door te gaan. Dus naar het treinstation. Onderweg hadden we een aantal keren de rails overgestoken en we zagen de rails in de stad lopen, dus met wat vragen vonden we het station vrij snel. We moesten na de eerste vraag: ''kunnen we met de fietsen met de trein mee'', onze paspoorten afgeven. We konden met de fietsen op de trein van 19:00 uur. Op de andere treinen konden geen fietsen. Of we konden de trein die over 20 minuten naar Medan gaat pakken en de fietsen laten staan. Worden dan op de trein van 19:00 uur gezet en konden we dan om 21:00 uur ophalen bij het station in Medan. Dat leek ons dus niets, paspoorten teruggevraagd en maar eens op zoek naar een busterminal.

En toen ging het snel. We vroegen naar de busterminal, riep iemand: daar komt de bus naar Medan. De mensen zwaaiden naar de chauffeur dat hij stoppen moest, de busboy kwam naar buiten, bagage van de fiets, fietsen op de achterbank, bagage onder in de bus en twee minuten later zaten we in de bus onderweg naar Medan. (red: als alles zo snel gaat ben je direct in actie en daarna kijken we elkaar aan en barsten in lachen uit)

Tickets voor ons en de fietsen, je betaald meestal per stoel en de fietsen namen zes stoelen in beslag was 200.000 roepia, dus zo''n 14 euro. Dus voor we het goed en wel door hadden reden we over drukke wegen, een hoop getoeter en vrachtverkeer, opstoppingen bij de pasars van plaatsen waar we door kwamen wat de juistheid van de beslissing alleen maar versterkte. Nu nog een hotel zien te vinden in deze grote stad. De busboy vond de tatoeage van Trijnie maar gaaf, hij maakte er stiekum een foto van zag ik wel. (red: gebeurt wel vaker. Hier betekent een tatoeage bij een vrouw dat je een "wilde" bent. Ik weet niet wat ze zich daarbij voorstellen! haha...)

De busterminal ligt net buiten de stad dus we stopten daar en moesten uitstappen. Eerst maar eens een sanitaire stop, waren voor de busreis niet aan toegekomen. En hoewel de afstand maar 80 kilomater is deed de bus er ruim twee uur over.

We willen naar het Deli River hotel, waar we de laatste nacht voor de terugreis al hebben geboekt via onze agent. Hopelijk hebben ze ruimte, maar het enige wat we hebben is de hotelnaam en de straatnaam. We rijden richting het centrum, af en toe vragen, mensen wijzen ons al maar rechtdoor en uiteindelijk het idee gekregen om bij een tourist&travelagentkantoor te gaan vragen. Gingen we dus de verkeerde kant op. De agent van het kantoor maakte een tekenening, bij 3de stoplicht rechtsaf, dan de eerste weg weer linksaf langs een voetbalveld en aan die straat moet het hotel liggen. Na 8 kilometer reden we de oprit van het hotel op. Gelukkig hadden ze voor de komende nachten plaats, werden we onthaald met een welkomsdrankje van gepureerde banaan met melk, een lekkere opfrisser. Het is hier gemoedelijk, hebben een goede kamer, een zwembad, de eigenaars spreken Nederlands. Hij komt uit het groningerland, heeft Buiskool en is getrouwd met een indonesische. Verdere info ontbreekt nog, we hebben nog niet met de eigenaar gepraat. Ik ben benieuwd of hij nog familie is van meester Buiskool uit Weerdinge. Ben ik vaak tegen gekomen tijdens mijn historische en genealogische onderzoeken in de gemeente Emmen.

We houden jullie op de hoogte.

De komende dagen willen we een aantal excursies doen, o.a. naar de Orang Oetangs. Ook willen we als we de moed op kunnen brengen naar de Zoo in Medan. Eens kijken hoe de dieren er daar bijstaan. Moed opbrengen omdat we tot nu toe alleen in Singapore een ''diervriendelijke'' dierentuin hebben gezien. In Parimaribo, Bangkok, en andere steden was het veelal niet meer dan droevig. Dus als we gaan zal ik er over schrijven. (red: grote muskieten dat ze hier hebben, en veel. Je zou er een vleesgerecht van kunnen maken. Wie weet hoe lekker ze zijn! Je ziet ze het meest tussen 18:30 en 20:00 uur. We hebben van hier goed spul gekregen die ze op afstand moet houden. Zelf hebben we ook wel, maar deze helpt beter.)

26-02-2014

Toen Trijnie vanmorgen vroeg op het balkon stond te kijken naar het meer vloog er een zeearend recht op haar af over het meer.

Zijn witte kop en machtige vleugels waren mooi te zien.

Hij trok zijn vleugels in voor een duikvlucht naar een vis en pakte die zo het water uit.

Een mooi begin van de dag dus.

Gisteravond de fietsen alvast de trappen van het hotel afgereden en bij de aanlegplaats van de ferry gezet.

We kunnen vanaf het hotel vertrekken naar parapat.

De ferry vaart een aantal hotels langs en voert hotelgasten aan en af.

Voor het ontbijt alvast een aantal fietstassen bij de aanlegplaats gezet.

Na het ontbijt nog even naar de kamer, uitchecken en de rest van de tassen beneden neergezet.

Om 07:35 uur zaten we bij de aanlegplaats te wachten op de ferry die tussen 07:45 uur en 08:00 uur langs komt.

En ja hoor om 08:00 uur konden we de fietsen en de tassen op de ferry tillen.

Er zaten twee landgenoten op de boot, twee wichters van een jaar of twintig.

Ze hadden ons zien fietsen en toen tegen elkaar gezegd die zijn stoer, " we moeten er niet aan denken hier te fietsen". Ze gingen ook naar Medan, maar lieten zich brengen met een personenauto.

Dit waren de eerste Nederlanders die we gesproken hebben de afgelopen vijf weken.

In Parapat de fietsen weer bepakt en op stap voor een ongewisse dag.

Want we moeten de bergen door en weten niet precies hoe steil en lang de beklimmingen zijn.

Eerst Parapat uitgereden waar het een drukte van belang was, veel verkeer.

Toen richting Pematang Siantar aangehouden en we waren de stad net uit of het klimmen begon.

Niet steil maar behoorlijk vals plat.

Na 3 kilometer lag het Tobameer al diep onder ons.

En het stijgen ging zo door tot een kilometer of zestien.

Af en toe een stukje lopen, even uitpuffen in de schaduw en natuurlijk de inwendige mens verzorgen.

De wichters passeerden ons terwijl we aan het klimmen waren.

Ze hingen uit het raam van de auto, wuifden en moedigden ons aan.

Ook andere mensen in auto''s en op brommers schreeuwden ons toe en staken duimen omhoog.

We zijn uiteindelijk gestegen van 900 naar 1274 meter boven de zeespiegel toen de weg afvlakte.

Na het klimmen volgt normaal gesproken afdalen en dat klopte nu ook weer.

De weg ging naar beneden, soms steil, andere keren met vals plat en zonder te trappen reden we zomaar 40 kilometer per uur.

Goed opletten op gaten in de weg, tegemoet komende auto''s die vrachtwagens inhaalden en onze snelheid verkeerd inschatten.

Tijdens de klim waren we drijfnat geworden van het zweet en daarom was het frisjes tijdens de afdaling.

Bij een restaurantje wat gedronken en daar waren ze druk aan het poolen.

De pooltafel stond onder een afdakje, de spelers hadden ook speel kaarten in hun handen.

Ze moesten de ballen met de nummers op de kaarten wegspelen.

Bij wie het eerst alle getallen van de kaarten waren weggespeeld kreeg geld.

Er werd dus om geld gespeeld.

We bleven maar afdalen, zaten bij Tigabalata op een hoogte van 500 meter boven de zeespiegel, een hele lange afdaling van wel 13 kilometer. De weg werd nu wat meer op en neer maar het was goed te doen.

De jungle heeft plaatsgemaakt voor de eentonige oliepalmplantages.

Op het stuk door de jungle mooie bloemen gezien.

Een soort was een rode bloem bestaande uit rode meeldraden met een geel puntje erop.

We wilden die vastleggen op de digitale plaat maar hij was op het stuk waar we toen fietsten niet meer te zien. Dus jullie hebben pech.

We fietsen Pematang Siantar binnen en zoeken een hotel.

We zijn terecht gekomen in het Grand Palm Hotel, ziet er goed uit en het heeft een zwembad.

Terwijl Trijnie het inchecken regelde stond ik te communiceren met de parkeerwacht.

Hij sprak nagenoeg geen engels maar met handen en voeten elkaar toch aan het lachen gemaakt.

Hij heeft een houten bordje met STOP erop in zijn handen.

Als een auto de weg op wil draaien vanaf het hotel houdt hij het verkeer tegen.

Tegen een kleine vergoeding natuurlijk.

Nadat alles op de kamer was en we wat gedronken hadden naar het zwembad.

Zag er mooi uit.

We wilden handdoeken hebben bij het zwembad en het duurde even maar de handdoeken kwamen er.

Na het zwemmen in het zonnetje gezeten, dan weer het water in om af te koelen.

Toen we zaten kwam iemand van de bediening ons een tafel brengen voor de handdoeken.

Het was heet in de zon dus ook de schaduw opgezocht.

Daarin wordt je ook bruin, bleek toen ik een uurtje in de schaduw had zitten lezen en ik behoorlijk verkleurd was.

Boodschappen gedaan bij de Indomart, hebben we weer voldoende water en mondvoorraad voor morgen.

Leuk was een straatje met allemaal kleermakers, kleine zaakjes met een of twee naaimachines en alleen mannen die kleding aan het verstellen waren of broeken korter.

Morgen willen we naar Tebing Tinggi fietsen en van daar mogelijk de trein naar Medan.

25-02-2014

Vandaag gaan we eerst naar Pangurunan, een plaatsje 42 kilometer hiervandaan.

Eerst de drie kilometer lopen naar de hoofdweg om daar een minivan, een local busje te nemen.

Onderweg waren drie kinderen aan het spelen met een karbauw, ze haalde modder van zijn vacht en de kleinste trok aan het touw waarmee hij vastzat.

Als de karbauw in beweging kwam rende hij gauw naar een veilige plek.

In het busje dat stopte was ruimte genoeg dus we hadden een comfotabele rit van ruim 1 uur.

Er kwamen gedurende de rit door Ambarita, Simanindo, Suhi Sut en Buhit geen passagiers bij, al keek de chauffeur wel steeds of er mensen stonden te wachten of een stopteken gaven vanuit hun huis.

De weg was bij toeren slecht en vooral de bruggen waren een aanslag voor het gammele busje.

Alles kraakte en piepte en de deuren rammelden.

De deur was alleen te openen door je arm door het raam te steken en de hendel van buiten te openen.

Onderweg veel graven in de meest vreemde vormen en kleuren.

De meeste hadden een Batak huisje, sommige stonden op een toren, sommige op wat leek een onderstel van een molen te zijn. Andere hadden een miniatuur kerk op het dak staan.

En dan de kleuren variatie''s. Fel roze, paars, geel, rood, blauw, we zagen het allemaal voorbij komen.

In dit deel van het eiland lopen naast karbauwen ook veel geiten aan een touw te grazen.

De geit was in Nederland in vervlogen tijden de koe van de armen.

Zou dit hier ook zo zijn? Zij die geen geld hadden voor een karbauw hadden een geit? Ook liepen er regelmatig mannen of vrouwen met een kruiwagen, zo''n nieuwerwetse ijzeren met luchtband.

Ze vervoerden er allerlei spullen in. Hadden ze geen geld voor een brommer? Was de kruiwagen de brommer van de armen?

We kwamen veilig aan in Pangururan en dronken eerst een glas koffie.

Ondertussen had Trijnie een chauffeur geregeld voor de 3 kilometer naar de hotsprings.

Het is een brommertje met zijspan.

De driver was een oude pezige en zeer goedlachse man met grote kaplaarzen aan.

Na de koffie dus samen in het bakkie en karren maar.

Trijnie vindt dit maar niets.

Niet het zitten in het bakkie of de rijvaardigheid van de driver baart haar zorgen maar mijn gewicht.

Zou het stevig genoeg zijn als we door kuilen gaan? Scheuren de lasnaden niet van dit gammel uitziende vervoermiddel? Maar ook nu overbrugden we de af te leggen kilometers zonder kleerscheuren.

Al stootte Trijnie wel haar hoofd aan de stang van het afdakje toen we met flinke vaart door een kuil gingen.

Maar ja Trijnie en hoofdstoten horen bij elkaar.

De hotspring was een heetwaterbron welke uit de diepte van de vulkaan kwam.

Het rook er naar zwavel of beter gezegd rotte eieren.

Er was een mannen en een vrouwen bad.

Trijnie mocht dus niet samen met mij in het bad terwijl we toch het bed delen.

Trijnie ging niet alleen dus ben ik maar in mijn eentje in het water gegaan.

Ik heb me omgekleed en liep naar het warme water.

Nou ja warm, zeg maar rustig heet. Eerst via het trapje mijn onderbenen maar eens laten wennen.

Dan een treetje dieper en mijn hele benen laten wennen.

Het was echt heet. En toen plons met "mien haile pokkel" het water in.

Toen ik eenmaal gewend was voelde het water heerlijk warm aan.

Een weldadig bad. Een poosje in het water gezeten en mezelf er toe gedwongen om er uit te gaan.

Het was zo een weldadige warmte dat, eenmaal uit het water mijn lijf rood was en de lucht koel.

Mijn huid rook niet naar verrotte eieren dus ik stonk geen uur in de wind.

Met dezelfde driver weer terug naar het centrum van Pangururan.

Een zeer grote kerk van binnen bekeken, al konden we niet vrij rondlopen omdat er net een kerkdienst begonnen was. Het was een betonnen constructie met een aantal glas in lood ramen erin.

In de kerk naast kerkbanken ook plastic stoeltjes.

De kerk was voor een kwart gevuld en de pastoor, het was volgens mij een katholieke kerk, was een vrouw.

Weer in het busje en nu op de terugweg uitstappen in Simanindo.

Hier is een Batak museum.

Voluit heet het Museum Huta Bolon Simanindo en was een klein openluchtmuseum.

Huta betekend dorp. Op een plein van aangestampte aarde stonden een tiental oude Batak huizen.

Naast de huizen van de ''burgers'' was er een Ruma Bolon of huis van de Koning, rijstschuren en stond in het midden een houten paal met figuren en bladeren uitgesneden.

Dit is de slachtpaal, wat voor zich spreekt.

Bij een oude vrouw die woonde in een van de Batak huizen heeft Trijnie een T-shirt met een fiets erop gekocht voor haarzelf(red: afgedongen om een euro! Het is eigenlijk te gek voor woorden).

Mijn maat had de oude vrouw niet.

In de expositieruimte stonden allerlei voorwerpen en kleden van de Bataks tentoongesteld.

Op 08-06-1982 zijn Juliana en Bernard hier op bezoek geweest.

Er hingen een aantal foto''s van ze gemaakt tijdens dit bezoek.

We verlieten het museum en lopen langs de weg wachtend op een busje. " jullie komen uit nederland" zei een local jongen die samen met een meisje aan de kant van de weg zit, "dat kan ik zien", vervolgde hij. "ik hou van jou" zei het meisje in het nederlands.

Na zo''n korte kennismaking al? Liefde op het eerste gezicht? Ik verbeeld me maar dat haar verklazing voor mij gold, of was het voor Trijnie?

Langs de weg een oud graf op een heuvel.

Tambak/Old grave Ompurgja Rosuhul Sihaloho stond er voluit op het bordje.

Een grijsstenen doodskist met wat ornamenten.

Apart zo langs de weg.

Er komt een busje, zit helemaal vol, tot op het dak zitten schoolkinderen.

We gaan in de schaduw op een stenen muurtje zitten wachten.

Er zweven zeearenden boven ons hoofd, hun witte koppen zijn duidelijk te zien.

Na 15 minuten nog niets, na 25 minuten een busje.

Hand opsteken, busje zit vol.

Weer 10 minuten wachten en ja hoor een busje waar plaats voor ons is.

Trijnie moet weer helemaal naar achteren kruipen, ik zit naast de deur.

Hij pikte onderweg nog meer passagiers op en op een gegeven moment zijn we met 14 passagiers.

Gelukkig zijn ze hier niet zo dik dus het paste allemaal, maar lastiger is het als iemand van achteren uit moet uitstappen. Maar het gaat allemaal heel gemoedelijk en of je nu veel of weinige bagage hebt, een haan op je schoot hebt of anderszins alles wordt voor de deur afgezet.

Als je bij je huis bent een gilletje en de chauffeur stopt. Service toch?

Bij de poort van Tuk Tuk afgezet en de drie kilometer naar het hotel teruggelopen.

We hebben wel weer een chocomilkshake verdient vonden we.

Helaas voor Trijnie is de coconutmilkshake uit het assortiment gehaald.

Toen ze het op de kaart zag staan liep haar mond vol speeksel.

Herinneringen aan onze eerste Azie vakantie, een rondreis door Thailand met de kinderen, kwamen boven. Toen zijn er heel wat coconutmilkshakes doorgegaan.

Morgen verlaten we het eiland, gaan met de ferry naar Parapat en willen we naar Pematong Sianter fietsen.

Als onze inlichtingen goed zijn, een 10 kilometer omhoog om uit het berggebied te komen en dan verder afdalen en vlak. Maar kijken wat het wordt.

24-02-2014

Vanmorgen was het een stuk rustiger bij het ontbijt.

De weekend mensen waren weer weg. Er zijn ook meer niet Aziaten.

Vanmorgen op de fiets op zoek naar de Koningsgraven. Eerst de voorbanden opgepompt bij een fietsverhuurzaakje.

Ze waren wat aan de zachte kant en dat fietst niet lekker.

De Koningsgraven moesten in de buurt van Tomok liggen.

Deze straal voorbij gereden en we kwamen op een zeer slechte weg richting Tanjungan.

Ging behoorlijk omhoog en het wegdek zat vol gaten en losse kiezelstenen.

Een stuk gelopen en uitgerust op een plek waar een man met zijn zoontje in een soort bushalte zat.

Het uitzicht is mooi. Maar eens gevraagd waar de graven zich bevinden en we moesten terug naar Tomok.

De afdaling grotendeels op de fiets gedaan, het vlakke stukje weg zoekend, af en toe leek het achterwiel onder onze kont weg te schieten maar we zijn veilig weer beneden gekomen.

Gelukkig hadden we geen volle bepakking op de fiets anders was het denk ik niet gelukt.

Zowaar een hok met varkens, het onreine vlees voor de moslims, langs de kant van de weg.

Het geknor hadden we de afgelopen vijf weken nog niet gehoord.

Ze eten in Noord Sumatra pork of te wel varkensvlees.

We hadden het al op het menu zien staan.

Beneden gekomen eerst maar eens koffie gedronken bij een zaakje waarvan de oude uitbaatster een paar woordjes Nederlands spreekt. Ze vond het leuk dat we uit Nederland, of Belanda, komen en groef in haar geheugen naar de paar woordjes die ze kende. "Lekker", "goedemorgen", "goedkoop", "hoe gaat het" waren een paar van de woorden.

Ze sprak de woorden die wij zeiden na, had ze er weer een paar bijgeleerd.

Onderweg diverse kerken gezien, de meeste protestants en een enkele katholiek.

Alle deuren waren gesloten dus we hebben er geen van binnen kunnen bekijken.

We zijn wel benieuwd hoe ze er van binnen uit zien, misschien lukt het de komende week nog wel.

Nog maar eens vragen naar de Koningsgraven of zoals ze hier zeggen Sidabutar. " bij het blauwe huis naar links", vertelde een vrouw die goed engels sprak toen de man aan wie we het vroegen er niet uitkwam.

Op naar het blauwe huis, naar links en jawel een markt met souvenirs langs een pad dat naar boven ging. Eerst eens gekeken bij Tung Tung, een grote ''totempaal'' met houtsnijwerk.

Daar waren ook weer de Batak huizen, Objek Wisata Budaya Sigale-Gale heet het daar, en meerdere jonge locals die hier op bezoek waren. Natuurlijk weer op de foto.

Eerst ik alleen met een aantal jongeren. "Dat kost 1000 Roepia" antwoord ik als ze me vragen.

Ze weten dan even niet wat ze er aan hebben maar als ik begin te lachen lachen ze hard mee en begrijpen ze dat het een plagerijtje is. Daarna mocht Trijnie er ook bij komen staan.

Ze hebben de foto van ons beide bij de paal gemaakt.

Er was ook een soort grafkist met een pop erop en een mooi bewerkte kist.

Verder naar boven gelopen en daar waren de Koningsgraven.

We kregen een soort smalle doek op onze rechter schouder, teken van respect vertelde de man bij de ingang.

Er was een heuse tribune voor een 10 tal graven.

Er waren grote graven (voor volwassenen?) en kleine graven (voor kinderen?).

De opbouw van een aantal graven waren voorzien van een koninklijke kop, een man en een vrouw zo te zien.

Mooi die serene rust en het betoonde respect.

Van Tomok fietsen we de weg naar Ambarita welke we gisteren gelopen hebben.

Uit de laadbak van een kleine truck verkocht een vrouw groente.

Haar man zat achter het stuur en zij in kleermakerszit in de laadbak.

Langzaam reden ze verder, stopten als er klandizie was en de groente werd verkocht.

En verder maar weer naar de volgende klanten, die langs de kant van de weg staan te wachten.

We passeren Ambarita en willen naar Simanindo, waar een Batak museum is.

Maar dat was veel verder dan we dachten dus halverwege teruggekeerd.

Bij de bergen staat een wit Christusbeeld met zijn armen gespreidt. Lijkt Rio wel.

In het hotel wat gegeten en aan de praat gekomen met een engelse knul die met zijn vriendin rondtrok door Azie.

Ze waren een maand onderweg en hadden er nog vier te gaan.

Ze waren hier vanuit Dumai met de bus, een rit van 17 uur, terecht gekomen.

De rit was een ware beproeving en ze doen zoiets nooit meer vertelde hij.

Hun reisplannen besproken, hen nog wat tips gegeven over mooie plekken waar wij in eerdere vakanties geweest waren. Hen bijvoorbeeld aangeraden naar Cambodja te gaan, naar Siem Riep waar de Angkor Wat tempels zijn en met de boot naar Pnom Phen te gaan. Iets wat wij een belevenis vonden.

En zo heb je gesprekken met wildvreemden, wissel je informatie uit en help je elkaar waar nodig.

Tijd voor de lichamelijke verzorging, scheren, nagels knippen, haar wassen je kent het wel.

Daarna zwemmen en een poos gesproken met een engelsman die piloot is bij een Indonesische luchtvaart maatschappij. Omdat hij in Medan woont met hem onze plannen voor de komende week besproken.

Medan is een stad waar weinig te beleven is behalve luchtvervuiling(red: ook as van de vulkaan Sinabung) en druk verkeer.

Dus daar hoef je geen dagen te verblijven.

Een aanrader is wel Gunung Leuser National Park waar een stuk jungle in gebruik is voor de opvang van Oerang Oetangs. Ook is er ander wild te zien. Het ligt 60 kilometer van Medan en de weg er naar toe is goed, een beetje heuvelachtig en loopt door diverse plantages heen.

Ook kom je dan in de buurt van de Sinabung, de vulkaan welke driemaal per dag as en stenen spuwt.

Hij was er geweest, op veilige afstand, en mooie foto''s gemaakt. Klinkt allemaal aanlokkelijk dus we gaan eens kijken hoe we de komende week gaan besteden.

23-02-2014

Gisteravond onder indonesisch gezang in slaap gevallen.

Er was een groep locals hun zelf gevangen vis, met een hengel, aan het bbq-en, er werd gitaar gespeeld en gezongen. Leek veel op smartlappen, maar we konder er geen brood van bakken.

Onze kamer heeft een slecht werkende wc en een bad zonder stop.

Dus in de loop van de dag naar een andere, luxere kamer, voor dezelfde prijs als de huidige.

Trijnie heeft de was naar de laundry gebracht, niet veel en de man die de was aannam moest lachen.

Het wassen kost 10.000 roepia de kilo, wij hadden nog geen 500 gram.

Maar het is vanavond weer schoon.

Het ontbijt was druk.

Veel locals die hier een weekend hebben doorgebracht.

Rijen voor het buffet dat eenvoudig maar goed is.

Opvallend veel locals nemen toastbrood.

Hadden we niet verwacht, want er was ook nasi en een mie gerecht.

Er is maar een enkele niet Aziaat in het hotel, dat 58 kamers heeft.

Waren gisteren op 1 na volgeboekt, en die ene hebben wij gekregen.

Vandaag zijn veel gasten vertrokken dus morgen weer rustiger bij het ontbijt.

De drukste periode is juni,juli en augustus, dan veel niet Aziaten.

Eerst de enige cache op het eiland gezocht en gevonden.

Daarna verder gewandeld langs de doorgaande weg richting Ambarita.

Is totaal 6 kilometer en als het goed is kunnen we daar via een andere weg weer naar Tuk Tuk.

Het eiland is groot, een rondje is ruim 80 kilometer dus dat is in 1 dag niet te doen.

Er is 1 benzinestation op het eiland.

Het landschap is prachtig. Langs de doorgaande weg rijstvelden en af en toe huizen met op 400 meter afstand een bergketen.

Deze berg is begroeid met bomen, delen zijn kale rots, een mooi plaatje.

De kerk waar we langs komen behoort tot Huria Kristen Batak Protestant.

Batak is de naam van de bevolkingsgroep in het noorden van Sumatra.

Ook onderweg regelmatig Batak huizen.

Het is warm en we bereiken het dorp.

En nu kijken hoe we weer terug kunnen.

Na wat vragen wordt een smalle weg aangewezen die inderdaad naar Tuk Tuk terug gaat.

Deze weg gaat op en neer, heeft op sommige plekken een stoep maar er is bijna geen verkeer dus we lopen op de weg. Eerst maar eens een bakkie doen.

We drinken die bij een vrouw die haar 4 maanden oude baby aan het verzorgen is.

Ze heet Hanna verteld ze vol trots.

Ze glundert als we vertellen dat die naam ook in Nederland voorkomt.

Ze heeft nog 2 kinderen, jongens, en ze zet koffie met een zakje instantkoffie.

Wat te smikkelen erbij en we kunnen weer even.

Er komen steeds kinderen wat snoep of zakjes met drinken kopen.

Drie jongetjes blijven hangen en willen van alles weten.

Ze trekken aan mijn lange haren en giebelen het uit.

Als ik ga verzitten knel ik de vingers van een jongen tussen mijn rug en de bankleuning.

Hij slaakt een kreetje en ik verlos hem door voorover te gaan.

We komen langs een nagemaakt Batak dorp, huizen gebouwd in de jaren vijftig van de vorige eeuw, welke we bezoeken. Nee we hebben geen gids nodig om ons dingen uit te leggen.

Spreken onverstaanbaar engels en we kijken zelf wel rond..

Er wordt gezongen en getrommeld en een pop staat bewegingen te maken.

In een van de huizen kun je binnen kijken, er is een keuken, gekookt wordt er in een ''zandbak'' zoals in het paleis en er wordt een kleed geweven.

Er hangt een bordje "schand blok" en ja hoor een pop zit achter bamboe tralies met zijn enkel vast in een schandblok.

Natuurlijk ook hier 20 dezelfde souvenirkramen.

Veel houtsnijwerk maar niets van onze gading.

De ene zegt nog goedkoper te zijn dan de ander.

Maar dat kennen we zo langzamerhand wel.

Een noemt ons pa en ma, vraagt naar onze leeftijd, kijkt ongelovig naar Trijnie want de vrouw is 1 jaar jonger en ziet er veel ouder uit.

Langs de weg bij Danny''s restaurant nasi gegeten.

Was een lekker koel plekje en we keken op ons gemak wat er zoal langskomt.

De kerk ging uit dus locals in hun mooiste kleren, het meest vrouwen, liepen weer naar huis, Er reden brommertjes gehuurd door toeristen langs en na de sanitaire plichtplegingen het laatste stuk gelopen.

Een opstopping op de weg.

Er was een tent op de weg gebouwd, er zaten mensen onder. Zeker een feestje, want het was een drukte van gekwebbel en af en toe muziek.

Lopen we langs de tent, kijken we naar rechts, ligt er een vrouw opgebaard in een kist.

We lopen dus langs een begrafenisplechtigheid.

Een vreemde gewaarwording voor ons maar niemand keek vreemd naar ons toen we passeerden.

Er werd een rouwstoet geformeerd met vrouwen die een van riet gevlochten, 20 centimeter in doorsnee en een meter hoog, mand op hun hoofd hadden.

Onderweg zijn we graven tegengekomen in alle kleuren en maten.

Van roze tot lichtgroen, van eenvoudig tot complete gebouwen.

Overal staat een kruis op het dak of de steen.

In de grotere graven zijn twee ''deuren'' van steen gemaakt, vermoedelijk dubbelgraven.

De kist kan zo door de deur bijgezet worden.

We bereiken ons hotel weer.

We hebben beide de ''piep uut'' want we hebben wel een 14 kilometer gelopen.

Rug nat van het zweet door de rugzak en we waren blij dat we er weer waren.

Eerst maar eens een chocolade milkshake genomen om bij te komen.

Daarna gevraagd of de andere kamer al schoon was.

En ja hoor, iemand mee voor de bagage, we hadden alles al zover ingepakt toen we vanmorgen weggingen, en wat trappen op en af en we hebben een luxe kamer, de wc werkt goed maar geen bad.

Maar we hebben mooi uitzicht, een grote kamer en het zwembad naast de deur.

Dus het is wel goed zo.

Alles maar weer uitgepakt en op het balkon gezeten, moed verzamelen voor het zwemmen.

Het water was koud, maar lekker opgewarmd op de strandstoelen.

En zo is er weer een dag voorbij.

We zijn nu 5 weken in den vreemde en hebben nog 1,5 week te gaan.

Benieuwd waar we nog terecht gaan komen.

Maar eerst morgen een stuk over het eiland fietsen.

22-02-2014

Vanmorgen om 06:30 uur ontbeten zodat we vroeg rijden konden voor de laatste 250 km naar Parapat.

We hadden koffie en toastbrood zonder boter maar met kokosjam.

Onze chauffeur Pitt, ja van Brad Pitt, en Jack weer in de kar en karren maar.

De fietsen zijn vannacht op de auto gebleven en bewaakt door Eddi.

We rijden door Sipi Rocks en zien laag hangende bewolking tegen de bergen aan.

De weg is slecht en de chauffeur moet veel ontwijken en afremmen.

Sommige stukken zijn in eens goed, asfalt als een bijartlaken om na een paar kilometer weer te veranderen in een weg met gaten en stenen.

Na Sipirok mist, de laaghangende bewolking ontneemt het zicht.

Veel auto''s doen hun licht niet aan dus extra oppassen.

Gelukkig wordt het snel weer helder.

Er zijn hier bijna geen moskeeen meer, des te meer kerken.

Ook zien we christelijke graven, te herkennen aan de kruizen die er op staan.

Ook afbeeldingen van onze lieve Heer en Maria verschijnen.

Lijkt dus katholiek, al hebben ze in een plaats meerdere kerken.

Zullen wel afsplitsingen zijn.

Er wordt aan de weg gewerkt en als we er langs rijden wordt een doos omhooggehouden waar wat geld, meestal 1000 Roepia in gegooid wordt.

Is een extra bijverdienste voor de werkers nemen we maar aan.

Naast de meeste wegen zit de berm ongeveer 30 centimeter lager.

Moet je dus niet inkomen.

De auto houdt zich goed en we knorren langzaam maar zeker richting het Tobameer.

Af en toe schuurt de bodem van de auto over de grond als we door een kuil gaan.

Benieuwd hoe het dak van de auto en onze fietsen er straks uitzien.

Er is een paal voor de electriciteit omver gereden.

Hij staat inmiddels weer en mensen zijn bezig de kabels omhoog te hijzen.

Twee jongens zitten boven in de paal om ze vast te maken.

De kabels die hier lopen zijn allemaal geisoleerd dus er is alleen valgevaar.

In de berm is men met pikhouwelen een gleuf aan het maken waar een kabel ten behoeve van de telecommunicatie in komt.

Een zwaar werkje omdat de aarde hier keihard is en er veel stenen kapot gehouwen moeten worden.

Uit de auto. De weg is zo slecht dat Jack in en ik besluiten een stuk te lopen.

Trijnie mag blijven zitten.

Er waggelen volle vrachtwagens met metershoge lading langs de auto, maar het gaat allemaal goed en we lopen geen schade op.

Regelmatig komen we vrachtwagens tegen die langs de kant van de weg staan met motor pech of een lekke band. Men is dan druk doende de zaak te herstellen.

We rijden door kleine Kampongs, sommige mooi schoon andere vervuild.

Er spelen kindern met kleine hondjes, zijn in de weer met takjes of hoepelen met een bromfietsband en een stok.

En elke keer toeteren als we langs hen rijden.

Als er niet getoeterd zou worden zouden ze dan zonder uitkijken de straat op rennen?

In dit deel van Sumatra staat de hond op het menu.

Zoals we ook in China gezien hebben en natuurlijk gegegeten om te proeven waar het naar smaakt.

Is wat zoetig vlees maar smaakt goed.

We passeren Silankitan en Tarutung en ruiken een rotte eieren of zwavel lucht. Komt uit de grond, vaak is er een hete bron waarin je baden kunt.

Het is onfis om achter een auto met afval te rijden.

Je stinkt dan de auto uit en inhalen kan niet altijd meteen.

We rijden door Kota Balige en zien van bovenaf het Tobameer liggen.

Het meer is een stuk groter dan dat van Maninjau en heeft een heus eiland.

Dat is de uiteindelijke eindbestemming.

Maar eerst nog een 40 kilometer in de auto zitten.

Onderweg hebben de Karbauw huizen plaats gemaakt voor Bathak huizen.

Hebben minder gebogen daken maar zijn ook mooi versierd.

We kruizen door Logoboti en komen in Parapat.

Het is hier koeler en het regent een beetje.

Jack zet ons af bij de poort naar de ferry.

De fietsen van het dak, stuur recht, pedalen erop en als de bagage ook op de fietsen zit nemen we afscheid.

Het dak van de auto is iets ingedeukt en op een plek is een stukje lak weg.

Maar daar maken ze geen probleem van. De fietsen doen het goed we kunnen op weg naar de ferry om naar het eiland Samosir te gaan.

We willen naar het dorpje Tuk-Tuk waar de beste accomodaties zijn.

We zijn echter langs dat veer gereden en een stuk verder op het veer naar Tomok terecht gekomen.

Daar kwamen we pas achter toen onze fietsen op de boot stonden, met bagage en al tegen de reling.

Maar de afstand tussen beide plaatsen is volgens de een 2 kilometer en de andere 5 kilometer.

Dus dat overbruggen we wel.

Trijnie had een leuk gesprek met een verkoopster van drinken en eten op de boot.

Ze liep met de mand tussen de mensen op de boot door.

Er was ook entertainment voor we vertrokken.

Twee jongens, 10 en 6 jaar oud schatten we zongen liederen.

Na afloop met de pet rond en dan gauw naar de volgende boot.

De weg was heuvelachtig, soms een steil stukje en onze benen hadden het er moeilijk mee na twee dagen in de auto zitten.

We hebben een plek gevonden voor drie nachten in Samosir Village, hebben een appartementje aan het meer. Balkonnetje, ligbad, slaapkamer en zitkamer.

Dus we redden ons hier wel.

Een hoop hilariteit van de aanwezige locals als de bananenboot omslaat en de vijf meisjes in het water liggen te spartelen. Een drukte van jewelste dus.

21-02-2014

Jack in de stress vannacht. We vonden het al geen goed teken dat hij er nog niet was toen wij naar bed gingen. En ja hoor de voor onze fietsen geprepareerde jeep had een lekke remleiding. Daar kwam hij halverwege de weg Bukittinggi en Maninjau achter. Repareren kon zo 1 2 3 niet, dus hij terug naar Bukittinggi en een personen auto meegenomen. Maar hoe de fietsen mee te nemen? Stuk karton op het dak, pedalen van de fietsen, stuur dwars en met spanbanden de zaak vastgezet. De banden lopen door de auto en de portieren kunnen dicht. Geen probleem dus. Hij, en wij, waren opgelucht dat het zo kon.

Op pad voor de 500 kilometer lange rit.

Tijdens zo''n autorit kun je op je gemak de zaken bekijken en de vragen stellen. Zo hebben ze hier 4 verschillende kleuren nummerborden, geel voor de auto''s waarmee mensen vervoerd worden, zwart voor prive auto''s, blauw voor de politie en rood voor de overheid. Werkt m.i. corruptie in de hand, want zal een politieman een auto met rood nummerbord aanhouden? Verder staat er op elke nummerplaat aangegeven wanneer de auto of brommer opnieuw geregistreerd moet worden. Bijvoorbeeld 7-16 betekend dat in juli 2016 de auto opnieuw geregistreerd moet worden. Elke auto wordt hier trouwens elk jaar gekeurd.

Het verkeer werkt hier veel met de toeter. Om te waarschuwen dat ze er aan komen, om te bedanken als ze er langs gelaten worden. Ook is het rechter knipperlicht hier belangrijk. Zolang die knippert als je achter bijvoorbeeld een vrachtwagen zit kan je niet inhalen. Licht uit dan kan het, al moet je wel zelf uitkijken natuurlijk.

Het rode stoplicht wordt genegeerd door brommers en busjes die mensen vervoeren. Je kunt bij elk stoplicht zien hoelang je nog wachten moet maar het merendeel van de genoemde voertuigen rijdt door rood.

De weg is heuvelachtig maar gaat voor ons gevoel het meest naar beneden. We passeren equator Benjol, de evenaar. Er is een monument opgericht en een lijn op de straat geschilderd.

We passeren plaatsen met voor ons onuitspreekbare namen zoals Lubuk Sikaping, rijden door nationaal park Rimboe Ranti, genieten van de natuur en de rijstvelden. Vervolgens komen we door Padang Gelugur en passeren de provinciegrens tussen West- en Noord-Sumatra. Noord Sumatra is veel armer dan de provincie die we verlaten hebben. Ook zie je hier de Vespa scooter met zijspan voor het goedkope vervoer van mensen en goederen.

Er ligt na Kotanopan een graafmachine op zijn kant op de weg. Werd gebruikt voor het verbeteren van de zandwanden naast de weg. Is blijkbaar gekanteld. Even verderop licht een vrachtwagen op zijn kop in de rivier. Nu is de weg slecht, veel diepe gaten, soms hele stukken zand met stenen erin. Dat zal ongelukken in de hand werken.

Wat ons tijdens het hele bezoek aan Sumatra al opvalt zijn de vele verkiezingsspandoeken en partijvlaggen langs de kant van de weg. Er zijn in mei weer verkiezingen, op de spandoeken staat de foto van een verkiesbaar iemand met de partij waarvan hij is en op welke plaats hij staat. Er zijn bescheiden spandoeken van A3 formaat, maar ook billboards van 8 bij 12 meter. En als je met de mensen hier praat weten ze niet op wie ze stemmen moeten. Iedereen zit daar voor zichzelf en is corrupt, is de algemene gedachte. Dus men weet het niet. En dan moet er ook nog een president gekozen worden. Nee het is met de 27 partijen niet eenvoudig oom te kiezen.

Ook van de politie hier heeft men geen hoge pet op. Als je aangehouden wordt na een overtreding of voor een controle zorgen een paar duizend Roepias ervoor dat je ongestraft verder kunt. Het vertrouwen in de handhavers der wet is dus ook helemaal weg.

De chauffeur voelt af en toe of de fietsen nog goed liggen. Ze hobbelen niet en de kwetsbare delen liggen vrij. Het begint rond 16:00 uur te regenen, een fiks buitje van 20 minuten. Niet zo goed voor ons karton. Maar het houdt zich allemaal wonderwel.

We komen door Mandehelin Natal, een studenten stadje. Hier staat een Islamschool en vanuit wijde omgeving komen hier jongens studeren. Ze wonen in houten huisjes van 3 bij 4 meter, vaak met z''n vijven, en gaan dus naar de school. Ze douchen buiten onder de straal uit een grote waterbak, wel met korte broek aan natuurlijk.

Het rijden gaat met horten en stoten. Zo rijden we een stukje 80 km/uur op een goed stuk weg, maar als de kuilen komen dan is 20 km de maximale snelheid. Ook vrachtwagens die berg op gaan zijn behoorlijke vertragers. We rijden door Korta Payabung, een smerig plaatsje. Vervolgens door Siabu om uiteindelijk in Padang Sidempuan terecht te komen. Tijd om te stoppen, het is al donker en rond 19:30 uur. En in het donker rijden is hier helemaal een ramp. Slechte of geen straatverlichting, brommers zonder licht, feesttenten die onverlicht half op de straat staan, onverlichte mensen die langs de weg lopen, enz., enz.

We slapen in het Fajar Coy hotel op een eenvoudige kamer met airco, tv en als douche de steelpan. Morgenvroeg om 06:30 uur opstaan om de laatste 250 km te doen.

20-02-2014

Vanmorgen met Pelle, de medewerker van het guesthouse, op stap om de Lawang Top te bekijken en dan af te dalen door de jungle.

Een wandeling van zo''n 7 kilometer.

Eerst met een busje de 44 haarspeldbochten (horse shoe turns) naar boven, door Embun Pagi naar Matur.

De chauffeur had er een behoorlijke vaart in en reed niet plezierig.

We gingen nog net niet met gierende banden door de 44 bochten.

Trijnie en de gids zaten achterin, moesten over de banken heen klimmen.

Ik kon gelukkig met mijn stijve botten naast een ouder stel met kind zitten.

In Matur op twee brommertjes verder gebracht over asfaltweg.

Trijnie zat tussen de bestuurder en de gids in, lekker warmpjes.

Ik had een eigen chauffeur waar ik natuurlijk een eind boven uit stak.

Trijnie vond het jammer dat ze geen foto kon nemen, het schijnt een koddig gezicht te zijn geweest.

Halverwege afgezet en via de asfaltweg door de kampongs naar de top gelopen.

Onderweg gekeken hoe ze rietsuiker maken.

Nadat de rietsuikerstengels geperst zijn wordt het sap in 4 stappen ingedikt tot een dikke harde koek.

Dit persen kan machinaal gebeuren door een elektrisch aangedreven pers of met een pers die aangedreven wordt door een karbauw.

De karbauw was geblindoekt en liep al maar rondjes, zijn loopspoor was duidelijk te zien.

Twee mannen werkten aan de pers.

De ene voerde de rietstengels aan de pers, de andere ruimde de uitgeperste stengels op en gooide ze op straat om te drogen.

We kregen een stuk rietsuikerkoek, een schijf van 10 cm, keihard en mierzoet.

Natuurlijk kregen we ook rietsuikersap te drinken, er werd uit een put sap geschept en boven onze glazen gezeefd. Smaakte goed.

De stengels worden ook wel verkocht aan fabrieken in Jakarta.

Ze worden dan met vrachtwagens daar naar toe gebracht.

Langs de weg alleen maar rietsuikerplantages gezien.

Is hier de main business.

Er was net speelkwartier dus toen we de school passeerden holde alle kinderen naar de weg en moest ik tientallen high fives geven.

Er werd ook weer gevraagd naar onze namen, en toen we naar die van hen vroegen kregen we natuurlijk geen antwoord.

Wel een hoop gegil en gegiechel.

We bereikten de top van de Lawang hill en hadden een mooi uitzicht, vooral omdat het minder heiig was dan normaal.

We zaten op 1241 meter hoogte, dat is boven de zeespiegel gerekend.

Deze berg wordt ook veel gebruikt voor hanggliders, die dan de steile afgrond in rennen met een glider op hun nek. Vanaf de startplek foto''s genomen van ons door de gids.

Daar wat fruit gegeten en gedronken en aan de afdaling begonnen.

Het was boven koel door de laaghangende bewolking.

Over een smal paadje, klauterend over bomen, rotsen, losse stenen en boomwortels.

Trijnie gleed met haar voet van het pad af maar kon zich in de benen houden.

Het was koel zo tussen de bomen, maar toch waren onze shirts binnen de kortste keren drijfnat.

De gids had vloeibare citroenzeep meegenomen waarmee we ons insmeerden.

Was tegen de muskieten en een soort bloedzuigers.

Deze zijn 1 centimeter groot, vallen vanuit de bosjes op je en zuigen zich vol bloed.

Voor de zekerheid controleerden we elkaar regelmatig maar de hele weg geen bloedzuiger gezien, mede omdat het zo droog was in de natuur.

Op een grote steen weer fruit gegeten en gedronken.

Om ons heen de geluiden van de jungle, spelende apen in de bomen en het getjilp en gezoem van de insecten.

Ook de vogels verrasten ons met hun getjilp en gefluit.

Er werd een ananas schoongemaakt, banaantjes gegeten en veel gedronken.

Verder naar beneden.

Deze afdaling of klim werd veel door de locals gemaakt als uitstapje in het weekend.

Nu kwamen we geen kip tegen.

Onderweg een aantal hutten waarvan je er in een kon slapen.

Je moest als je er was en wilde blijven pitten een telefoonnummer bellen(red: die stond met krijt op de houten muur).

Er werd dan eten en drinken gebracht en je kon de portemonee trekken.

Op zich idyllisch maar reken maar dat het er stikt van het ongedierte.

Trijnie zat in zo''n hut op het bed, de luiken waren open en onderons ligt het meer.

In het bos was een wc gebouwt en er was stromend water, als ze beneden de kraan open zetten tenminste.

Verder naar beneden.

De paadjes werden dan weer smal en dan weer wat breder.

Oppassen voor de plant die een brandend gevoel gaf als je hem aanraakte.

Het waren grote struiken en leken niet op onze brandnetels.

We moesten naar een breder asfaltpad lopen via de terrassen van de rijstvelden.

Was nog lastig genoeg, over dammetjes en dan stappen naar beneden maken op het volgende dammetje.

Het hoogteverschil was soms 50 centimeter en je moest goed kijken dat je wel midden op het dammetje stapte. Uiteindelijk op een normaal pad, welke eerst vlak liep maar daarna vrij steil naar beneden.

Konstant tegenwicht geven was vermoeiender dan de tocht door de jungle.

We waren nu op 543 meter hoogte, dus bijna 700 meter gedaald.

Op brommertjes naar de plaats waar de cache ligt gebracht omdat we het verzoek hadden gekregen van de eigenaar van een coin om hem mee te nemen.

De cache was al bijna twee jaar niet bezocht en de coins moeten weer verder reizen.

Maar kijken waar we ze achterlaten of dat we ze meenemen naar Nederland.

Op de terugweg nog even bij homestay 44 gekeken waar een van de gasten zit waarmee we ''s avond gesprekken voeren over van alles en nog wat.

Zijn kamer meer basic dan die van ons.

Maar het was er goed toeven zei hij, meer heb ik niet nodig.

En dat klopt ook wel.

Na de luxere hotels was het voor ons even wennen maar ook wij vinden nu de kamer voldoende.

We zijn alleen op de kamer om te slapen, zijn verder op pad of zitten aan het meer.

We missen de televisie niet, zijn gewend aan het koud douchen, zwemmen elke dag om af te koelen.

Het muskieten net vrijwaard ons van de muskieten.

We horen ze wel zoemen als we ''s nachts even wakker zijn maar ze zitten voor ons aan de goede kant van het net.

Het eten is hier voortreffelijk en goedkoop.

Vivi, de vrouw van de eigenaar, kookt lekkere Gado-Gado, gefrituurde aardappels met sate, een soort grote loempia met veel groente, spagetti, bananenpannekoeken, enz., enz.

Nadat we terug waren eerst nog even naar de ATM (had storing) en naar de markt voor toiletpapier (werd op dit moment ingekocht in Bukittinggi) dus met lege handen weer terug gekeerd.

Lekker gezwommen, weer helemaal fris het verhaal typen.

Het rommelt in de lucht en er staat een stevig windje, we konden wel eens regen en onweer krijgen.

Van de kleine schelpjes gegeten.

Zijn gekookt met knoflook, ui en andere kruiden.

Smaakte goed.

Niet te veel genomen, we weten niet hoe onze magen er op reageren.

Er wordt gewerkt aan het opknappen van het guesthouse en de omgeving.

Er wordt geverfd.

En hoe maken ze de kwasten en de rollers schoon?

Ze worden in het meer gereinigd. Doet iedereen hier zo is de dooddoener, maar ze beseffen dat het niet goed is. Stom en jammer.

Met veel geraas vielen er twee takken van de kokosnotenboom naar beneden.

We schrokken ervan. Gelukkig geen schade.

De komende twee dagen wordt het de 800 kilometer naar het Tobameer overbruggen.

De wegen zijn slecht en we willen niet in het donker rijden.

Dus veel auto zitten, af en toe wat bekijken als we langs iets interessants komenen.

We hopen zaterdag rond drie uur in de middag aan te komen in Parapat.

Dan met het veer naar het eiland in het meer waar we een dag of drie blijven.

Op weg naar Parapat gaan we kijken hoe bergachtig het is.

Want van Parapat naar Medan is het een 200 kilometer en die willen we weer fietsen.

Morgenochtend is het nog even spannend of de fietsen achterop de jeep kunnen.

We gaan er vanuit dat het lukt, en anders? Ja dat zien we dan wel weer.

19-02-2014

Gisteravond afscheid genomen van onze drie vriendinnen.

Samen gegeten en lekker gekletst.

Ze vertrekken morgenvroeg om 04:00 uur met een auto naar het vliegveld bij Pekanbaru om dan weer naar Jakarta te vliegen.

Ze zijn druk bezig geweest in hun huis en komen over een paar maanden weer kijken.

Vandaag op de fietsjes rond het meer van Maninjau.

We rijden tegen de klok in dus eerst richting Bayur.

Het eerste stuk is vrij druk, we fietsen langs veel woningen en winkeltjes door de kampongs Ahad, Koto Kaciak, Koto Kadang, Koto Malintaang tot aan PLTA Muko-Muko.

Onderweg een bakkie doen en wat bananen eten.

De weg begint te dalen en we vragen nog of dit de weg is rond het meer, wat bevestigd werd en we suizen naar beneden.

We zeiden nog tegen elkaar je zult er maar tegen op moeten.

Trijnie knijpt na drie kilometer in de remmen.

Dit kan niet goed zijn, we gaan richting de zee.

Ook liep er een rivier met rotsblokken en wilde stroming naast ons met de stroom in de fietsrichting, kan niet goed zijn.

Bleken we richting Lubuk Basung, of te wel de Indische Oceaan te broezen.

Dus maar weer terug.

En dat viel Trijnie zwaar.

Ze is aan de beterende hand, heeft gisteravond spagetthi gegeten, maar de kracht is er nog niet echt.

Dus stukken lopen en onderweg een lange pauze met koekjes op een muurtje.

De laatste loodjes omhoog en daar kwamen we weer bij het meer en een klein weggetje naar rechts.

Die hadden we dus gelijk moeten hebben.

Dus nu echt richting Sungai Tampang.

Rustige weg met veel gaten.

Er zitten vissers op een houten brug en we passeren een heuse bunker met twee schietgaten.

Een beetje vreemde plek maar het zal zijn nut gehad hebben.

De weg glooit dus, op en neer peddelen door de mooie natuur.

Langs de kant van de weg liggen vruchten te drogen en de bast van hout met kruidnagelsmaak.

Rechts de jungle tegen de bergen op en links met tussenpozen uitzicht op het meer.

In Sigran eten we poffertjes, heten hier kawan, beslag met iets van groente erin.

Smaakt voortreffelijk met een heet sausje en ketjap benting.

Ook wat grote ronde kroepoek gegeten ingesmeert met een groenige saus waarop mie kwam.

Ook dat smaakte voortreffelijk.

Het stalletje stond voor een Islamitische school, drie klassen met schoolbanken.

Niet te vergelijken met de klassen bij ons.

Mogelijk wordt hier alleen les in de Koran gegeven want andere scholen die we gezien hebben hadden meer aankleding in de klas.

Een spettertje, meer spettertjes en een heus regenbuitje verfriste ons.

We hadden geen regenponcho bij ons maar we waren nat van het zweet dus veel natter werden we niet.

Toen het harder ging regenen bij een kraampje wat gedronken.

En toen maar weer verder.

De kinderen die van school kwamen liepen onder een paraplu of hadden regencapes aan.

Ik kwam met de rotzooi weer bij de kraam, vroeg waar ik het in kon doen en ze wezen naar een bultje langs de kant van de weg.

Ondertussen kwebbelden ze met elkaar.

Of dat over mijn vreemde vraag ging? Ik weet het niet.

We werden veel gegroet van " hello mister" (maakte niet uit of ze Trijnie of mij groetten), "hello teacher" tot " hello Jack Ass". En een lol dat ze hadden als we terug groetten.

Ook de high fives werden regelmatig uitgedeeld, waarbij ze probeerden hard te slaan.

Dat kletste zo lekker.

De weg heeft hele slechte stukken waarbij we moeten laveren tussen de gaten.

Gelukkig hebben we geen volle bepakking achterop, dat scheelt een stuk.

Een brug van dikke boomstammen met aarde er tussen.

Maar gelopen want de kieren waren breder dan onze banden.

En we wilden natuurlijk niet horizontaal komen te liggen.

Er volgden nog meer bruggen, de eerst volgende ook weer lopend genomen.

Trijnie voorop, lag er een plank tussen de boomstammen die vervaarlijk doorboog.

Trijnie schrok ervan en bleef doodstil staan. Voorzichtig verplaatste ze haar voet naar de boomstam.

Al met al veilig overgekomen maar het was een grappig gezicht haar zo versteend te zien staan.

Op een gegeven moment namen we dit soort bruggen fietsend nadat we van afstand de staat ervan hadden ingeschat.

We kwamen langs een trommelmaker, in diverse stadia hingen de trommels op houten palen.

De weg wordt tussen Muko Jalan en Galapung nog slechter.

Geen kleine stukken met gaten maar langere stukken met lossen stenen en zand.

Oppassen dus. Maar de omgeving was fantastisch.

Jungle geluiden van vogels en apen, mooie uitkijkjes op de terrassen met rijst.

We werden er stil van.

Er vlogen vliegende honden op toen een auto claxoneerde.

Wat een imposante beesten.

We hadden ze al eerder gezien bij Bukittinggi.

Indrukwekkende spanwijdtes, ze kunnen tot 1 meter worden.

Het laatste stuk van Pandan naar Maninjua werd weer heuvelachtig, er kwam weer meer bebouwing en het werd langzaamaan weer drukker.

Bij Maninjau nog wat boodschappen gedaan, We hadden de voorrraad wc-papier bij de enige kraam die het verkocht opgemaakt de afgelopen week, morgen is er weer nieuwe.

Na een ijsje en geld pinnen weer naar het Guesthouse.

Een mooie fietsroute van een kilometer of 53, zonder het fout rijden.

Een aanrader voor als jullie een keer in de buurt zijn.

Zitten puzzelen en lezen in een heerlijk verkoelend briesje vanaf de zee.

Morgen blijven we nog hier en dan twee dagen reizen naar het Tobameer.

Vervelend maar het is niet anders.

17 en 18-02-2014

Vanmorgen op stap met Jack in een auto naar het Koninklijk paleis en de Harauvallei.

Trijnie was vanmorgen aan de dunne, hopelijk gaat het goed.

Ike en Quena rijden met ons mee tot in Bukittinggi om kleren te kopen.

We stoppen in Jacks autozaak waarnaast hij een eettentje heeft.

Na de koffie naar de jeep waarmee we vrijdag op pad gaan.

De fietsen moeten achterop en daar moet nog iets voor gemaakt worden.

Zal wel lukken en anders moeten ze op het dak.

Op televisie beelden van de vulkaanuitbarstigen op Sumatra en Java.

Mensen rijden met mondkapjes op door straten waarin een laag as ligt.

Benieuwd of de Sinabung nog actief is als we in de buurt van Medan komen over twee weken.

Na nog wat zaakjes te hebben afgehandeld op pad naar het paleis.

Onderweg in een restaurant gegeten.

Naar de blauwe wc boven de visvijver, ze hapten bijna in Trijnie''s kont.

Trijnie heeft geen last, lijkt dus goed te gaan.

Aangekomen bij het koninklijk paleis Istang Basa Pagaruyung.

De verwachte kabau-daken, ze zijn binnen heel kleurig versierd met doeken die de kamers afschermen voor het oog.

Een aantal jaren geleden is het originele paleis afgebrand door een bolblikseminslag.

Het is daarna weer helemaal opgebouwd zoals het was.

Het aparte huisje op palen is de rijstschuur daarin werd de rijst opgeslagen, kon dan niet opgegeten worden door de muizen en ratten.

Je kunt je er in koninklijke kleding hullen en op de foto gaan.

Het kleine meisje was met haar ouders hier op bezoek omdat ze op weg waren naar de bruiloft van haar vaders broer.

Mooi is ook het houtsnijwerk rondom de lampen en deuren.

In de keuken kookte men op pannen op stenen in een '' zandbak''.

Hierin werden de vuurtjes gestookt voor het verwarmen.

Op de terugweg een oude begraafplaats bezocht.

Aparte stenen en natuurlijk weer een gave boom.

En toen op weg naar de Harau vallei.

We overnachten daar bij Abdy homestay.

Eerst maar eens een bakkie doen.

Trijnie kreeg opeens last van buikloop.

Het kwam er uit als water, hopelijk helpen de tabletjes en is het te stoppen.

Verder voelt ze zich niet ziek.

Mogelijk iets verkeerds binnen gekregen.

Hoeft niet van het eten te zijn maar mogelijk bij het aflikken van haar vingers.

Vanaf onze veranda, met een verkoelend windje, van ons huisje uitzicht over de sawa''s en de bergen.

Achter ons huisje een zandweg en steile bergwand.

De waterval staat droog door gebrek aan regen.

Een bed met muskietennet en een wc en als douche moeten we mandien.

Er was nog een bed boven maar die hadden we nu niet nodig.

Al met al een zeer mooi plekje met karakteristieke vorm.

Op de rijstvelden voor ons zijn mensen aan het werk.

Er wordt geoogst op het ene veld en op een ander veld wordt de grond losgemaakt en de rijstplanten weer opnieuw aangedrukt.

Ze staan tot hun kuiten in de modder.

Jack vroeg of ik dit ook wilde proberen maar het aanbod heb ik maar afgewezen.

Met mijn gewicht zak ik misschien wel tot mijn knieen in de modder zakken.

Ik zie de lachende gezichten al voor me als ik daar sta te stuntelen om weer los te komen.

En dan zal je net zien, val ik voorover in de prut.

En dan heb ik het nog niet over de bijtende kikkers en eventuele slangen.

Op de veranda gegeten, vis met rijst en een soort groente koeken.

Trijnie heeft alleen rijst gegeten.

Het licht aan omdat het schemert en daar kwamen de muskieten en een soort wespen.

Verder geen last van omdat we ons insmeerden maar toch blijft het vervelend.

Ook de kikkers en de andere oerwoudgeluiden, onder andere van de gibbons maakte het plaatje compleet.

Alleen de honden die blaften hoorden er niet bij.

Heerlijk hier maar toch vroeg naar bed gegaan.

Eerst even mandien.

Nat maken, koud water natuurlijk, inzepen en dan weer afspoelen.

Tanden poetsen, lenzen uit en onder het muskietennet gekropen en ingeslapen met de jungle geluiden op de achtergrond.

Trijnie vannacht zeven keer naar de wc, voelt zich slap maar heeft verder redelijk geslapen.

Er lag een poes op de mat van de deur op de veranda.

Heeft over ons gewaakt, vast omdat we hem gisteren stukjes vis gevoerd hebben.

Als ontbijt pannekoeken met banaan en kaneelsuiker.

Smaakte goed, al nam Trijnie maar een paar stukjes.

Het is wat klammig en mistig door de rook van branden bij Pekanbaru.

Besloten dat ik alleen met de gids op stap zou gaan.

Verstandig besluit bleek achteraf want het was weer klimmen en een wandeling van ruim drie uur.

Mijn jonge gids Agi nam me eerst mee naar de rijstvelden.

Over de walletjes lopend de verschillende stadia van de rijstbouw bekeken.

Eerst wordt de rijst op kiemen gestrooid op een veldje dat afgedekt wordt met opengeknipte zakken.

Anders eten de vogels alles op.

Na drie weken worden de plantjes uit de ''kraamkamer'' uitgezet op het veld dat onderwater staat en geprepareerd is door de grond los te woelen.

Een modderig karweitje waarbij ze een kleine handtractor gebruiken die ronde maaimachineachtige messen door de grond laten gaan.

Er staat 10 centimeter water op het land dus de modderspetters vliegen hen om de oren.

Als de rijst rijp is wordt met geslepen messen de rijst afgesneden, de korrels eruit geklopt en het kaf van de korrel gescheiden.

In grote zakken gaat de rijst dan naar de groothandel.

Op het geoogste land worden de stoppels deels gegeten door de karbauwen, die met hun poep de grond weer vruchtbaar maken.

Ook branden ze stukken stoppels af.

En dan de grond weer klaar maken voor de volgende oogst.

Per jaar herhaald zich dat vier keer.

Om de vogels te verjagen zijn plastic zakken op stokken gehangen en blikjes die met touwen aan elkaar verbonden zijn.

Als je er aan trekt rammelen ze.

En dat moet de vogels weer verjagen.

Het waternivo en de waterstroom worden geregeld met kleine sluisjes waarin men planken kan stoppen om het nivo te veranderen of om de waterstroom naar een andere plek te leiden.

Er worden kippen gehouden, vrije uitloop zullen we maar zeggen, en ze broeden in houten hokjes.

De stenen restanten van een hollands huis staan verlaten langs de weg.

Er staan huizen leeg omdat de mensen naar de grote stad trekken.

Dus er is nog woonruimte vrij hier.

Een man poseert bij zijn cacaobonen die liggen te drogen.

In de rivier ligt een vishok waarin bij een hogere waterstand vissen gevangen worden.

Er hangen aaltjes te drogen die met rieten fuikjes gevangen worden.

Deze aaltjes smaken goed, lekker krokant dus het knabbelt lekker weg.

Mango en casave aanplant wordt met bamboe hekwerkjes afgeschermd van de wilde varkens.

Daar wordt trouwens met honden en speren voor de lol op gejaagd.

Ze eten hier immers geen varkensvlees.

Het water voor het douchen en wassen wordt met lange blauwe leidingen vanaf de watervallen afgetapt.

Aan het begin van de leiding is een omgekeerde fles die opengesneden is geplaatst.

Zo kunnen ze dus in hun watervoorziening voorzien.

Iedereen drinkt hier trouwens water uit flessen omdat ze van het overige water maagproblemen krijgen.

Een waterkrachtcentrale voorziet drie huizen van stroom.

Een houten schoepenrad drijft via een aantal overbrengingen een generatortje aan.

Milieu vriendelijk en verder gratis. Ingenieus door simpelheid.

En toen de jungle in.

Op smalle paadjes, langs afgronden richting de watervallen.

Klimmen over rotsblokken, lopen door smalle watertjes, dit keer van steen naar steen met de schoenen aan.

Lekker gezeten bij de eerste waterval.

Verder niemand te zien en alleen het geluid van de krekels, kikkers en gibbons om ons heen.

Wat gegeten en toen op naar de tweede waterval.

Daar was een gezin aan het picknicken.

Er stonden een tweetal locals onder de waterval, die klein was in verband met de droogte.

Er was ook de mogelijkheid om over een touwconstructie met planken te lopen.

Leek me wat te teer voor mij, toch maar eens gaan afvallen.

De plek hier was in 1926 vrij gemaakt voor bezoek stond er op een steen en er mochten geen planten geplukt worden.

Er was een plantenwinkel langs de kant van de weg.

De meest opmerkelijke was de condomplant, als je hem ziet weet je welke we bedoelen.

Deze planten werden verkocht aan bezoekers uit Jakarta, waarvan er twee busladingen aangekomen waren.

We kwamen weer terug bij het huisje en Trijnie voelde zich redelijk.

Nog slapjes maar ze zou de terugreis wel redden.

Via Bukittinggi en de 44 haarspeldbochten weer terug in het guesthouse.

Vanavond komen Cesgitha en aanhang hier weer eten. Morgen gaan ze weer terug naar Jakarta.

15 en 16-02-2014

Na een redelijke nachtrust, voor de zekerheid onder een muskietennet, er schijnen hier geen muskieto''s te zijn, goed ontbeten.

Er wordt gevist op het meer, men schept schelpjes van de bodem die men uitgebreidt wast en dan in zakken naar de markt brengt. Ze duiken bij het schelpvissen naar de bodem, hebben een schepnet en vegen deze met vol. Er komen ook stenen en mosselen mee.

Met een net vangt men kleine visjes, die ook niet groter schijnen te worden. Ze bevatten veel proteine, goed voor de ontwikkeling van de hersenen bij kinderen. Ze worden geroosterd of gedroogd. Het zijn de zelfde visjes als die wij op de cracker gegeten hebben een paar dagen geleden. Smaakt goed. Ze komen alleen in dit meer voor.

Boven het water hangen hier en daar lampen, gaan ''s nachts aan om de visjes te lokken. ''s morgensvroeg worden ze dan gevangen.

Zitten lezen en puzzelen en een wandeling door het dorp gemaakt. Er ligt hier een cache, in een restaurant. We moesten vragen naar een bepaald persoon maar die was er niet. Toch de doos die boven op de kast in het restaurant stond aangereikt gekregen, er zaten coins in en een tb. Een van de coins was al 2 jaar zoek. Nu dus weer terecht.

Gezwommen en ons laten drogen in de zon. Vanmiddag komt Cesgitha, we weten niet hoe laat en wat dan verder de bedoeling is.

Vanmiddag achter een varaan aan geweest. We wilden hem samen met een oostenrijkse toerist vastleggen op de foto. Eerst klom hij tussen de wortels van een boom, wilde camera pakken en hij was verdwenen in zijn hol onder de boom. Daarna zag ik hem zwemmen, kopje boven water ala monster of Lochness. Weer camera pakken, Oostenrijker gewaarschuwd maar hij dook onder en niet weer gezien.

Hele tijd zitten praten met de toerist uit India die heel veel gereist heeft. Hem gevraagd naar de mooiste plek waar hij geweest was. Hij had vier favoriete landen namelijk Zwitserland met de bergen, alpenweiden en grazende koeien, Oostenrijk i.v.m. Wenen en de bergen, Nieuw Zeeland i.v.m. de verscheidenheid aan natuur en Noorwegen i.v.m. de fjorden.

Verder eigenlijk weinig beleeft, een ongewoon rustige en saaie dag. Maar aan de andere kant is het ook wel genieten, het kabbelende water van het meer, de activiteiten op het water, de spelende kinderen en natuurlijk het natje en het droogje.

Cesgitha komt vanavond naar Jack Bagoes Guesthouse. En daar waren ze dan. Cesgitha met haar moeder en haar jongere zusje Quena. Waren blij dat we er waren en dat het ons beviel in de guesthouse. Ze hadden kadootjes meegenomen, een mooie parang voor Trijnie en voor mij een indonesisch overhemd. Was de goede maat dus aangetrokken en samen op de foto. Ook nog kadootjes voor Sascha en moeder van Trijnie. De kadootjes die wij meegenomen hadden vielen gelukkig ook in de smaak.

Veel gepraat, gelachen en gegeten. Was heel gezellig.

Afgesproken dat we zondag met ze naar een lokale markt gaan in Ahad, zo''n 7 kilometer hier vandaan.

We zijn nog van kamer gewisseld omdat ons bed een beetje hol liep en we steeds naar elkaar rolden. Op zich wel gezellig, maar met geen fan en airco wel wat warm. Jack heeft ons zijn plannen voor het verbeteren van de kamers verteld. Het zal er van opknappen en toch basic blijven zodat de prijs, ongeveer 5 euro per nacht mooi laag blijft.

Vanmorgen om 08:15 uur was Cesgitha er om met ons naar de markt te gaan. Haar moeder was met een busje die kant al op om inkopen te doen voor het eten en kruiderij om mee naar huis te nemen. Cesgitha ging eerst bij mij achterop, kussentje op de bagagedrager. Maar ze hield het niet vol zo te zitten dus gestopt, zij met een busje verder en wij verder fietsen. Ze wachtte op ons bij de markt en na het stallen van de fietsen de drukke markt op. Kruip door sluip door en steeds bukkend in verband met de lage zeilen en draden. Er waren vooral groentes, kruiden en vis te koop. Geen vlees gezien.

Er werden gebrande koffiebonen gemalen en in zakjes verkocht. De koffie geur was heerlijk en toen ik de man een kompliment maakte lachte hij. Natuurlijk ontbraken ook de kleine schelpjes niet die we hadden zien scheppen bij de guesthouse . Er werden koekjes verkocht van rijst en casave in allerlei kleuren. En voor de kinderen waren er gekleurde kuikentjes te koop. Hoe die zo gekleurd kwamen is me niet duidelijk geworden(red: volgens mij gespoten)

Na het drinken van koffie en thee, met gebakken banaan en casave richting het huis van Cesgitha. We kunnen daar niet slapen omdat het huis nu leeg staat en opgeknapt wordt. Het is een huis dat in 1888 gebouwd is door nederlanders en ontworpen is door een nederlandse architect. Het is helemaal van een soort teakhout en ziet er mooi uit. Hoge plafonds, apart hang- en sluitwerk, apart om zo''n huis van binnen te zien. Het huis is van haar grootouders geweest en zo van vader op zoon overgegaan.

We zijn nu weer bij het guesthouse en gaan later op de middag weer naar Cesgitha omdat ze ons ergens mee naar toe wil nemen. Daarna gaan we gezamelijk eten in het guesthouse.

Met Cesgitha en haar moeder en zusje naar familiegraven geweest en op bezoek geweest bij familie. Overal ontvangen met drinken en wat te eten erbij. Was een mooie ervaring in de huizen te kijken. Qua meubilair niet te vergelijken met bij ons. Oude hollandse kasten gezien en mooie houtdecoratie''s in de hollandse huizen. Na afloop met zijn allen bij het guesthouse gegeten en met de overige toeristen leuke gesprekken gevoerd.

Wat zijn de plannen voor de volgende dagen. Morgen en overmorgen gaan we met Jack in de auto naar bezienswaardigheden in de omgeving, slapen, in de Haray vallei en komen dan dinsdag weer terug. De meeste spullen laten we hier achter in onze kamer, zo ook onze fietsen. Er is daar geen internet dus jullie zullen een aantal dagen zonder bericht van ons moeten.

extra foto''s van 12,13 en 14 februari

14-02-2014

Vanmorgen niet zo vroeg op pad.

Het is maar 40 kilometer en naar ik begrepen had in hoofdzaak dalen.

Trijnie had het anders begrepen en ze had weer eens gelijk.

Het zou een dag van veel klimmen, mooie vergezichten en 44 haarspeldbochten afdalen worden.

Eerst de stad maar eens uit komen.

Was niet zo''n probleem, we waren vrij snel op de weg nar Padang Panyang welke richting we eerst moesten aanhouden om later af te slaan naar Maninjau.

Het was druk en chaotisch op de weg, vooral die ........ busjes zorgen voor problemen als ze op de weg stoppen om mensen in en uit te laten stappen.

Je moet dan of stoppen of er om heen en als je halverwege de bus bent trekken hun weer op.

Maar de weg werd al snel rustig en en we peddelden lekker door de terrassen met rijstvelden, mensen die de rijst aan het oogsten waren en de visvijvers inclusief wc erboven.

De uitwerpselen komen via de wc in de visvijver en wordt weer verorberd door de vissen.

Noemen we maar recycling.

Zij eten de vis weer, gaan naar de wc, enz. enz.

We zijn de stad uit, rijden om de canyon van gisteren heen en vervolgen de weg die steeds heuvelachtiger wordt.

Goed waren de walletjes te zien op de braakliggende rijstvelden waarover we gisteren gewandeld hebben.

Een klein veldje staat vol met jonge rijstplanten die binnenkort uitgezet gaan worden op de nu braakliggende velden.

Sommige stukken moeten lopen, we zijn hier echt niet voor gebouwd.

Als je dan naar opzij kijkt en je ziet hoe snel je op grote hoogte bent dan sta je er van te kijken.

De eerste stop voor een bakkie koffie.

Waren goedlachse mensen die veel lol maakten.

Over onze fietsen, over melk in de koffie en zaken die we niet begrepen.

Trijnie naar het toilet, liep ze zo een bak met water door welke voor het gebouwtje was gemaakt.

Met sandalen aan natuurlijk. Wat bleek: je moest door de bak naar de wc zodat als je weer terug kwam je de voeten kon spoelen. Maar ja de sandalen worden zo weer droog en we hebben weer mensen laten lachen.

We moeten nog meer stijgen, het begint warmer te worden en de auto''s maar toeteren, ter aanmoediging of omdat ze ons gek vinden.

Naar beneden is het best wel frisjes.

Maar ja naar beneden betekend weer naar boven.

En het naar beneden gaan betekend remmen, uitkijken wat de tegenliggers doen al is het verleidelijk om je te laten gaan en dan met 60 km per uur naar beneden te suizen.

Verleidelijk maar levensgevaarlijk.

Dus maar remmen.

Ergens boven op de berg weer wat gedronken en pindakoeken gegeten.

We zitten op bamboevlonders aan de rand van de afgrond.

Was een mooi gezicht die velden en karbauwen die zo''n 200 meter lager liggen.

Uitzicht wordt wat belemmerd door rook dat vanuit een vulkaan Kelud op Java deze kant op waait.

De vlonder kraakte en wiebelde onder ons, vooral mijn gewicht, maar het zal wel stevig genoeg zijn.

Weer een stuk afdalen met af en toe een stopje voor een foto en te genieten van het uitzicht.

We rijden op een vlak stuk en twee fietsers komen ons tegemoet.

Ze wenkten ons en even staan praten.

Wat belevenissen uitgewisseld.

Ze waren vanuit Bukittinggi naar Maninjau gereden via een andere weg en gingen nu weer terug naar Bukittinggi.

Nog maar een klim te gaan en dan de plaatselijk beroemde 44 haarspeldbochten (keloks) afdalen vertelden ze ons.

En daar waren ze dan, de genummerde haarspeldbochten.

Acht klilometer remmen ingeknepen houden, is best vermoeiend.

Als je de remmen los laat voel je de snelheid hoger worden, je rijdt binnen 10 meter 35 kilometer per uur.

We kregen er kramp in onze handen van dus twee maal gestopt om de handen te ontspannen.

Het is ook vermoeiend omdat de auto''s die omhoog kwamen de buiten bocht namen omdat die minder steil is.

Je moet geconcentreerd rijden.

Ik reed voorop en bij de bochten riep ik of er al dan niet een auto aan kwam.

Het is goed te doen en een aanrader.

Net Alp Duez maar dan wat steiler en scherpere bochten.

We rijden Maninjau binnen en staan op een t-splitsing.

We willen overnachten bij Jack Bagoes, een vriend van Cesgitha.

We vragen de weg en probleemloos werden we naar zijn guesthouse verwezen.

Jack was er niet maar zijn vrouw wist dat er vrienden van Cesgitha kwamen en heette ons hartelijk welkom.

Het guesthouse ligt aan de rand van het meer van Maninjau.

Er staan 2 gebouwen met appartementjes en vanaf de veranda kijken we uit over het meer.

De kamers zijn basic, bed, wc en de douchekop bestaat uit een slang aan het plafond waar onverwarmd maar geen koud water komt.

Van de kamer van ons was de kraan kapot dus gedouched bij de naastliggende kamer.

Jack heeft het guesthouse net overgenomen en wil de komende maanden zaken verbeteren.

Dus het is nu nog basic maar zal langzaam aan verbeterd worden.

Na acclimatiseren gezwommen in het meer.

Je loopt langs een houten kano gaat een trap af en je kunt het meer in.

Stenen op de grond maken het wat onprettig voor de voeten dus sandalen maar aan gehouden.

Heerlijke temperatuur, wel 20 graden warmer als in het zwembad van gisteren.

Er zijn viskwekerijen van door netten omgeven drijvers op het water.

We kunnen vanavond vis eten zo uit het meer.

Er wordt hier met schepnetten ''gevist'' op kleine schelpjes, die daarna gespoeld worden en ontdaan van de niet schelpjes.

De sfeer is hier gemoedelijk.

We praten met de overige gasten, iamend uit India en uit Oostenrijk, hangen wat rond, hebben goed werkend internet om jullie op de hoogte te houden en genieten van de rust.

Er kwam eind van de middag wind opzetten, schuimkoppen op het meer, onweer in de verte en ja hoor de eerste regen.

Een stortbui met dikke druppels, waarvan we er de afgelopen weken meer van hadden verwacht.

Goed voor de natuur.

Morgen komt Cesgitha rond een uur of twee vanuit jakarta naar haar huis zo''n tien minuten lopen van hier.

Maar kijken hoe we de komende dagen invullen.

We kunnen fietsen rondom het meer, op excursie met Jack en lekker luieren.

13-02-2014

Vanmorgen toch om 07:00 uur opgestaan en genoten van een iets uitgebreider ontbijt.

Niet alleen toast en jam maar ook bolletjes en kaas.

Dat smaakt dan extra lekker.

Vandaag is het plan om Bukitttinggi te verkennen.

In de loop van de middag weer naar het hotel, haartjes wassen, zwemmen, je kent het wel.

Maar het liep allemaal anders.

Om 08:00 uur waren we op pad.

Eerst naar het Fort de Kock.

Een in 1825 door de Nederlanders gebouwd fort op een heuvel, Jirek Hill, bij Bukittinggi.

Deseptie. Geen fort te zien, wel kanonnen, bleek het fort te zijn afgebroken en vervangen te zijn door een waterbasin.

Nou ja zeg, ons hollands werk afbreken, terwijl we het in de 1ste wereldoorlog nog gebruikt hadden om de mensen te verdedigen tegen aanvallen.

Rondom de heuvel vogels in kooien en er was een oversteek naar een dierentuin.

Hebben we niet gedaan.

We waren dus al gauw uitgekeken.

Van de heuvel af naar de Jenjang 40, een veertig treden tellende trap welke het onderste met het bovenste deel van Bukittinggi verbind.

Een vrouw was bonen, het leken wel tuinbonen, aan het drogen langs de kant van de straat.

De trap op en inderdaad 40 treden.

Over de markt gelopen en ons wederom verbaast over dezelfde spullen die overal te koop zijn.

Hoe raken ze ooit al die T-shirts, slippers en souvenirs kwijt.

We kwamen al lopend over de markt bij de Zaman Kemerdekaan, de grote klokken toren, gebouwd ter ere van het bezoek van Wilhelmina is ons verteld.

Er zitten aan alle vier de kanten klokken zodat men vanuit alle windstreken de tijd kan zien.

Het dak is zoals sommige huizen hier zoals een karbauwhoorn eruit ziet.

Ik noem dit oneerbiedig maar een zadeldak.

Koffie gedronken bij Tek Apauk, de naam van de eigenaar stond op een spandoek bij zijn ''restaurantje'' op de markt.

Zo''n plaats waar je eten en drinken kunt heet hier een Los Lambung wat vrij vertaald ''kraam voor de maag'' betekend.

De koffie is zoet en met drap onderin, de thee wordt gezet door heet water te gieten over een zeefje gevuld met theeblaadjes. Als de thee mooi sterk is vult men de rest van het glas bij met heet water.

Trijnie kreeg haar thee op een glazen schoteltje waar een stukje van was afgebroken, de vrouw zag dat en het schoteltje werd gelijk omgeruild voor een gaaf exemplaar.

Scheren doen ze zich hier blijkbaar niet, een man zat op zijn brommer met een pincet haren uit zijn gezicht te trekken.

De achteruitkijkspiegel van zijn brommer voldeed blijkbaar goed als spiegel.

Voor het eerst gezien dat er vuilnis opgehaald wordt langs de weg.

Een smerig werkje naar de stank te oordelen.

Er rijden hier paarden met koetsjes rond waarmee je je kunt laten vervoeren.

Veel mooi versierde huizen met zadeldak gezien in de stad.

Velen hebben gevels van kleurrijke steentjes maar we hebben ook beschilderde exemplaren gezien.

De dakgevelrand en de spits van het dak zijn bij voorname huizen voorzien van zilverkleurig metaal wat mooi glimt in de zon.

We willen het Ngaria Sianok, Taman Panorama en Lubung Jepang bezoeken maar moeten eerst wat eten.

Daarom bij het Tridaya Eka Dharma Meseum eerst maar eens rijst, kip en bijgerechtjes besteld.

Dit museum gaat over het laatste jaar van de oorlog hier, dus zeg maar 1949 tot 1950.

Het laat aan de hand van foto''s gebeurtenissen en personen zien, er zijn allerlei soorten wapens, zendapparatuur, uniformen, enz.

Er was een schoolklas dat in de openlucht les kreeg over die periode.

We hadden die klas al ontmoet tijdens het eten en we moesten natuurlijk weer op de foto.

Een hoop gegiechel.

De klas moest ook opdrachten uitvoeren want ze liepen met een papier in de hand en schreven af en toe dingen op.

En toen naar het Ngaria Sianok, Taman Panorama en Lubung Jepang een mond vol voor dat wat er te zien is bij de 12 km lange canyon die hier loopt en waar het riviertje de Sianok door stroomt en gevoed wordt door diverse bronnen.

Er zijn schitterende vergezichten in de canyon met de kijk op de Singgalang Mountain.en er staat een prachtige boom waarbij Trijnie natuurlijk in moest poseren.

Ik ben nog de door de japanners, met arbeidskrachten van duizenden nederlanders en locals, gemaakte tunnels in de berg onder Bukittinggi geweest.

Kilometers tunnels, gedeeltelijk open voor het publiek.

Een hele klim naar beneden en weer omhoog. Niet echt veel te zien.

Natuurlijk ook hier de souvenierskraampjes, T-shirts, schilderijen, en op een mooi uitzichtpunt een uitkijktoren om het nog mooier te kunnen zien.

We zijn echt onder de indruk van de canyon en de uitzichten.

Jammer dat het nevelig is, geeft een minder scherp beeld op de foto''s en je kunt minder ver kijken.

Nu is er een Jenjang 1000, voor degene die opgelet heeft een trap met 1000 treden, die de canyon in gaat.

Dat leek ons wel wat, maar waar is het begin van die trap.

We kwamen in gesprek met de eigenaar van een kraampje, ene Junaidi Coin.

Hij had zijn winkeltje niet open want er valt niets te verdienen vandaag.

De goede tijden zijn tijdens de vakantie''s in Nederland, dan komen er busladingen Nederlanders naar Indonesie die zoals hij het zegt van hot naar her worden gesleept, dus ook naar Bukittinggi.

''s Morgen aankomen, alle bezienswaardigheden bekijken en ''s middags weer verder.

Zij beleven niets, gaan over gebaande wegen en eten alleen in goede restaurants.

Ze leren het werkelijke Indonesie niet kennen.

Het sprak hem dan ook aan hoe wij reizen.

Hij wilde met ons wel een stuk canyon door trekken en ons dingen uit de natuur leren.

Dat leek ons wel wat dus wij op pad. Eerst een stuk van de 1000 treden en daarna de bushbush in.

Wat een belevenis.

Gelukkig hadden we genoeg water bij ons en net gegeten.

Dus we konden er wel even tegen.

We moesten eerst een stuk naar beneden door de jungle.

Ik zei tegen Trijnie pas op hoor er liggen hier veel losse steentjes terwijl ik naar haar omkeek.

En daar lag ikzelf, schrammen op mijn onderbeen wat begon te bloeden.

Schoongemaakt met water en met gekneusd blad van een plant dat de gids aan mij gaf.

Mijn enkel ook bezeerd maar daar zal ik morgen wel last van hebben als hij stijf wordt.

Eerst naar de rijstvelden van zijn familie.

Hij had de velden samen met zijn vader en een oom ingepland en drie tantes waren bezig tussen de planten het onkruid te verwijderen.

Lopend over de smalle opgehoogde paadjes tussen de velden, goed uitkijkend waar je je voet zet want aan beide zijden staat water.

We konden nu ook mooi de hoogteverschillen zien tussen de verschillende velden.

De familie heeft een eigen waterbron en hebben kanaaltjes aangelegd om de velden van boven naar beneden te voorzien van water.

Ingenieus maar het vergt wel veel onderhoud.

Verder naar beneden klimmen, af en toe over smalle bruggetjes van bamboe over metersdiepe kloven.

Niets voor Trijnie maar met een beetje hulp van de gids kwam ze er ongeschonden over.

Mij hielp hij niet ik moest me maar redden.

Steile paadjes naar beneden, tussen rotswanden door een paadje van 20 centimeter, verder naar beneden en uiteindelijk kwamen we op het vlakke stuk bij de rivier.

Aan beide zijden steile wanden van 100 meter hoog.

Onderweg liet hij ons de bast van een boom proeven die naar kaneel smaakte, bladeren die naar kaneel smaakte, kneuste hij blad wat naar tijgerbalsem rook en zo ging het de hele tijd door.

We kwamen in een koffieplantage van nederlanders die hier tot 1950 koffie verbouwden.

De verwilderde koffieplanten groeide er nog en de put waarin de koffie gebrand werd en de plek waar de koffiebonen gemalen werden waren nog goed te zien.

Drie maal de rivier door moeten waden. Trijnie liep er met haar sandalen zo door.

Ik had mijn wandelschoenen aan dus de eerste keer schoenen uit, sokken uit, door het water en toe alles weer aantrekken.

De andere keren alleen de schoenen uit en op sokken door het water.

De sokken waren toch al nat dus dat maakte niet veel meer uit.

De gids maakte mooie afdrukken van varenbladeren op onze armen.

Hij hield het blad met de sporen tegen onze huid, sloeg erop en de afdruk was een feit.

Zou dat in Nederland met de varens ook kunnen? Zijn volgens mij wel bruine sporen.

Maar eens proberen.

Jammer dat er zoveel rotzooi in het dal ligt.

Plastic zakjes, flesjes, piepschuim etensbakjes alles kwamen we tegen.

De gids was een keer een week aan het schoonmaken geweest en had een brief naar het lokale bestuur gestuurd om het structureel schoon te laten maken.

Maar er werd geen geld voor vrijgemaakt.

De rotzooi komt allemaal van boven vanuit de stad en ontsierd het prachtige landschap.

Wat ligt daar: een gebouwtje waar de waterpomp in gestaan heeft. Is tijdens de aardbeving van 2006 van de berg af naar beneden gedonderd.

We werden gevolgd door een groep karbauwen, ze liepen rustig achter ons aan al schrok Trijnie wel toen ze omkeek en een karbauw aan zag komen rennen. Maar ze bleven op veilige afstand.

Tijd om via de jungle weer naar boven te klimmen aan de andere kant van het dal.

Een hoop geraas achter Trijnie, er rolde een dikke steen vlak achter haar langs van de helling.

Was even schrikken.

Steil naar boven ging het, op handen en voeten met af en toe steun zoeken aan planten en boomwortels.

Je moest oppassen wat je beet pakte want sommige hadden venijnige stekels.

Eindelijk boven in een kampong.

Wat gedronken bij een zilversmid waar Trijnie een pinkring gekocht heeft. Hij was te groot maar geen nood, de zilversmid maakte hem ter plekke kleiner en na 20 minuten was hij passend.

Door de kampong gelopen en koloniale huizen bekeken, gebouwd door de Nederlanders naar nederlands model, dus gewoon schuine daken.

Er tussen stonden de huizen met zadeldaken en mooie versieringen.

Naar de weg, door de rijstvelden.

Men was bezig de rijst te oogsten.

Blijft een indrukwekkend gezicht de mensen zo bezig te zien.

het is hard werken. Langs bomen met vliegende honden. Spanwijdte tot 1 meter.

De gids klapte in zijn handen en daar vlogen ze weg naar de volgende boom.

Wat een giga vleermuizen zijn dat.

Ze dragen hun jongen net als de kangoeroes in een buidel op hun buik.

De gids maakte van gescheurde bladeren, van een boom waarvan we de naam vergeten, zijn mandjes waarin rijst meegenomen kon worden.

Zijn oma maakte er vroeger honderden per dag.

De gids kon ook redelijk nederlands praten.

Hij had dit geleerd van zijn opa die bij nederlanders in dienst was geweest.

We kwamen bij de weg en brachten nog een bezoekje aan een zilversmid.

Daar heeft Trijnie een filigraan kraal gekocht voor onze ballen verzameling.

De smid is een dag bezig met een balletje. Hij was met zijn vrouw in Nederland geweest vanuit de Indonesische ambassade om zijn kunsten te vertonen bij ons.

Foto''s gezien van de Keukenhof, in volendamse klederdracht, een heuze molen.

Ze vonden het er mooi maar koud.

Ze waren er in mei 2012 .

Hij belde een vriend die ons in de auto naar het hotel terugbracht.

En zo was het 17:00 uur, kwam er dus niets meer terecht van haarwassen en zwemmen.

We hadden afgezien, zagen er niet uit met onze vuile handen, benen en gezichten.

Trijnie heeft onderweg een aantal keren de bibbers gehad bij steile paadjes op en neer.

Maar al met al heeft ze het toch maar volbracht. De herinneringen aan deze dag zullen ons altijd bij blijven.

Mede dank zij onze gids.

12-2-2014

Het ontbijt was er om 07:12 uur, dus mooi op tijd naar de Aziatische standaard.

Het ontbijt bestond uit 2 koppen koffie, 6 witte toast, 8 pakjes jam.

Een bodempje dus, maar we hoeven vandaag niet veel inspanning te leveren dus met wat cakejes uit de etenszak komen we er wel.

We zijn beide vannacht een aantal keren gestoken, hele kleine vliegjes, dus klein prikje, weinig jeuk en gelukkig geen gezoem om de kop.

Om een uur of half negen maar naar het busstation gegaan, kijken hoe het loopt.

Het was 5 minuten fietsen dus om 08:45 uur maar weer verteld wat we wilden.

Geen probleem, de bus kwam om ongeveer 10 uur.

Iedereen die de busterminal inkwam liep naar ons toe, vroeg wat we wilden en had goede raad.

Ik stond binnen de kortste keren met vijf mannen te praten over de reis naar Bukitttinggi.

De prijs moesten we regelen met de chauffeur.

Een meisje fietste steeds stoer kijkend langs onze fietsen alsof ze zeggen wou: '' ik heb ook een fiets hoor''. Ze lachte steeds naar ons.

Trijnie ging op zoek naar een toilet en een man keek haar aan en wees zonder wat te zeggen waar ze zijn moest.

Er stopten regelmatig busjes die aan de man achter het loket 5000 Roepia gaven.

Dit is omdat ze in het gebied van een andere busmaatschappij rijden en eventueel reizigers inpikken.

Om 09:50 uur kwam ons busje.

Deze moesten we hebben volgens iedereen.

De busboy kwam naar ons toe en de fietsen werden op de bus getild.

Tenminste, ik moest ze optillen en aan de knul op het dak geven.

Ik hield goed in de gaten of ze er wel goed opkwamen en dat ze goed vastgezet werden, ik liep van de ene naar de ander kant. Derailleurs goed?

Kunnen de fietsen niet op elkaar klapperen tijdens de rit?

En ik moet zeggen dat ging best profesioneel. Ze lagen goed, stevig vastgebonden zodat ze niet op en neer konden stuiteren. Alleen mijn stuur stak een beetje verder uit dan ik wilde maar dat kon niet anders.

Als er een vrachtwagen te dicht langs de bus reed dan was mijn stuur eraf.

Maar de spiegels van de bus ook dus het zal wel loslopen.

Ondertussen de prijs geregeld, 40.000 Roepia per persoon en 20.000 voor de fietsen.

Mooi rond bedrag van 100.000 Roepia.

De andere reiziger betaalde voor de zelfde rit 20.000 Roepia maar dat maken we wel vaker mee. Over prijsverschillen gesproken.

We zijn in de vogeltuin geweest een paar weken geleden, daar hingen toegangsprijzen voor locals en tourist naast elkaar an daar zat 20.000 Roepia verschil tussen.

Ze zullen wel denken: die toeristen hebben toch geld zat.

Bij een stalletje zagen we een kind gewiegd worden in een blauwe doek die aan een veer hing. Hadden we in eerdere vakanties ook al gezien.

Makkelijk en doeltreffend.

Maar affijn we konden naast elkaar zitten op de 2de rij.

De fietstassen waren onder de stoelen geschoven en we hadden er een voor ons liggen.

Was goed te doen. En daar gingen we, onderweg regelmatig stoppen om mensen uit en in te laten vooral in de plaatsjes die we aandeden.

Na een kilometer of 10 de eerste glooiingen en na 15 kilometer dikke bulten en redelijk vlot zagen we de rivier ver beneden ons.

Dus een goede keuze om niet te gaan fietsen, maar wat een mooi berglandschap.

Diepe dalen, scherpe bochten en een wegdek wat eerst nog goed was maar al naar gelang we hoger kwamen slechter werd.

Natuurlijk werd er muziek gedraait, niet zachtjes maar redelijk hard en schel.

Trijnie deed maar toiletpapier in haar oren om het geluid wat te dempen. Geen gezicht maar het hielp wel.

We zagen dat de chauffeur slaperig was, zijn ogen werden af en toe gevaarlijk klein.

Gelukkig werd er na een eetstop gewisseld van chauffeur zodat we weer zonder zorgen verder konden.

Het busje had het soms ook zwaar om de bulten op te komen, de motor ronkte en gierde het uit.

En dan natuurlijk het inhalen van de vrachtwagens die nog langzamer gingen. Er werd met de achterlichten geseind ten teken dat we konden inhalen.

Ondertussen genoten we van de mooie vergezichten en hebben we geprobeerd ze vast te leggen op foto uit een open raampje. De lucht was als we boven waren veel koeler dan beneden, de locals zouden zeggen het is koud.

Wij vonden het lekker.

Een hond trok een aangereden varkentje van de weg af het struikgewas in.

Hier en daar werd er rijst en vis langs de kant van de weg gedroogd.

Er was een vrachtwagentje van de weg geraakt en een zestal meters naar beneden gevallen.

Hij lag op zijn kant en er stonden mensen bij te kijken.

De bus reed door dus verder geen info over de lading en eventuele gewonden.

De huizen hebben hier regelmatig zadeldaken, niet allemaal maar het worden er wel steeds meer.

Rijstvelden en de eerste rijstterrassen schieten aan ons voorbij.

Hier wordt de rijst wel op natte velden verbouwd, de planten zijn dan ook kleiner dan we eerder gemeld hebben.

We stoppen in een plaatsje vlak voor Bukattinggi.

Er is een opwaardeer winkeltje voor mobieltjes.

Ze betalen een bedrag, de vrouw vraagt het telefoonnummer, zij belt en de telefoon is blijkbaar weer opgewaardeerd.

We wachten 15 minuten op een ander busje, er worden passagiers uitgewisseld en beide gaan een andere kant op.

Tijdens het wachten zag ik een treinrails liggen.

Niet meer in gebruik want er groeiden behoorlijke bomen tussen de rails.

De bielzen waren van metaal.

Mogelijk een spoor aangelegd in de tijd dat wij Nederlanders het nog voor het zeggen hadden.

Er waren nu ook huizen bovenop gebouwd. De spoorbruggen lagen er ook nog, erg verroest maar het is een stukje cultureel erfgoed.

We werden bij de markt in Bukittinggi afgezet.

Gaf natuurlijk veel bekijks.

Ik pakte de fietsen weer aan van de knul die op het dak geklommen was.

Bewondering voor mijn kracht, vrouwen die giechelden en mannen die naar mijn bovenarmen keken.

Zal ze maar in de waan laten.

Op de fiets een aantal hotels langs gegaan, de fietsen hebben het dus weer goed overleefd, toch altijd spannend.

We zijn uiteindelijk in het Grand Rocky hotel terecht gekomen.

Blijven twee nachten hier.

Het weekend is namelijk alles volgeboekt bij de hotels die we probeerden.

We kregen een kamer toegewezen, wij naar boven, bleek deze nog bezet te zijn.

Toen we de deur openden zagen we bagage staan. Gelukkig was er niemand op de kamer.

Dus nu een luxere kamer voor hetzelfde geld. Systeemfoutje werd aangegeven als reden.

Of gewoon verkeerd ingegegeven, lijkt me logischer.

We hebben ook gezwommen en het water was me koud.

Alsof we ons in ijswater lieten zakken.

Een groep vrouwen wilde met ons op de foto. Wij in het koude water, zij op de rand van het zwembad.

Na het trekken van een paar baantjes lekker opgewarmd in de koelere lucht. Want het is hier naar ons idee een graad of 10 koeler dan we gewend waren.

We hebben mooi uitzicht vanaf het balkon waar het lekker zitten is.

We kijken op de Sianok Canyon welke we morgen met een bezoekje gaan vereren.

Beneden nog een drankje gepakt. We hoorden van verre al gezang en muziek.

Een dame begeleidt door een organist vertolkte engelstalige evergreens.

Of we mee wilden zingen? Nee natuurlijk niet.

Een dansje dan? Ook niet aan ons besteed.

We waren de enige bezoekers maar toen we weg gingen zong ze vrolijk door.

11-02-2014

Vanmorgen om 06:00 uur bij het ontbijt.

Het is nog donker buiten maar met een 20 minuten zal het licht worden.

Trijnie voelde zich gisteren goed maar is nu weer gammel.

Wat doen we, nog een nacht blijven? Toch op pad gaan? Hoe zal de weg naar Bangkinang zijn? Veel heuvels? Niemand die ons duidelijk kon maken hoe de weg is.

We hoorden: slechte weg, erg heuvelachtig, zeer druk met veel vrachtwagens.

Nou ja, maar op stap en zien waar het schip strand.

Eerst de stad uit zien te komen.

We hadden via een routeplanner de weg uit de stad opgeschreven.

En met wat vragen kwamen we na een kilometer of 10 de stad uit.

Als we keken naar de aangegeven kilometers naar Bangkinang op de borden dan waren dat er achtereenvolgens 60, 48,52,54 over een afstand van 3 kilometer.

Rechts een imposant gebouw met dito poort, de Islamic University.

We reden eerst door de drukte in de stad, daarna werd het rustiger in de aanpalende buitendorpen en ten slotte werd de natuur na een kilometer of 30 anders.

Natuurlijk was er verkeer van brommers, auto''s en lege of zwaarbeladen vrachtwagens maar het was goed te doen.

Trijnie kreeg de pedalen goed in het rond en de weg bleef vlak.

De onzekerheid zette zich langzaam om in genieten.

Ineens ging de weg over 500 meter lengte over van 2 naar 6 baans.

Middenberm, lantaarnpalen, zeer chic.

Maar na 500 meter werd het weer de 2 baans weg.

En wat het doel van deze verbreding met mooie lantaarnpalen is?

We weten het niet. Onderweg nog tweemaal zo''n verbreding genomen.

Heel apart.

Toen we de stad uit waren stonden er tientallen kraampjes met ananassen.

Je denkt ach een stalletje met ananassen. Maar tientallen achter elkaar, aan beide zijden van de weg.

We hebben het al eerder gemeld, ook in winkelstraten.

Veel dezelfde zaakjes, of ze nu autobanden, bananen, durians of anders wat verkopen, naast elkaar.

De kraampjes met ananassen werden vervangen door plantkwekerijen en losse bloempotten.

Weer tientallen naast elkaar.

Waar we er maar een van gezien hebben is een stalletje dat kippen in de etalage heeft staan.

Onderweg een koffie en thee nemen.

Weer paniek als we het chauffeurscafe, we kijken altijd waar de vrachtwagens staan is het altijd goed, binnen lopen.

Maar met handen en voeten krijgen we wat we hebben willen en kunnen we het bedrag betalen.

En wat hebben we daar? De eerste rijstvelden van de vakantie.

De rijstplanten zijn hier groter en staan niet met de voeten in het water.

Kan door de droogte komen, waar iedereen over blijft klagen, of omdat dit type geen natte voeten nodig heeft om te groeien. En kijk daar dikke bamboestruiken, stengels met een doorsnee van 10 centimeter.

Ook die hadden we nog niet veel gezien.

En geen plantages meer van bananen of palmolie maar afwisselende begroeiing.

Er verschijnen vogels die we in Maleisie ook gezien hebben.

Alleen de apen ontbreken nog.

Het viel ons beide op, de natuur wordt echte natuur.

Geen echte jungle maar geen gecultiveerde natuur.

Trijnie heeft koeken met pinda''s erop gezien in een van de stalletjes waar we langs komen.

En ja hoor koeken met pinda''s, hebben we al eerder gehad en die smaken goed.

Dus ik koeken kopen, in een afgesloten plastic verpakking, per 10 stuks.

Waar het fout is gegaan weet ik niet maar toen we ze even later langs de kant van de weg wilden opeten bleken het geen pind''a te zijn maar kleine visjes die op de koeken zaten.

Heeft de verkoopster waarschijnlijk de verkeerde gepakt want er waren echt koeken met pinda''s.

Maar eens even proeven.

Maar dat smaakt goed.

Ook Trijnie heeft er lekker van gegeten, het zakje was zo leeg.

''Zullen dit dezelfde visjes zijn die we in Pekanbaru in het open riool zagen zwemmen'' grapte ik.

Maar het smaakt goed dus waar het vandaan komt zal ons een worst wezen.

Trijnie moet een piepie doen.

Een stukje van de weg is achter een leeg stalletje een zeildoek gespannen.

Een mooie plek om de broek te laten zakken.

Of zou dat doek er om die reden gespannen zijn?

Gelukkig heeft Trijnie hier geen moeite mee.

Dan heb ik het als man maar makkelijk.

En we zijn ons favoriete nederlandse woord in Indonesie tegengekomen.

Het is niet radiator maar knalpot.

Gaaf woord toch voor een uitlaat?

We komen langs houtzagerijen waar van bomen planken gemaakt worden die met een verdiktebank op de juiste dikte worden geschaafd.

We zagen meubels gemaakt worden, stoelen, tafels en kasten.

In een betongieterij worden rioolbuizen gemaakt en patioblokken. Kortom veel bedrijvigheid.

We rijden een dorp vlak voor Bangkinang binnen.

We zien een vogelwinkel en diverse viskwekerijen.

We gaan eten want met een volle maag is het beter hotel zoeken dan met een lege.

We stoppen bij een redelijk uitziende zaak.

Toen de eigenaar door had dat we wilden eten schepte hij op ons aanwijzen schaaltjes vol met diverse lekkere dingen.

Witte rijst erbij en happen maar.

Het smaakte goed, maar hoe de gerechten heten en waar het van gemaakt is geen idee.

Het rundergerecht was wel van een oude os gemaakt, het was flink kauwen om het weg te krijgen maar de smaak was top.

We zitten in het Altha-hotel net buiten de stad.

Het is het enige hotel dat er hier is dus veel keuze is er niet.

Geen zwembad, ontbijt wordt morgenochtend om 07:00 uur op de kamer gebracht en wel weer tegen over een moskee.

Dus zes maal per dag gezang uit de luidsprekers.

Het begint ''s morgen om een uur of vijf en wordt daarna nog vijfmaal over de dag verspreidt herhaald.

Of het echt herhaling is of dat elk gebed anders is vermoeden we wel maar kunnen we niet verstaan.

In de krant staan de tijden per land waarop de gebeden hun aanvang nemen.

Wisselt per dag. Ach op een gegeven moment hoor je het niet meer, net als de kerkklokken in Emmen.

De weg is vlak gebleven en Trijnie heeft ook lekker gefietst en geen last van haar maag gehad.

Later op de middag eens gaan kijken of we vervoer naar Bukittinggi kunnen regelen.

Want nu komen met een kilometer of twintig de dikke heuvels en de bergen.

Dus eerst maar even bij een travelagent navraag gedaan.

Oh nee, wij regelen alleen vliegtuigvluchten.

Ja daar is de 160 kilometer naar Bukittinggi wat te kort voor.

Maar verderop is een busterminal vraag het daar maar.

En ja hoor de busterminal, ze konden ons wel brengen.

Het gesprek met de regelateur en mij ging ongeveer als volgt: Maar de fietsen moeten ook mee? Geen probleem. Wil jullie een auto huren? Nee we moeten iets met chauffeur hebben waar de fietsen in mee kunnen. Wat kost het? 100.000 Roepia (zo''n 7 euro). Per persoon? Vragende blik. Wat kost het voor de fietsen? Vragende blik. Hoe laat morgenochtend? Kom maar om een uur of tien. Ben jij er dan ook? Nee ik ben morgen vrij maar mijn collega is er misschien wel.  

En zo zorgen we dus dat we morgen voor tien uur bij de busterminal zijn en dan maar kijken hoe we de reis vervolgen.

Nog even de stad ingeweest en in een local restaurantje gegeten. Alles werd vers bereidt en smaakte dan ook goed.

Trijnie had thee, toen een vrouw zag dat ze er van dronk zonder te roeren, er zat suiker in, maakte ze Trijnie er op attent dat ze roeren moest omdat er suiker in zat.

Maar de thee was zoet genoeg.

Of ze het begreep is een tweede maar ze glimlachte knikkend.

10-02-2014

Gelukkig gaat het met Trijnie stukken beter.

Ze heeft nog wat napijn in haar hoofd en wat weeig in de buik. Maar ze redt het wel weer.

Vandaag nog rustig aan gedaan en dan morgen weer fietsen.

Na het ontbijt zijn we de stad in gegaan, eerst richting de rivier de Siak.

Ze zijn er druk bezig een nieuwe brug te bouwen over de rivier, terwijl er 500 meter verderop een brug ligt die niet gebruikt wordt en weer 300 meter verderop een brug die nu gebruikt wordt.

Niet kunnen achterhalen waarom de ene brug niet gebruikt wordt.

Constructiefoutje? We hebben het in de Filipijnen meegemaakt, was op Bohol, dat er een brug gebouwd is, netjes van beide kanten maar de middenverbinding was nooit gemaakt.

Reden: er stond een kerkje in de weg die niet afgebroken mocht worden.

De mensen daar deden er lacherig over en het verhaal gaat dat de ambtenaren graag het kerkje wilden laten afbreken omdat er een schat begraven zou zijn.

Maar daar heeft dus iemand van hogerhand een stokje voor gestoken.

Langs de rivier gelopen over smalle paadjes tussen het water en de bewoning.

Je kon merken dat we in een ''achterbuurt'' liepen, huizen van bij elkaar geraapte bouwmaterialen, veel rotzooi.

We sloegen van de rivier af meer de stad in.

Onderweg natuurlijk de nederlandse woorden die hier nog gebruikt worden vastleggend.

Ons favoriete woord zat er niet bij, welke dat is: we zullen hem op de foto zetten( red: hoop dat we die nog zien dan. haha)

De winkels zijn hier natuurlijk ook anders, zo liggen de matrassen op de stoep; loop je door een jalan (straat) waarin tientallen banden en velgen verkopers zitten; bestaat de lokale Praxis uit loods waarin plastic buizen, hout,gereedschap verkocht wordt; liggen er dikke kabels voor de scheepvaart, staan er tientallen betonmolens voor een loods, enz., enz,.

Het bekende bouwvakersfluitje schalde door de straat. " is hopelijk voor jou" zei ik tegen Trijnie.

Maar de fluitist bleek even later een zwarte vogel in een kooi te zijn.

Viel Trijnie geloof ik toch wel wat tegen.

Er wordt hier ook gerecycled, plastic en ijzer worden door mannen op fietsen verzameld en naar een verzamelpunt gebracht. Zij vangen er dan een paar roepiah voor.

Als er geen geld is voor een metalen schuifdeur dan worden de winkels afgesloten door planken.

En die planken moeten natuurlijk op volgorde zitten anders past het niet.

Dus je nummert ze van 1,2,3,4,enz. Toen ik dat zag moest ik glimlachen.

Trijnie nummert ook zaken, bijvoorbeeld de houten vitrage die we hebben hangen, zodat als het er af gehaald is we weten welke waar moet.

We hebben de sportles ontregeld door langs een sportveld te lopen waar diverse groepen jongens en meisjes, ja gemengd, aan het sporten waren.

Nou ja sporten, een beetje met de benen zwaaien, een stukje hardlopen.

Toen we langs liepen waren de ogen niet meer gericht op de leraar maar op ons.

Handen gingen zwaaiend de lucht in, er werd ''hello miss en mister'' geroepen.

Ze sporten hier in hun schooluniform die diverse kleuren kan hebben.

Wel makkelijk voor de ouders zo''n uniform.

Worden gratis verstrekt en er is geen competitie in het dragen van merkkleding.

Iedereen, of je ouders nu veel of weinig geld hebben, is gelijk.

Benieuwd wat de kleinkinderen hier van vinden.

Zouden zij ook een schooluniform willen dragen?

We lopen langs de plaatselijke viswinkel.

In elke potje een klein gekleurd visje, zo''n 7 verschillende soorten.

Toen ik vroeg of ze om te eten waren lachte de oude verkoopster hoofdschuddend.

Trots vertelde ze dat de visjes uit Jakarta kwamen.

Of we er geen een wilde kopen? Uitgelegd dat we met de fiets zijn, ze begreep dat we ze dan niet mee konden nemen.

Langs de straten open riolen.

Je ruikt het en er zwemmen kleine visjes in.

Ik dacht eerst dat het kikkervisjes waren maar het zijn echte visjes.

Dus zo ongezond zal het vieze water wel niet zijn.

Even later zagen we twee jongens met blote benen in een afvoerkanaal cq. riviertje staan.

Wat ze aan het doen waren werd niet duidelijk.

Maar wij krijgen er bij wijze van spreken al zweren en ziektes van als we er naar kijken.

En hun baggeren er gewoon door.

Kan niet gezond zijn.   

Niet alleen op de weg loop je hier gevaar maar ook op de stoep.

Niet alleen door de vele op en afstapjes maar ook door gaten in de stoep.

En de gaten zitten boven het riool.

Sommige gaten zijn wel 1 meter diep.

Als je achteloos loopt en je stapt in zo''n gat dan sta je met kapotte benen of erger in het vieze water. Dus constant opletten, terwijl er om ons heen zo veel te zien is.

Er staat een molen op het dak van een gebouw.

Een echte hollandse molen. Zit er de Holland Bakkery onder, een plek waar je hollands gebak kunt kopen.

Al was er weinig hollands aan het gebak te zien. Geen tompoezen, appeltaarten, vlaaien maar fel gekleurde zoete cakejes in allerlei vormen.

Een huis totaal overwoekerd door redelijk grote bomen.

Sinister. Doet me denken aan hoe de wereld er na 50 jr. uit zou zien als wij als mens geen onderhoudt zouden plegen aan dat waarmee we de aarde volgezet hebben.

Torens zouden instorten, de natuur zou zijn plek weer heroveren, zoals wij onze plek van de natuur hebben ingepikt.

Wat ligt daar na?

Een kunstgrasveldje met twee doelen.

Hier voetbalt de plaatselijke voetbalclub niet, want die hebben net buiten de stad een enorm stadion, maar zal wel een veldje zijn voor de plaatselijke jeugd.

Maar het ligt er erbarmelijk bij.

De stukken kunstgras cq tapijt zijn verdwenen en de slijtage is te zien.

Later vandaag wezen zwemmen.

Het is bewolkt dus afwisselend ploempen en in de schaduw liggen.

Want geloof ons, als je niet oppast verbrand je in de schaduw zelfs.

Boekje er bij, ploempen, even lezen, ploempen, kortom genieten van de warmte en het koele water.

Langs de kant van het zwembad hangen twee heuze reddingsboeien, dat mag ook wel want het zwembad is overal 1.30 meter diep.

Trijnie had bekijks van een groep jongens vanaf de 12de verdieping.

Het zwembad ligt op de 8ste verdieping en door het open raam maakte ze kontakt met haar.

Zwaaien, fotootje, kus handje en angstvallig mij in de gaten houden. Ach ja wat zal ik er van zeggen?

09-02-2014

Trijnie heeft een beroerde nacht gehad.

Gisterenmiddag kreeg ze al hevige hoofdpijn, gevolgd door diaree.

Dus weinig slaap gehad.

Vanmorgen was het iets beter maar geen goede basis om te gaan fietsen.

Daarom na het ontbijt vervoer naar Pekanbaru via het hotel geregeld.

We konden de fietsen met de voorwielen eruit in een Van zetten en samen op anderhalve stoel achterin zitten.

Het was passen en meten maar onze kontjes konden net zitten.

De rit duurde 3 uur, af en toe verzitten, Trijnie naar voren, ik naar achteren, benen zus en zo en ondertussen proberen te genieten van het landschap.

We waren net de stad uit en we waanden ons in Schoonebeek.

Er stonden heuze Ja-knikkers, olie voor de firma Caltex uit de grond te pompen.

Apart gezicht zo ver van huis.

Het verkeer is en blijft chaotisch, constant kijken of er vrachtwagens ingehaald konden worden, brommertjes die tussen het verkeer door slalomden, vrachtauto''s met pech langs de kant van de weg waar de chauffeur onder aan het werk was, getoeter, geknipper met koplampen.

Nee een wereld met verschil met het verkeer in Maleisie.

Daar zou Trijnie nog wel durven autorijden maar hier?

Ik denk dat ze het wel zou doen maar of het dan van harte zou gaan?

En dan staan er opeens olievaten op de middenstreep.

Mensen met vlaggen en dozen in de handen. Collecte voor het een of ander.

We zagen collecte voor de mensen die getroffen waren door de vulkaanuitbarsting van de Sinabung, voor de moskee of de kerk.

Het verkeer moest dan afremmen, sommige gaven via het geopende portierraam geld.

Onze chauffeur reed gewoon door.

De vrachtwagens met hout die ik gisteren noemde zijn bestemd voor de papierindustrie vertelde de chauffeur.

Er is hier een millieuvriendelijke fabriek die papier maakt zonder gebruik te maken van chloor.

Langs de weg lopen twee dikke zwarte pijpleidingen.

Toen we gisteren fietsten hadden we ze ook al zien liggen.

Er liepen kinderen overheen van en naar school.

Bleken oliepijpleidingen te zijn waardoorheen kilometer na kilometer de olie naar de raffinaderij gaat.

De weg is slecht, tot Kandis redelijk vlak en na Kandis een stuk zeer heuvelachtig.

Daarna werd de weg weer nagenoeg vlak.

We reden langs een hotel in Kandis, was normaal onze eindbestemming geweest als we op de fiets waren gegaan.

Hij bevond zich zo''n 70 kilometer van Duri af, en 60 km van Pekanbaru, redelijke afstanden dus.

We slapen weer in een Grand Zuri hotel maar nu dus te Pekanbaru.

Er zijn er meerdere hier in de stad maar we zitten in Grand Zuri Pekanbaru, wat op zich logisch is.

Hoe de andere heten weet ik zo 1 2 3 niet.

De fietsen lijken ongeschonden en staan zonder voorwielen in een bagagedepot van het hotel.

Gelukkig gaat het met Trijnie al weer een stukje beter.

Ze kon de hele rit zonder sanitaire stop uitzitten en de hoofdpijn is weggetrokken.

Maar ze is nog niet fit.

Pekanbaru is de op drie na grootste stad van Sumatra.

We hebben voor 2 nachten geboekt want Trijnie moet weer 100% worden voor we verder fietsen.

We zijn even de stad ingegaan, wat malls bezocht.

In een mall waren twee verdiepingen vol met telefoontjes, telefoontjes en telefoontjes.

Ongelofelijk dat daar zoveel handel in is hier.

Natuurlijk lopen ook hier veel mensen met hun foontje in de handen, pakt men als men ergens zit zijn of haar foontje en kijkt op internet, facebook of naar SMS-jes.

Maar twee verdiepingen vol foontjes?

Van onderweg geen foto''s wel van het rondje in de stad.

Men is hier al druk met Valentijnsdag.

De boom in een mall hing vol kaartjes.

Ook bij de foto van de schoenen zit een verhaal.

De jongens in de hotels in Maleisie en Sumatra dragen allemaal puntschoenen.

Hierdoor lijkt het net of ze grote voeten hebben.

Vaak zijn de schoenen ook nog te groot en sloffen ze erover.

Het blijft een vreemd gezicht die grote schuiten, lijken niet in verhouding met hun gestalte, die over het algemeen mager is.

Er is vanavond weer een chinees nieuwjaarsreceptie, er kwamen allerlei jongelui met grote leeuwenmaskers naar binnen toen we naar het restaurant in het hotel liepen.

We eten vanavond in het restaurant van het hotel. Tijdens het wachten op het eten wilde een van de bedienden graag met ons praten.

Hij kwam uit Jakarta en werkte en woonde nu hier.

Hij werkt 5 dagen, is 1 dag vrij en dan weer 5 dagen.

Hij werkt 8 uur per dag en heeft 1 rust uur.

Hij woont 2 km van het hotel en rijdt heen en weer met zijn brommer.

Leeftijd is altijd moelijk te schatten maar toen we hem er naar vroegen vertelde hij dat hij 20 jaar was en niet getrouwd.

We hebben maar niet gevraagd naar de verdiensten, is hier not done.

Door zo''n dag als vandaag is verder weinig te vertellen.

Morgen willen we naar de rivier Siak die de stad doorkruist.

Dan zullen we ook wat plaatjes schieten van de nederlandse woorden die je hier nog regelmatig tegenkomt op de winkels.

08-02-2014

Vanmorgen vroeg ontbeten, tweemaal een brown out (stroomstoring) gehad, we konden eerder op stap omdat door het uur tijdverschil met Maleisie het hier rond 06:30 uur al licht begint te worden.

Toen we de bagage op de fietsen aan het doen waren viel het ons gelijk op: een vochtige warmte. Wordt dus nog natter dan de afgelopen weken.

Eerst de stad Dumai maar eens uit zien te komen.

Geen route boekje dus we zijn op Trijnie''s richtingsgevoel, de GPS(red: weinig op te zien) en de kaart aangewezen. Alleen staan daar alleen de doorgaande wegen op.

Kleine wegen zijn hier nauwelijks, van de doorgaande wegen alleen weg van en naar de kampongs. En dat loopt dan door in de plantages of de jungle.

Het verkeer is hier anders dan in Maleisie.

Ten eerste meer brommertjes, daarnaast meer vrachtwagens met doorgaans zwart walmende uitlaten, vooral als ze de helling op gaan. Want heuvelachtig is de weg.

Wat ook weer even wennen is zijn de busjes die passagiers die willekeurig langs de weg staan en hun hand op steken oppikken door naar de kant te gaan, even te stoppen en daarna weer op te trekken.

Is dus oppassen geblazen want ze lijken nergens op te letten.

En wat hier meer gebeurt is inhalen.

Vrachtwagens die vol beladen zijn en dus een lagere snelheid, vooral bult op, worden ingehaald waarbij de chauffeurs in onze ogen veel risico nemen.

Wij reden netjes langs de kant, een vrachtwagentje uit tegenovergestelde richting wilde gaan inhalen, Trijnie wuifde met haar hand dat hij terug moest gaan en .................. hij voegde weer netjes in.

Naast al dit verkeer zijn de wegen vandaag ook slechter.

Hele stukken met kuilen, brugovergangen met dikke hobbels, veel diepe spoorvorming in het asfalt en regelmatig wegwerkzaamheden. Het is dus al met al extra opletten.

Langs we weg regelmatig kampongs afgewisseld door stukken natuur.

Niet alleen jungle maar ook veel plantages met jonge palmoliebomen.

Lijkt allemaal nog niet zo lang geleden aangelegd.

De eerste stop gemaakt bij een ''restaurant'' met een hokje ernaast, afgesloten met een blauw doek, waarin wij dachten dat een toilet zat. Maar nee het was een douche.

Voor de wc moest Trijnie een trapje af naar een ander blauw hokje wat verder in het bos.

Als je het maar kwijt kunt.

Benzinestations zijn hier niet zoveel.

De benzine voor de brommertjes worden in plasticflessen verkocht per liter.

De auto''s en vrachtwagens moeten wel een benzinestation opzoeken, die zijn echter veel dunner gezaaid dan in Maleisie, en degene die we gezien hebben had geen winkeltje, dus geen waterijsjes.

We stonden langs de kant van de weg in de schaduw wat te eten toen er een vrouw bij kwam staan, en nog een, en nog een en nog een en nog een.

Ik stond omringd met vrouwen waarvan er een een kind bij zich had.

En iedereen wilde met ons op de foto. En het kind werd aan mij overgedragen om op de foto te komen.

De flitsende mobieltjes maakten we wel meer mee vandaag.

Sowieso is de bevolking anders dan in Maleisie.

Kinderen roepen meer en willen een highfive maken als je langs fietst.

Het welkom miss en mister hoor je om de 10 minuten, mensen roepen ons na en de vrachtwagens toeteren.

We schrikken ons soms een hoedje, want sommigen hebben een lange luchthoorn boven op de cabine zitten.

We willen wat warms eten, hier geen ''restaurantjes'' met pannen langs de kant van de weg.

We moeten wachten tot het middaguur voor er gekookt gaat worden.

We kwamen terecht bij een kraampje waarnaast een grote tent en dito geluidsinstallatie staat.

Er is vandaag een bruiloft, het bruidspaar is naar de kerk, en wij konden wel wat te eten krijgen uit de kraam.

Gezellig zitten kletsen met de broer van de bruid terwijl de muziek oorverdovend hard gespeeld werd door een organist/zanger en zangeres.

Het leken smartlappen, hadden geen flauw idee waarover het ging en mijn befaamde handen dans deed de mensen lachen.

We kregen vruchten, een soort lichees, heerlijk zoet met een pit.

We wilden niet op het bruidspaar wachten, men wist niet wanneer ze weer terug kwamen, dus namen we afscheid nadat we samen op de foto gezet waren voor het bruidspaar.

Duri, het einddoel van vandaag komt in zicht.

Nog een 20 kilometer peddelen.

Het is bewolkt, af en toe een verkoelend windje, maar als de zon door het wolkendek breekt is het peentjes zweten.

De zon brand dan op ons.

De overhemden hadden we dan ook een uur geleden al aangedaan.

We steken diverse bruggen over.

En als we van een brug een foto nemen komt er een met boomstammen beladen vrachtwagen langs, Het wegdek van de brug voelen we trillen.

Best wel een vreemd gevoel.

Vanaf brommertjes worden er allerlei spullen verkocht.

Snoepjes en prulletjes op een groot rek achter op de brommer, een soort keuken in een bak achterop de brommer, ijs wat te horen is aan het speciale muziekje die van de brommer klink, gekoelde kleurrijke drankjes.

Je kunt het zo gek niet opnoemen.

Dan lopen er ook nog mensen langs de weg met etenswaar in pannen aan de lange stok.

Dat de winkels hier al zaken hebben voor de fans van het wk-voetbal bleek wel in een winkel.

Duitsland, Spanje, Engeland en natuurlijk ook Holland prullaria waren aanwezig. Van de laatste heb ik maar een foto gemaakt. Men is hier trouwens wel voetbal gek.

Op de tv meerdere sportzenders met voetbalwedstrijden live of opgenomen van de hiervoor genoemde landen.

De competitie''s worden hier gevolgd.

We zitten weer in een Grand Zuri hotel, nu die van Duri.

Mede uitgekozen omdat er een zwembad bij is.

Maar die is vandaag gesloten omdat er een chinees nieuwjaarsreceptie is.

Maar ja om daarvoor een ander hotel, waarvan we niet weten of ze een zwembad hebben, te gaan zoeken hebben we maar nagelaten. Onze fietsen staan achter het hotel en worden bewaakt.

We hebben via via extra handdoeken geregeld dus na het bijkomen eerst douchen zodat we weer fris zijn.

Koppie koffie gezet, brieven voor de kleinkinderen geschreven en straks nog even winkelen en kijken of er een postkantoor is.

Morgen een lastige dag. We willen naar Pekanbaru, maar de afstand is wel erg groot.

Een 120 km, normaal geen probleem maar de hitte sluit dit eigenlijk uit.

Ergens halverwege overnachten.

We kunnen geen hotel vinden langs de route, ja eentje na 25 km, maar dat is niet handig. Dus maar kijken hoe we morgen doorkomen.

Desnoods als het te heet wordt een busje regelen.

Maar dat lezen jullie morgen wel weer.

07-02-2014

Tussendoortje van de redactie (=Trijnie): Half 5.

Naar mijn gevoel vloog de nacht om.

Lekker nog even 2 uurtjes slapen. Half 7. Nu al?

Nog eens kijken, ja het is half 7. Ik zal nu maar vast opstaan, anders val ik weer in slaap.

Om ongeveer 7 uur moet ik er toch uit. Dus in de douche mijn toilet maken.

Daarna doe ik meer lichten aan en Gerard wordt ook wakker. "Bijna...": zeg ik.

Hij blijft nog even liggen terwijl ik rond kissebis. Alvast de boeken opruimen.

De kleren die weer in de tas moeten. Mijn kussen oprollen enz.. "Gerard, je mag nu wel aanstalten maken om op te staan" "Hoe laat is het?" vraagt hij. Ik zeg:"ik denk ongeveer kwart voor 7.

De nacht ging naar mijn gevoel wel erg snel, maar ik ben wel goed wakker.

Lekker geslapen gelukkig". Voor de zekerheid kijk ik op mijn horloge, en kijk nog eens.. He, het lijkt wel half 2!!

Nog es kijken. Ja hoor, het is half 2! Jeetje. Ik ben helemaal van slag.

Kleren weer uit en weer op bed gedoken. Wat moest ik anders?

En ja hoor en toen was het wel tijd.

Ontbijten, uitchecken en op naar de ferry naar Dumai.

We moesten ruim op tijd komen omdat het een grensovergang is.

Dus naast tickets kopen ook door de douane met de bagage en de fietsen.

Omdat het een grensovergang is zijn er militairen, onbewapend, en het is om 08:00 uur al redelijk druk.

Tickets kopen geen probleem, fietsen bij de douanedoorgang neerzetten en wachten.

Om 08:30 uur, mensen worden onrustig, gaan in de rij staan die al maar langer wordt.

We gaan bij de fietsen staan. De mensen in rolstoel mogen er eerst door.

Dan de mensen die scans in grote kartonnen enveloppes bij zich hebben van medisch onderzoek.

Daarna worden wij gewenkt. Met de fietsen de vertrekhal binnen.

Bagage eraf, alles door de scanner, de fiets hoeft niet, wijsvingers scannen, paspoorten laten zien, stempels erin en naar de ferry.

We varen met de Indomal Express, een ferry tussen Indonesie en Maleisie.

We moeten de fietsen bij de boeg van de ferry achterlaten.

Onze bagage mogen we mee naar binnen nemen.

Het wachten kan beginnen, af en toe kijken naar de status van de fietsen.

Ze staan nog op de wal terwijl de bagage van anderen onder een zeildoek op de boeg gepakt wordt.

Trijnie heeft een gesprek met een Marokaanse jongen die door Azie reist.

De fietsen worden op de boot getild, tegen de bagage gezet en vastgebonden.

Ze lijken er goed te staan, is belangrijk want een van de reisvoorwaardes op de ticket is dat de compagny niet verantwoordelijk is voor beschadiging of kwijtraken van bagage of lading. .

Het is 10:00 uur, de motoren worden gestart en de wal verdwijnt uit het zicht.

We maken snelheid, boeggolven ontstaan en we varen de zee , de Straat van Malakka, op.

We passeren vrachtschepen en het land verdwijnt achter ons.

Een reis van 2 uur staat ons te wachten.

Op de beeldschermen heeft de karaoke plaats gemaakt voor een film over de kaping van een amerikaans vrachtschip door Somalische piraten.

Er worden bakjes uitgereikt met een muffin erin en twee kleurrijke gelletjes.

Ook een bekertje water volgt. De gelletjes en waterbeker zijn niet te openen.

Met rietje gaajes geprikt en leeggezogen/knepen en gedronken.

We krijgen een formulier waarop we voor de douane in Indonesie allerlei zaken moeten invullen.

Gelukkig is het in het Indonesisch dus invullen is geen probleem voor ons, dankzij een medepassagiere die vertelde wat we waar moesten invullen.

Anders was het een lastige klus geworden.

Waarom niet in het engels?

We varen tussen het Eiland Rupat en Sumatra door en bereiken het plaatsje Dumai, een stoffige en weinig interessante havenplaats. Het is hier 1 uur vroeger dan in Maleisie, dus het tijdsverschil met Nederland is nu 6 uur later.

We pakken de bagage als de eerste drukte van passagiers die aan wal gaan voorbij is.

Onze fietsen staan al op de wal.

Wat ziet Trijnies fiets er raar uit.

Blijkt haar voorwiel 360 graden gedraait te staan.

Gelukkig hadden we dit snel door en konden we het voorwiel in de normale stand draaien zonder verdere schade(red: voorzover we nu zien!)op naar de douane voor het kopen van een visum en de paspoortcontrole.

We konden alleen betalen met US dollars en euro''s.

Die laatste hadden we gepast bij ons, want wisselgeld krijg je niet.

Een amerikaanse jongen heeft een probleem.

Hij heeft alleen Singapore dollars, kan hij niet mee betalen.

Oplossing: bagage en paspoort achterlaten en zich met een brommertje naat de stad laten brengen om geld te wisselen. We zagen aan zijn gezicht dat hij dat niet wilde.

Dan ook het land niet in.

We hebben de jongen 20 euro, prijs van een visum, gegeven.

Hij kon de visum kopen en zou later het geld wisselen en ons terug betalen.

Hij was opgelucht.

Wij eigen visum betalen, paspoorten afgeven, naar binnen geroepen worden, de vier vingers van elke hand scannen, onze duimen scannen, foto''s gezicht, stempels, geroepen worden, paspoort terug krijgen en naar de volgende barriere.

Alle bagage door de scanner, zelf gefouilleerd worden en we staan buiten.

De amerikaan achter op brommertje naar geldwisselaar, wij erachteraan racen.

Lange wachten tot de baas van het wisselen er is.

De Amerikaan reist liftend, heeft een trompet bij zich waarmee hij onderweg geld verdient op markten om in zijn onderhoud te voorzien. Hij is in japan begonnen, is door heel Azie aan het "hitch hiken" en moet half mei weer in Japan zijn voor de terugvlucht, waarvan het ticket al betaald is. Knap hoor zo reizen.

We krijgen ons geld van hem terug in Roepia''s en nemen afscheid van elkaar.

We fietsen naar het Grand Zuri hotel in de stad.

We nemen onze intrek, eten wat en gaan de stad in voor de noodzakelijke boodschappen voor morgen.

We worden veel nageroepen en mensen willen met ons praten.

Ze weten goedkope overnachtingen, willen gewoon kennismaken.

We hebben geld gepind en zijn voor een Indonesier millionair.

We hebben 1.500.000 roepia gepint, omgerekend ongeveer 100 euro.

Met de omgewisselde Ringitts er bij zijn we in het bezit van 2.700.000 Roepia.

Wat een biljetten. Is wel weer wennen.

Morgen op de fiets naar Duri, een plaatsje zo''n 73 km. hier vandaan.

gefietste route tot nu toe in Maleisie (789km)

Samenvatting Maleisie

We zijn ruim veertien dagen te gast geweest in Maleisie. En dat beviel ons uitstekend. Als mensen onderweg vragen wat we van Maleisie vinden zeggen we " nice people and good food". En dat is ook zo. We hebben in de afgelopen weken geen enkel keer een probleem gehad of narigheid meegemaakt. Wel wordt je wel eens van het kastje naar de muur gestuurd. Je vraagt iets, men begrijpt je niet, en wijst je dan maar snel naar een volgend deurtje. Basis oorzaak is de taal. Zij, en wij, spreken redelijk engels maar sommige zaken komen niet over. Je wordt er wel eens moe van maar ja, als wij Maleis konden spreken dan was er geen probleem. En dat houden we maar voor ogen.

En het eten, is over het algemeen lekker. Vooral het uit de bakken eten uitzoeken langs de kant van de weg is altijd leuk. De neus van Trijnie helpt dan altijd om de lekkere dingen uit de bakken met onbekende gerechten te halen. Ze scheppen wel altijd voor ons beide een hoop rijst op, Trijnie laat dan altijd wat terug doen in de pan, ik verorber de bult wel.

Tijdens de 789 km die we hier gefietst hebben viel ons de rijkdom aan natuur op. Natuurlijk ook saaie stukken tussen de plantanges door maar die werden altijd weer leuk gemaakt door de bont gekleurde vogels. Ook de apen waren elke keer weer leuk om te zien. Spelend in de bomen, zittend op de grond elkaar vlooiend, met of zonder jong. Er waren stukken beschermd bos/jungle waar het een hels kabaal was van vogels en insecten. Alleen jammer dat ze allerlei rotzooi zoals etensbakjes, plastick, bouwafval zo in de natuur gooien. We hebben plekken gezien waar het een grote vuilnisbelt was, en dat midden tussen het groen.

Aan het verkeer waren we al snel gewent. Het links rijden gaf soms nog wel eens een probleem maar over het algemeen houdt men hier wel rekening met de buitenlandse fietsers. Er gingen regelmatig handen uit autoraampjes met de duim omhoog of vrachtwagens claxoneerde als ze ons zagen. Natuurlijk lopen we hier meer risico in het verkeer als thuis maar ook daar moet je altijd opletten. Extra waakzaamheid is hier natuurlijk wel geboden, vooral als je moet voorsorteren. Maar tot nu toe geen gekke dingen meegemaakt.

Wat op viel waren de vele lege gebouwen, gloednieuw maar zonder bewoning of bedrijfigheid. Gebouwen die in de stad stonden of zomaar in de middle of nowhere. We hebben hele rijen nieuwe eensgezinswoningen gezien die zo te zien al langere tijd leeg stonden. We begrijpen het niet maar het zal bij de ontwikkeling van het land horen.

Het weer is extreem. Geen regen en veel te hoge temperaturen. De locals klagen hier ook over. Je ruikt het als je langs greppels en slootjes rijd, je ruikt het in de rivieren. Na een paar dagen waren we wel gewend aan de temperatuur hier, al beschermden we onszelf met zonnebrandcreme en deden we rond een uur of 11 ''s morgens onze overhemden aan. Dit geeft door de rijwind verkoeling als ze nat zijn van het transpiratievocht en beschermd de armen tegen de zon. En natuurlijk drinken. Elk wel 2 of 3 liter per dag. Het begon al bij het ontbijt, dan de 4 bidons gevuld met flessenwater, de koffie en cola (no ice) onderweg. We moeten aan het plassen blijven maar gezien de hoeveelheden die we drinken gaat het meest verloren aan transpiratie. Aan het eind van de dag voelen de armen en benen zanderig aan, een likje bewijst dan dat het allemaal zout is.

Dus Maleisie is een mooi land om door te reizen, er is een hoop te zien en de contacten met de bevolking onderweg maakt het extra leuk en verrassend.

06-02-2014

Tijdens het ontbijt heeft Trijnie de bediening geplaagd. Als een bordje, glas of kopje leeg is willen ze deze gelijk weghalen. We vinden dit onzin en gebruiken alles een 2de en 3de keer. Je zag de jongen die hiermee belast was het er moeilijk mee hebben. Wist niet echt wat hij er mee aan moest. Als we dan samen naar het buffet liepen dan waren de vuile zaken alsnog verdwenen. Ja want opdracht is opdracht. Leverde wel glimlachen op van beide kanten.

We hebben de tickets voor morgenvroeg naar Dumai gereserveerd. Kunnen we in ieder geval morgenvroeg mee. We moeten door de douane als we het land verlaten. De overtocht kost inclusief fietsen 300 RM, dus we weten wat we morgen nog aan maleisisch geld over moeten hebben.

Vanmorgen op de fiets naar Sint Johns Fort, of zoals de locals het noemen Pipi Hil of Bukit Pipi. Dit is een door de nederlanders in 1760 gebouwde versterking op een heuvel net buiten de stad. Deze versterking is gebouwd van nederlandse bakstenen met een klein formaat en daarna gepleisterd en wit geverfd. De kanonnen die er op staan zijn ook van Nederlandse makelij en komen uit Amsterdam. Ook hier een multi gedaan en gevonden.

Onze weg vervolgd naar een portugeze kampong, ontstaan in 1926. De portugeze gemeenschap is hier samen in een kampong gaan wonen. Vele namen verwijzen naar Portugal, waarvan restaurant Lisbon een sprekend voorbeeld is.

Naar het Peranakanmuseum, voluit Baba Nyonya Heritage Museum, geweest waar een pittige bejaarde vrouw een groep van 15 man een rondleiding gaf. Wij waren de enige europeanen en stelden af en toe vragen. Wat een rijke cultuur hebben de Peranakans. Met parelmoer ingelegde meubelen, geborduurde panelen, rijke kleding en aparte gebruiken. Het werd allemaal goed uitgelegd en de vrouw trof vergelijkingen met het heden. Was af en toe om te lachen. Mochten geen foto''s nemen.

Even bij het Hardrock cafe langs geweest om de knul die ons gisteren niet wilde geloven te overtuigen van het feit dat we met de fiets waren. Trijnie ging naar binnen om hem op te zoeken. Lachend kwam hij naar haar toe toen ze hem met haar vinger wenkte. " Nu geloof ik jullie, ongelofelijk, respect", stamelde hij. We namen met een ferme handdruk afscheid.

Onze magen begonnen te rammelen dus in Chinatown kip met rijst gegeten. Er was een chinees jongetje van een jaar of 2 dat zijn bordje niet wilde leegeten. Zijn oma wees naar mij, ik liet mijn spierballen zien, maakte me groot en nam een hap. Daarbij wees ik naar hem dat hij ook eten moest om groot en sterk te worden. En warempel hij at zijn bord leeg.

We wilden namelijk nog de Malakka rivier op en met een rammelende maag geeft dat zoveel herrie. De boottocht duurde uit en thuis een uurtje. Leuk om de beschilderde huizen van de rivierkant te bekijken. Naast de boot zwom een varaan, leek net een kleine krokodil. We voeren deels langs een plek waar we vanmorgen gefietst hadden. We hadden toen de oude kampong Morton bekeken.

We kwamen langs Pirate Park, een zeer klein pretpark met een reuzenrad, nou ja reuze, een rad van een meter of 10 doorsnee en een boot waarmee je heen en weer kunt zwaaien. Het was er op de ticketverkopers na verlaten.

Terug naar het hotel en daar de fietsen een onderhoudsbeurtje gegeven. De kettingen en tandwielen waren niet erg smerig maar een drupje olie hier en daar en ze kunnen er weer tegen. Toen we hier mee bezig waren reden er twee autos tegen elkaar. Alleen blik en kunststof schade.

Onze kamer was nog niet gedaan en ze kwamen toen wij al op de kamer waren. Er werd een jongen ingewerkt door een collega. Hij keek goed hoe het bed opgemaakt moest worden, zo en niet anders, en wat de ''leraar'' nog meer deed.

Morgen gaan we naar Dumai, Sumatra. Zal wel weer een andere wereld zijn dan hier. Met zijn eigen regels, gebruiken, mensen en eten. De vulkaan Sinabung is nogal in het nieuws. Deze vulkaan spuwt heet gas en stenen en ligt een zo''n 100 km van Medan, de plaats waar we begin maart hopen aan te komen. Tot nu toe zijn er 14 doden door gevallen en is een gebied van 5 kilometer rondom de vulkaan afgezet. Het vliegverkeer ondervind nog geen hinder van de kilometers hoge rookwolk. We verwachten niet dat we veel te maken krijgen met de vulkaan al is het best wel indrukwekkend om vanaf een veilige afstand te gaan kijken. Als hij het tegen die tijd nog doet natuurlijk.

We hebben nu gegeten bij een zaakje waar gourmetten en bouillon fondue samen ging. Midden op het verwarmingsapparaat een pan met hete soep, op de rand een grill plaat waarop je kon gourmetten. Het spetterde behoorlijk maar het is apart en lekker met die kleine hapjes.

05-02-2014

Na een goede nachtrust en dito ontbijt is het vandaag de bedoeling om Malakka te verkennen. Ook willen we kijken wanneer en waar vandaan de ferry naar Dumai op Sumatra vaart. En natuurlijk schatzoeken. We zijn nu 2,5 week ''on the road'' en hebben nog 4 weken te gaan. Maar eerst Malakka maar eens verkennen.

We lopen over een grote brug naar het oude centrum van de stad. Op de brug allemaal planten in potten. Die zullen wel elke dag water moeten hebben bedachten we ons en ja hoor, er kwam een tankwagen met daarop een persoon die met een slang de bloempotten vol spoot met water. Hij was zo vriendelijk om te stoppen toen wij langs wilde.

Bij een oud schip, de Folra de la Mar, bij het maritime museum moeten we vragen beantwoorden voor ons multi voor het schatzoeken. Vragen gevonden en naar de volgende locatie. Dat bleek Porta de Santiago te zijn. Dit door de Portugezen in 1512 gebouwde toegangspoorten naar Malakka ligt er nu afgetakeld bij. Toen wij Nederlanders de Portugezen verdrongen hadden namen wij deze toegangspoort inclusief en nabijgelegen St.Paul''s Hill over. Op deze laatste staan de resten van een kerk die ook door de Nederlanders gebruikt is. Tegen de resten van de muren staan grafstenen, ook van Nederlanders die in de 17de eeuw aldaar overleden zijn.   De Porta de Santiago werd beschermd door kanonnen, waarvan er twee in Amsterdam gemaakt zijn in 1716. Op naar de laatste locatie, een verdedigingswerk genaamd Kota Malakka of het Malakka fort, waarop ook weer kanonnen staan. Het ligt langs de Malakka rivier en beschermde in vervlogen tijden de toegang tot de stad vanuit de zee van Malakka. De laatste vragen beantwoord en op naar de schat. Bingo, een klein doosje in een smalle opening in de muur. Met een high five bezegelen we het oplossen van de multi.

Dat niet alle huizen een brievenbus hebben blijkt wel uit de brieven die gewoon achter een stuk ijzer van een deur gestopt zijn. Normaal zal de winkel wel open zijn als de postbode langs komt maar de eigenaren zijn vast chinees nieuwjaar elders aan het vieren denken we.

Dat de VOC, Verenigde Oostindische Compagnie, hier ook voet aan wal gezet heeft is wel duidelijk. Naast een gedenksteen is er ook een nederlandse begraafplaats, waar de graven van vijf nederlanders bewaard zijn gebleven. Allen overleden in de 17de en 18de eeuw.

Omdat Trijnie erg graag meer over de Peranakan chinezen wil weten, een Maleis/Chinees volk wat mooi aardewerk maakt, zijn we de vele musea bij langs gelopen met de vraag of zij iets van het Peranakan volk exposeren. En ja hoor de baliemedewerkster van het Kompleks Muzium Rakyat beantwoordt de vraag positief. Kaartje gekocht en het museum doorgelopen. Veel zaken te weten gekomen over allerlei volken maar niets over de Peranakans. Maar wel andere wetenswaardigheden.

In Maleisie wordt er geknikkerd, getold, gehinkels, gehoepeld, Majong gespeeld, met de kick basket (rotan bal) over een net gevoetbald, met elatiekjes kaarten van blikjes afgeschoten, gebadmintond met de voeten en natuurlijk gevliegerd. Wat een prachtige vliegers hebben ze hier hangen.

Een ander afdeling ging over de extreme lichaamsversieringen over de hele wereld. Lange nekken, vervormde schedels, scarfing, afgeknoopte voeten, uitgerekte oorlellen en onderlippen enz.. In 90% van de gevallen waren het vrouwen die de gruwelijke verminkingen moesten ondergaan. En waarom? Omdat het mooi is? En wie bepaalde wat mooi is? De man? De gemeenschap? Of de vrouwen onderling? Op die vragen konden we geen antwoord vinden maar we vermoeden dat de man hierin de negatieve hoofdrol speelt.

Door het oude centrum gelopen, is Unesco erfgoed. Er zijn hier dan ook veel oude gebouwen in het oude centrum. Naast de restanten van de genoemde gebouwen ook Christ Church of Melakka uit 1753, welke erg eenvoudig is van binnen, het oude stadhuis, de klokkentoren en er worden opgravingen gedaan naar het oude fort en zijn muren.

Je kunt hier rondgereden worden op een fiets met twee zitplaatsen voorop. Met veel versieringen en begeleidt door muziek kun je je door de stad laten rijden.

We liepen langs het VVV en Trijnie naar binnen. Ik bleef buiten want de schoenen moesten uit en sandalen gaan makkelijker uit dan mijn wandelschoenen. Ze kwam terug met een betere kaart en de plaats waar het Peranakan museumpje is. Ligt dus in de chineze wijk. We kwamen langs het Hardrock Cafe en hebben daar wat gegeten en gedronken. De knul die ons bediende gelooft niet dat we vanaf Penang naar hier zijn komen fietsen. Helemaal toen hij onze leeftijd hoorde geloofde hij er geen barst van. Morgen willen we fietsen, dan gaan we bij hem langs.

In een antiekzaakje in de buurt van het Peranakanmuseum gevraagd waar het precies is. Bleek het gesloten te zijn tot 14:30 uur, lunchpauze. Morgen maar een bezoekje brengen. Ze liet wel een foldertje van een Peranakan museum in Georgetown zien. Ze keek verbaast toen we zeiden dat we daar geweest waren.

Aan het einde van de middag opnieuw op zoek naar de ferry: gevonden. Vertrekt ''s morgens om tien uur en is ongeveer 10 minuten fietsen vanaf het hotel. Morgen maar even plaatsen reserveren. Doorgelopen naar het centrum waar we geld gepind hebben. We kwamen tijdens het schatzoeken in gesprek met een canadees echtpaar dat elk jaar de koude van het land ontvlucht en in Azie verblijft. Ze waren op veel voor ons bekende plaatsen geweest en de bootreis Siem Reap naar Batangban in Cambodja kwam ter sprake. Herkenbare ervaringen uitgewisseld.

Van de week was een glas van mijn bril losgeraakt. Ik heb toen met nagelschaartje het kleine schroefje een stukje kunnen aandraaien. Vanmiddag bij een brillenzaak hebben ze het met passend gereedschap goed vastgezet.

En zo een dag voorbij met uren wandelen door de stad, veel gezien en ervaringen opgedaan.

04-02-2014

Vanmorgen gestart met de laatste etappe in Maleisie. Een 70 kilometer te gaan naar Melaka of zoals wij zeggen Malakka. Gisteren kwamen we een canadees tegen die op de fiets met karretje erachter langsfietste. Bij het passeren alleen gevraagd waar hij vandaan kwam, verder geen contact gehad.

Er liggen regelmatig dode dieren langs de drukkere wegen. Naast honden en katten ook exotische dieren zoals slangen, leguanen, kikkers, vogels, waaronder een dode kerkuil, hagedissen en een onbekend soort wasbeerachtig beest. Het blijft ons verbazen dat we hier meer vogels zien dan in alle andere Azie vakanties.

We fietsen over een brug, zien grote schepen liggen maar ook plezierjachten. Ook daar in ontwikkeld Maleisie zich, met een economische groei van ruim 3% in 2013 doen ze het best goed. En daardoor hebben groepen mensen meer te besteden. Dus ook geld voor plezierjachten.

We drinken koffie bij een praatgrage ''restaurant'' eigenaar. Naast de gebruikelijke vragen is hij nieuwsgierig wat we van het land vinden. Aardige mensen, lekker eten, maar jullie moeten beter met de natuur omgaan. Al die troep langs de wegen. Hij knikte begrijpend. Dat is een probleem gaf hij toe.

Hij klaagt over het weer. Het heeft al 14 dagen niet geregend en het is veel te warm. Normaal regent het ''s middags even en in de nacht. Het is dan tussen de 28 en 30 graden. Maar nu, geen drup, de greppels vallen droog en de natuur heeft er onder te lijden.

Trijnie ziet een plant waarvan de grote bladeren gebruikt worden voor waaiers, om koelte toe te wuiven. Natuurlijk heeft ze hem voor jullie vastgelegd.

We rijden nu weer vlak langs het strand. Er zijn overdekte picknickplaatsen, openbare wc''s en een mooi stukje strand. Op de zee wordt gevist met netten in bootjes, langs de kust wordt de werphengel uitgegooid. Niet gezien dat er wat gevangen werd. Natuurlijk wordt er ook in vol ornaat gezwommen. Hele gezinnen zijn in het zilte nat aan het spelen. Kinderen graven grachten en bouwen kastelen in het zand, net Nederland.

We verlaten de kust omdat we om een militaire basis moeten fietsen. Streng verboden gebied, hoge hekken, wachten met geweren en waarschuwingsborden waarop een geweer gericht wordt op een mogelijke indringer. Ze kennen hier geen pardon.

We kunnen de grotere weg weer af en peddelen tussen de raffinaderijen en opslagtanks van Petronas, een grote bezineleverancier hier met veel pompstations langs de weg. Daarnaast zijn ook Shell en Caltex aanwezig. Pompstations zijn kleine oases tijdens de reis. Er zijn altijd redelijk schone wc''s, wel van het type hurk maar ja als de nood hoog is, en ze hebben een klein winkeltje waar we ons waterijs betrekken. Je hebt er ook gekoeld drinken, de mogelijkheid om een bakje noedels met heet water te maken, en verder zaken die je ook bij ons bij de pomp kunt kopen. Een liter benzine kost hier RON95 2.10RM en RON97 2.70 RM (zullen verschillend octaangehalte hebben), terwijl diesel 0.84 RM kost. Ik heb geen autogas gezien. Er zijn bemande pomps, waar je geholpen kunt worden door een bediende maar ook pompen waar je aangeeft hoeveel liter of voor hoeveel geld je kunt tanken en je met een speciaal pasje kunt betalen.

We rijden weer langs de kust en passeren tientallen chalets en resorts waar de vakantieganger kan genieten van de strand en de zee. Dus overnachtingsmogelijkheden genoeg.

Ik kreeg een behoorlijke dip na een kilometer op 40. Mijn benen leken krachteloos, voelde me niet helemaal lekker. Stop gemaakt en op mijn gemak een blikje cola leeggedronken. Weer op de fiets en na een poosje voelde het veel beter. Verder geen last meer gehad. Waarschijnlijk suiker/energie tekort. Terwijl ik vanmorgen toch goed ontbeten had.

Als auto''s in de zon worden geparkeerd worden vaak de ruitenwissers van de ramen gehaald. Zeker bang dat ze vast gaan plakken aan de ruit. Tijdens de vorst in Nederland doen wij een kurk onder de arm van de ruitenwisser zodat hij niet vastvriest. Maar hier zijn geen kurken, nog geen flesje wijn tegengekomen in de winkels, is een Islamitisch wet. Dus is dat een gat in de markt: gebruikte kurken importeren voor onder ruitenwissers hier?

We rijden Melakka of zoals ik verder schrijven zal Malakka binnen. Een grote stad. Het verkeer is druk, het wachten in de zon voor een stoplicht is heet omdat de warmte van boven en van het zwarte asfalt komt. We komen door chinatown, waar het verkeer optopt in de smalle straatjes en de mensen ook nog eens kriskras oversteken. Koppie er bij houden dus. We gaan een paar hotels bij langs, nergens plek voor 3 nachten. Uiteindelijk terecht gekomen bij het Swan Garden Hotel. Via de site bij de balie een kamer geboekt, scheelde 30% in de kosten. We zitten vlak bij de kust, redelijk dicht bij het centrum en de ferry naar Sumatra. Dus we kunnen ons hier de komende dagen wel vermaken.

Bijkomen met een krantje erbij. Eindelijk iets over Nederland in de krant. Gaat over het verzoek van Japan om op te treden tegen een onder nederlandse vlag varende boot van Sea Sepherd, welke tijdens protesten tegen de walvisvaart bijna in botsing kwam met een japans schip.

Uit eten geweest. We hebben met de steamboat gegegeten. Een pan met gasvlam, de gasfles stond naast de tafel, waarin twee soorten soep zat. In deze soep kon je groente en mie gaar koken. Daarnaast nog allerlei vis en andere zaken die apart voor je gewokt werden. Buikjes zijn weer rond.

03-02-2014

Vanmorgen zonder veel moeite Sepang uitgefietst. We reden over stille kamponweggetjes tussen de plantages door en kwamen bij een veertje. Die heeft ons over het water gebracht zodat we geen waterfiets nodig hadden. Bij het veer een stukje mangrove bos, de bomen staan op hoge wortels in het water. We kwamen weer tientallen apen langs en op de weg tegen. Sommige met een jong aan de borst. We hebben inmiddels meer apen gezien dan bij al onze eerdere Azie reizen. En dan die rotzooi langs de weg. De apen snuffelden er tussen naar iets eetbaars. Ongelofelijk wat jammer dat de mensen niet beter met hun omgeving om gaan. Al dat plastic ligt er nog jaren. De stille weg vervolgd en uiteindelijk bij de doorgaande weg naar Port Dickson gekomen. Deze drukkere weg een stuk moeten volgen. De greppels en slootjes langs de weg stinken. Er staat zwart water in. Het wordt hoognodig tijd dat er een fikse regenbui komt zodat de sloten weer even doorstromen.

We drinken koffie langs de kant van de weg. We moesten 2.40 RM betalen. Dus ik twee briefjes van 1 RM gepakt en het kleingeld op mijn hand gelegd zodat hij kon uitkiezen. Met dat kleingeld is het erg verwarrend omdat er nieuwe munten geslagen zijn. Dus munten van dezelfde waarde kunnen twee groottes hebben. De man grabbelde in mijn hand zei dat het zo goed was. Toen ik weg wilde lopen bedacht hij zich. Hij had 60 cent gepakt i.p.v. 40. Hij riep me terug en bood zijn verontschuldigingen aan en gaf me 20 cent terug. Ik lachte en hij begon ook te lachen.

Trijnie heeft, net als in Cambodja, uitslag op haar benen van de warmte en de inspanning. Ze heeft er gelukkig niet veel last van maar het alleminst een fraai gezicht. Ik ben er op een klein plekje onder mijn fietsbroek van verschoond gebleven.

Langs de weg een chinese begraafplaats. Grafstenen met foto van de overledene en tegelplateau''s met allerlei voorstellingen. Apart gezicht en de uitgestrektheid is mega. Het terrein en dus ook de weg is heuvelachtig geworden. Op en neer, neer en op maar steeds goed te doen. De temperatuur is ook nog lekker zo ''s morgens, een graad of 24 geeft mijn kilometerteller aan. Af en toe een verkoelend windje van de zee, want we rijden maar een paar honderd meter van de kust. Je ruikt af en toe de zilte lucht. Lekker. Later werd het 41.

Het strand is hier echt strand en niet zoals eerder wadachtig. Er wordt in de zee gezwommen, kinderen spelen in het zand en er zijn activiteiten als bananenboot varen, jetskies, enz.. Er ligt een bebost eilandje voor de kust. Even van de fiets af om het vast te leggen en gelijk Trijnie nog even gekiekt terwijl ze de route bestudeerd.

Tegen half twaalf begonnen onze maagjes weer te knorren. Weer een heerlijk bord vol opgeschept, kosten 1 eurootje. Je ziet een gebakken ei, kleine eitjes, lever en iets wat op shoarma lijkt maar anders smaakt. Samen met een kop koffie met gecondenseerde melk smaakte het voortreffelijk. Een oude vrouw, we moeten dan altijd aan oma Wiffers denken, was bezig fruit te snijden en in zakjes te doen. Trijnie maakte een praatje met haar en vroeg of ze een foto mocht nemen, dat mocht glimlachte ze. Wat voor soort fruit ze aan het snijden was is ons niet duidelijk geworden. Het heeft een meelderige appel smaak maar de naam bleef onbekend.

Bij de oude vrouw stond een teil met water. Een local die wilde eten maakte zijn handen er in schoon terwijl ''oma'' even weg was. Ze kwam met een leeg dienblad aanlopen, zag wat de knul deed en sloeg met haar vrije hand hard op het dienblad. En mopperen dat ze deed. Ze wees naar de wasbak even verder op. De knul droop beschaamd af, de teil met water werd leeggegooid en opnieuw gevuld. We hebben de knul niet weer terug gezien. En ''oma'' die bleef een poosje doorfoeteren.

Trijnie wilde naar het toilet. Universele gebaar van toiletpapier bracht een lichte vertwijfeling bij de bediening. Ze wezen naar achter het restaurant. Trijnie op zoek, niets kunnen vinden. De bediening zag haar zoeken en liep met haar mee, terwijl ze zich verontschuldigde en steeds ''no water'' zei. Maar Trijnie had haar eigen water bij zich om te spoelen. Nu moesten er eerst allerlei opgeslagen materialen verwijderd worden en daar kwam het toilet vrij. Een gat in de grond was waar Trijnie in mikken moest. De deur wilde niet op slot en het was er schemerig, en dat mikt moeilijk, dus Trijnie deed de deur iets open. Werd gelijk weer dichtgedrukt door degene die met haar meegelopen was. Ach ja, de blaas was leeg en daar was het om te doen.

We overnachten op een zeer onmaleisische plek: het Eagle Ranch Resort wat zich buiten Port Dickson bevindt. Ja een heuze cowboy en indianen plek. We overnachten in een houten huis waarin vier apartementjes zitten. Maar we hadden ook kunnen overnachten in een heuze tipi. Hebben we trouwens ooit eerder gedaan. Een kadootje van de kinderen toen we 25 jaar getrouwd waren, die stonden op een alternatieve camping in Wanneperveen. Maar deze tipis hadden van binnen een houten kamer en ze hadden airco. Mooi gezicht dat veld met die tipi''s. Er staan ook huifkarchalets en ze hebben hier een Rawhide stable, je kunt paardrijden en natuurlijk een groot zwembad welke we als eerste bezochten. Zoals ik al zei een aparte plek. De douche en de wc staan onder een afdakje in de open lucht. Dus dat wordt vanavond onder de blote hemel douchen.

Morgen willen we de laatste fietskilometers naar Melakka afleggen, nog zo''n 70 km. Het ontbijt is pas om 08:00 uur en dan willen we eigenlijk al weg zijn. Maar eens kijken wat we regelen kunnen. En anders: koffie en thee kunnen we in het huisje zetten, we hebben nog cakejes en daar redden we het wel op tot de eerst volgende ontbijtmogelijkheid. Na wat navragen kunnen we nu m 07:30 uur ontbijten, we nemen de fietsen en alle spullen erop mee naar het ontbijt. Kunnen we zoveel mogelijk van de koelere uurtjes genieten.

In Melakka blijven we dan 3 of 4 nachten. De stad schijnt de moeite waard te zijn. Maar dat zien we morgen dan wel weer.

02-02-2014

Vanmorgen weer lekker op de fiets.

Het fietsen ging goed maar de eerste uren was er een rook in de lucht, niet normaal.

We voelden ons gerookte palingen.

Waarschijnlijk waren ze ergens een stuk land aan het kaalbranden, het benam ons af en toe de adem.

De bron ervan niet tegengekomen.

We reden het eerste stuk langs een grote weg, maar we moesten afslaan en de wegen werden steeds smaller en smaller. Over de grotere wegen hier zijn loopbruggen gemaakt zodat je als voetganger veilig de weg over kunt steken.

Er zijn borden geplaatst waarop aangegeven wordt dat je de fiets aan de hand naar boven en beneden moet nemen. Gezien de steilte van de trap lijkt het me ook de reinste kolder om ook maar te proberen met de fiets naar beneden te rijden.

Langs de kant van de weg garages gezien waar allemaal voorkanten van auto''s in stellingen staan.

Zouden ze die gebruiken om na een botsing de voorkant van de auto te vervangen?

Een beetje lassen en klaar is kees? Lijkt me vreemd maar ze stonden er.

We komen een huis tegen en knipperden eerst eens met de ogen.

Het leek wel of er sneeuw op het dak ligt. Nog niet eerder zo''n huis tegengekomen.

Kijk en zeg het zelf maar.

Een dode slang die nog redelijk in takt was langs de kant van de weg, we hebben trouwens nog geen levende gezien hier.

We volgen de weg en komen zowaar langs het Malaysia Space Centre.

Op het terrein staat een gebouw waar je met een beetje fantasie een raket in kan herkennen die vaststaat aan een lanceertoren.

Wikipedia leert dat ze er heuse raketten kunnen lanceren.

Niet geweten dat dit hier speelde.

Er is zelfs al een Maleis de ruimte in geweest naar het Internationale Space Station en is een samenwerkingsverband met de Russen.

De droogte begint in de natuur zijn tol te eisen.

De mensen klagen hier over de droogte en geven de klimaatsverandering door vervuiling en de ontbossing op Sumatra de schuld.

Dat ze zelf ik weet niet hoeveel hectare grond aan de natuur hebben onttrokken voor de palmoliebomen vergeten ze voor het gemak maar even.

Normaal hoort het elke dag een poosje te regenen, maar de afgelopen 14 dagen is het droog.

We zien veel dode takken en de vegetatie langs de kant van de wegen zijn ook dor.

Daarbij komt nog de abnormaal hoge temperaturen, normaal tussen de 25 en 30 graden, nu boven de 35 graden.

We hadden vooraf elke dag op een regenbui gerekend maar dat het zo droog en heet zou zijn was ook door ons niet voorzien. Maar wie weet wat we nog krijgen.

We slaan een pad in met veel kuilen een steenslag.

We hobbel de bobbelen en laveren tussen de grootste kuilen door.

Af en toe een tegemoet komende brommer of auto.

Maar verder alleen palmolieboomplantages en grazende koeien ertussen, wat mannen die onderhoud plegen aan de bomen en veel vogels in de mooiste kleuren.

Een man komt ons tegemoet met een kar vol takken en bladgroen achter zijn brommer.

We staan even stil om een foto te nemen van een rustplek voor de arbeiders in de plantage en van de genoemde man.

Hij stopt met ons en waarschuwd ons niet te stoppen langs dit pad omdat er veel wilde honden zijn die ons kunnen bijten. We raken aan de praat en hij vraagt hoe oud we zijn.

Ons antwoord 57 jaar. Hij kijkt ons verbaast aan, zo oud zijn mijn ouders ook en die kunnen niet doen wat jullie doen.

De takken met blad die hij bij zich heeft zijn voor zijn koeien even verderop in een soort wei.

We fietsen verder en zien een soort ijsvogel op een draad zitten.

We hebben hem vastgelegd maar er zijn door het tegenlicht geen kleuren te herkennen.

We blijven het echter proberen.

We rijden nu vlak langs de kust.

Weer geen strand maar een soort wad met bomen.

Het is eb, de zee is weer ver weg.

Op zoek naar een overnachting driemaal nul op het request.

De hotels in Morib waren allemaal vol.

De mensen hebben het chinees nieuwjaar waarschijnlijk aangegrepen om een lang weekend weg te gaan.

Dus maar weer verder peddelen.

Gelukkig is het bewolkt, maar we hebben regelmatig zweet dat in onze ogen komt.

Dat prikt natuurlijk en is niet handig als je fietst. Maar we doen het onszelf aan.

We gaan op de route verder richting Sepang.

We hebben uiteindelijk een bed gevonden in het Seri Malaysia Bagan Lalang hotel in Sepang.

Na het inchecken de fietsen bij de huurfietsen gezet en de kamer opgezocht.

Eerst even bijkomen, kopje koffie en thee zetten. Dan zwemmen.

Ik had al snel vriendjes met wie ik een strandbal ging overslaan.

Een klein kind wilde het diepe water inlopen maar ik hield hem met een opgestoken vinger tegen.

Hij deinsde terug en zijn ouders lachten.

Tijdens het overslaan kwam de bal bij een vrouw die op de rand van het zwembad zat.

Zij wilde de bal terugslaan en kukelde in het water tot grote hilariteit van de aanwezigen.

Gelukkig had ze daarvoor al gezwommen en was ze nog nat.

Dat is me trouwens wel wat hoor de zwemmende meisjes en vrouwen in volledige kleding terwijl de mannen in een sportbroek, soms met T-shirt, zwemmen.

We zijn er inmiddels aan gewent maar al die natte kleren die je weer moet zien droog te krijgen.

Even de krant zitten lezen.

Ook hier zijn doden gevallen door het vuurwerk.

Steeds dacht men dat de lont uit was, ging men kijken en kaboem explosie in het gezicht.

Daarnaast is een maleisisch gezin in Zweden hot news.

De ouders zijn uit de ouderlijke macht gezet en in de gevangenis beland omdat ze hun kinderen sloegen als ze het gebed niet goed deden.

Al dagen dikke discussies in de kranten.

De kinderen zijn inmiddels op het vliegtuig naar maleisie gezet.

De ouders zitten nog gevangen.

Misschien krijgen we het einde nog mee, dat horen jullie dan wel.

Zoals jullie wel gemerkt hebben is het internet hier weer toppie.

Alle verslagen tot en met vandaag staan er weer op.

De foto''s worden in de dropbox gezet.

Zal wel de hele nacht duren en Sascha weer een bult werk geven maar het is niet anders.

01-02-2014

Om zeven uur vanmorgen Trijnie gefeliciteerd. Dus precies om 00:00 uur nederlandse tijd.

Ja mien wichie heeft er weer een jaartje bij.

Is ze weer net zo oud als ik. Ook de receptioniste feliciteerde haar vanmorgen.

Had ze gezien bij het inchecken.

Vandaag weer met de trein op stap, het eerste traject gelijk aan gisteren maar nu gaan we na Kuala Lumpur door naar de Batu caves, tevens de eindhalte van de trein.

Het was druk, veel gezinnen die op stap gaan.

De meeste stapten ook op het eindpunt uit. Het is zaterdag dus een vrije dag voor de mensen die geen winkeltje of iets dergelijks hebben. Dit keer duurde de reis 1.5 uur. We kregen op het laatst wel zitkont verschijnselen, want zolang zitten is niet aan ons besteed.

Vanaf het station waren we redelijk snel bij de bezienswaardigheden.

Het eindpunt lag tegen een berg aan, er stonden allemaal grote beelden voor. In de eerste grot, Geetha Upadesha * Ramayana Gave Suyambu Lingam of Sri Subramania Swamy Temple, werd met beelden een hindoestaans verhaal uitgebeeld.

We snapten er geen jota van, alles stond in het maleis.

Er waren ook geen verklarende foldertjes of gidsen dus we moesten het zonder uitleg maar bewonderen. Een aantal beeldpartijen was uitgelicht met gekleurd licht, een mooi gezicht. Een grote slapende man lag pontificaal met andere personen boven op hem. Er werd eten naar hem toe gedragen.

Via een steile trap kon je naar boven klimmen. Hij was zo steil dat Trijnie wel naar boven zou durven maar waarschijnlijk niet meer naar beneden. Ze wilde het toch proberen maar halverwege is ze weer teruggegaan. En toegegeven de klim was steil en de afdaling niet prettig. Dus een wijs besluit.

Ik ben alleen naar boven geklommen, heb geen treden geteld, en vol verwachting klopte mijn hart. Wat moest daar wel niet voor bijzonders te zien zijn.

Het bleek een rechtopstaande steen te zijn.

Als je het zo op de foto ziet lijkt het wel een geboorteuitgang.

De hindoestanen knielden en prevelden ervoor. Zal ongetwijfeld iets heiligs betekenen in hun geloof. Helaas geen internet om het na te zoeken. Vanaf boven een foto van Trijnie gemaakt die op me stond te wachten. Hopelijk geeft het een indruk van de hoogte waarop ik stond.

Er stonden in steen gebeiteld uitspraken van Bhagaven Sri Krishna voor de grot die ons aansprak.

Naast de grot waren er ook een soort hindoestaanse diensten, alle schoenen en slippers netjes uit voor je de gebedsplaats betreedt. Ook Trijnie heeft haar sandalen uitgedaan en vastgelegd op de gevoelige plaat, scheelt wel een paar maatjes.

Er waren schelpen met olie en een lontje om bij de beelden neer te zetten.

Jammer dat de betekenis van dat alles ons ontging.

Mensen met kale hoofden waren ingesmeerd met geel spul.

We vroegen ons af wat daar de bedoeling van was dus je zoekt iemand, in dit geval een echtpaar met een klein kindje met geel hoofd, waarvoor dat was.

Even keken ze ons vreemd aan, wat een vraag, maar wat bleek het was tegen de warmte. Het hoofd blijft dan koeler in de zon. Weer wat wijzer geworden dus.

Men was druk bezig met het onderhoud van het groen rondom de gebedsplaatsen en langs de rotswand.

De fiets van een van hen konden we jullie niet onthouden.

Een stoere fiets zeg het nou zelf. Al het houtwerk op de fiets heeft als functie om manden en andere zaken aan op te hangen tijdens het fietsen.

Natuurlijk moest de inwendige mens weer even versterkt worden, dit maal met Roti, wat hier verschillende soorten pannenkoeken zijn.

Er waren diverse smaakvariaties, ik had een gewone en Trijnie een gezoete variatie.

De saus was iets op basis van bonen, pittig. De kokosnoot als dorstlesser maakte de maaltijd compleet.

Al smaakte het kokosvocht niet zo lekker als eerder deze vakantie, maar toen was het heet en waren we dorstig. Maakt toch wel wat uit blijkbaar.

En toen stonden we voor de 272 treden tellende trap naar een tweede grot.

Ik zag Trijnie kijken. Doet ze het of doet ze het niet. En ja hoor de jarige job begon aan de beklimming.

De trap was veel minder steil als de eerste en er was een goede leuning.

Ook waren er tussenplateaus waar je even op adem kon komen. Tree voor tree liepen we naar boven en we waren niet de enige(red:eerlijk gezegd ga ik liever 10x naar boven dan daar 1x naar beneden!)

In de grot was een gebedsplaats gemaakt.

Mooi was, dat de grot de hemel als plafond heeft, je zag de bomen van de jungle staan.

Natuurlijk waren er ook weer de apen die speels tegen de rotswanden omhoog klommen, het afval controleerde op iets eetbaars en als er niets in zat het achteloos ter zijde schoven.

Omdat we geen gebak hadden voor Trijnies verjaardag heeft ze zichtzelf maar getrakteerd op een dikke vette Magnum, de eerste van de vakantie.

Ik hield het bij een kopje koffie.

Langzaam aan weer retour station en de terugreis aanvaard.

Bij het hotel gezwommen, waar we er achter kwamen dat mijn zwembroek het aan het begeven was, er zaten twee gaatjes is. Dus wat doe je dan in een Moslimland, op zoek naar een nieuwe zwembroek.

En die zijn er dus niet.

Diverse winkels in en uit geweest, gevraagd en als antwoord kwam dan: daar is geen vraag naar dus hebben we ze niet. Dan maar iets als de overige mannen: een sportbroekje gekocht.

Een paar geschikte modellen, cq. maten, uitgezocht en gepast in een pashokje. En ja hoor er was er een bij die mij wel aanstond. En hij paste ook nog, zij het iets te strak om mijn gespierde bovenbenen(red: geen nood! Ik heb gewoon driehoekjes uit de zijkanten geknipt) En dan heb je dus iets wat je wilt afrekenen. Wij wilden naar de centrale kassa lopen maar nee het hoort anders.

Je geeft je broek aan de verkoopster, die schrijft het prijsetiket over op een aparte bon in drievoud.

Ze niet deze bon aan het prijskaartje van de broek.

Daarmee ga je naar de kassa, daar halen ze het geschreven bonnetje eraf, scannen het prijskaartje, je betaald, de broek gaat in een plastic puutje en deze wordt met een ty-rapp dichtgemaakt.

En dan mag je hem meenemen.

Het bonnetje wordt in een bakje gelegd.

Al met al in onze ogen zeer omslachtig.

Er was een marktje met allemaal etenszaken langs de kant van de weg.

Er werden satetjes gegrild, was allerlei zoets te koop, drinken in allerlei kleuren, nasi in allerlei soorten, miegerechten, spiesjes, zakjes en doosjes met complete maaltijden en tenslotte schelpdieren waarvan de meeste nog leefden gezien het gekrioel.

Trijnie mocht kiezen waar we gingen eten en het werd de Pizza Hut vlak om de hoek.

Pizza met als drinken een Strawberry Rave. Morgen gaan we weer fietsen met hopelijk goed werkend internet op ons volgende overnachtingsadres.

Trijnie had een kaart van haar moeder meegekregen die ze pas mocht open maken op haar verjaardag. "gefeliciteerd met je verjaardag en een fijne dag samen hoor in Maleisie en Sumatra".(red: bedankt ma. Bij deze een X daarvoor).  

31-01-2014

Vanmorgen eerst maar weer ontbeten.

Ze waren laat, oorzaak het Chinese nieuwjaar.

De hele nacht heeft het geknald, ver weg van het hotel maar toch wel hoorbaar voor ons.

We hebben pogingen gedaan om de chinese wijk te ontdekken maar niemand kon ons daar bij helpen, is er waarschijnlijk niet.

Vanmorgen deed het internet het nog niet, problemen met de antenne.

Toen ik vroeg of het vandaag verholpen zou worden lachtte de receptioniste minzaam, ik denk het niet antwoorde ze eerlijk. Balen maar het is niet anders.

Jaren geleden vonden we wifi nog geen must, nu ook nog niet maar het is toch wel een deel van het leven geworden. En dan de lezers thuis, die willen ook graag weten wat we zoals beleven.

Toen er nog geen wifi was gingen we internetcafes in om ons verhaal via de mail naar huis te zenden.

Moest ik ter plekke onze belevenissen verwoorden.

Voor het internettijdperk schreef ik de verhalen in een schrift.

Thuis typte ik ze dan over. En toen we nog geen pc hadden?

Toen schreef ik ze thuis uit. Trijnie heeft ze onlangs ingescand.

Die zullen t.g.t. ook wel op de site komen.

Vanmorgen met de trein van Klang naar Kuala Lumpur. Het station ligt hier 10 minuten lopen vandaan.

Een kaartje kost 3.40 RM, dus 1,50 euro, en we moeten 14 haltes reizen waar de trein ongeveer een uur over deed.

Het is niet een echte trein maar een soort metro.

Modern met digitale schermen waarop reclame en informatie over het verloop van de reis te zien was.

Er waren aparte coupe''s voor vrouwen. Hierin waren alleen vrouwen met hun kleine kinderen welkom.

Wat mag je allemaal niet in deze trein/metro:

- niet roken

- niet eten of drinken (wel af en toe slokje water genomen)

- geen rotzooi weggooien

- geen kauwgum kauwen

- geen aanstootgevens gedrag vertonen

- geen gevaarlijke stoffen meenemen

- geen huisdieren meenemen

- niet tegen de deuren leunen

En bij het uitstappen de in Azie veel gehoorde waarschuwing: "mind your step" als de deuren opengingen.

Dus oppassen bij het uitstappen.

In Singapore hoorde je deze waarschuwing ook bij het verlaten van de liften.

Hij raakte des te dichter we bij KL kwamen steeds voller.

Pas bij KL ging hij ondergronds en we stopten op het station KL station, een halte verder dan het centrale station.

We zaten dan dichter bij de bezienswaardigheden. Een incidentje bij het uit het metrostation gaan.

Je moest via een stilstaande roltrap naar boven. Door de cadans van de groep die naar boven liep ging de roltrap in tegenovergestelde richting bewegen.

De naar boven lopende mensen werden weer naar beneden gebracht. Even paniek, gelukkig geen valpartijen en zagen wij het voor onze ogen gebeuren dus wij stonden nog veilig.

De roltrap kwam weer tot stilstand en er werd opnieuw over naar boven gelopen. Nu wel wat rustiger dan de eerste keer. Ook wij kwamen veilig boven.

We liepen eerst de stad maar eens in, zonder plattegrond, dus de verkeerde kant op.

Eerst maar koffie gedronken. Trijnie moest naar het toilet en ze liep het zaakje in waar we buiten wat gedronken hadden. Uiteindelijk kwam ze achter in de keuken waar een hurktoilet was.

Zo dat was ze weer kwijt, dus we konden proberen aan de andere kant van de rivier de Klang te komen.

Deze rivier loopt ook achter ons hotel.

Wat stinkt die rivier zeg.

Een ongelofelijke putlucht, en dat tussen de moderne wolkenkrabbers. Een schril contrast.

We zijn eerst naar het KL Bird Park gegaan.

Onderweg mooie bomen met de luchtwortels naar beneden waar je verstoppertje in kunt spelen of, zoals we in manilla wel gezien hebben mensen in wonen.

Het grootste overdekte vogelpark ter wereld herbergt tal van vogels.

Sommige in hun natuurlijke omgeving met een net als overkapping op 15 meter hoogte, andere, vooral de roofvogels, in kooien met bomen erin.

Wat een kleurenpracht hebben sommige soorten.

Een vogel met fel blauw, groen, geel en rood lijkt onrealistisch maar ze bestaan. Allerlei soorten papagaaien, zangvogels en loopvogels vlogen en liepen ''vrij'' rond. Best wel mooi opgezet.

Maar het blijft onnatuurlijk.

Helemaal de plek waar hele gezinnen op de foto mochten met ''tamme'' vogels op armen, schouders en hoofden.

Niet ons ding maar er werd gretig gebruik van gemaakt door de locals en japanners We kwamen erachter dat voor het park een stopplaats is van de "Hop on, Hop off" bus.

Hiermee kon je per bus langs de bezienswaardigheden van de stad en uit en in stappen bij zo''n bezienswaardigheid. Tussen de 20 en 30 minuten wachten voor de volgende bus kwam.

Dus na de soep en een drankje met de naam Soya & Cinau black gras Jelly wachten op de bus.

Tickets gekocht en we konden de hele dag door de stad heen reizen.

Eerst naar de Petronas Twin Towers, de torens waarmee KL wereldberoemd geworden is. Wat een giga gebouwen, 452 meter hoog met tussen de 41ste en 42ste verdieping een brug.

Op de onderste verdiepingen is een mall gevestigd.

Daar was het een drukte van belang bij het optreden van iemand.

Het is onvoorstelbaar dat ze zoiets kunnen bouwen.

Helaas was het niet mogelijk om naar boven te gaan op het tijdstip dat wij er waren.

Maar niet getreurd, de KL Tower is een goed alternatief.

Dus weer in de bus nadat we uitgekeken waren en naar de genoemde toren.

Voor de toren was een Maleisisch dorp nagebouwd, met de oorspronkelijke huisjes waarin kunstenaars hun schilderkunsten vertoonden. Leuk om door heen te lopen.

De KL-tower is een communicatietoren en inclusief de lange antenne 421 meter hoog.

Deze hebben we met de lift bedwongen tot het observatie dek op 276 meter hoogte.

Zo hoog waren we nog nooit geweest in een gebouw.

Je kon nog een 50 meter hoger maar die prijs stond in onze ogen niet in verhouding met het observatiedek. De lift deed er 60 seconden over op op de 280 meter hoogte te komen.

Onze oren reageerden op de snelheid en de luchtdruk verandering.

Grofweg gingen we met een sneldheid van 15 km per uur naar boven.

Daar was het uitzicht weergaloos.

De stad, behalven de Petronas Towers, lag aan onze voeten. Je kon op het dek 360 graden rondlopen met de uitzicht over de stad, achter glas maar toch.

Trijnie op de foto gezet terwijl ze de spits van een Petronas tower vasthoudt, ik probeerde de torens om te duwen. Natuurlijk waren er daar boven ook souvenierwinkeltjes met de Petronas towers en KL tower op alle mogelijke atributen. Van T-shirts tot koelkastmagneet, van balpen tot beeldjes.

Dezelfde ''troep'' zagen we later in chinatown ook, maar dan nemen we maar aan veeeeeel goedkoper.

Weer naar de bus en verder door de stad gereisd.

Allemaal big buildings met af en toe nog oude gebouwen ertussen.

In chinatown uitgestapt en tussen de kramen door gelopen en steeds hetzelfde bekeken. Overal werden we uitgenodigd om in hun kraam te komen kijken.

Tien kramen met dezelfde T-shirts, dan weer kramen met zonnebrillen, souveniers, enz., enz. Leuk om een keer door te lopen maar je hebt het dan al gauw gezien.

Het was tijd om de hotelreis weer te aanvaarden. Er is ongetwijfeld nog veel meer moois in KL, maar een dag is gewoon tekort.

De terugreis ging vlotjes. We kijken weer terug op een vermoeiende en fijne vakantiedag waarin we een hoop gezien hebben.

30-01-2014

                                                                                                                                                                                           

Gisteravond was een aap voor ons chalet aan het eten.

Hij klom een boom in, plukte wat vruchtjes en at die op.

Hoger op ging hij weer, nu met de ene poot op een tak en in een spreidstand zijn andere poot op een naastgelegen tak.

Hij zat weer lekker te smikkelen.

Benieuwd of ze vannacht nog bij onze fietsen komen. Alles wat los kon maar verwijderd.

Vanmorgen weer op stap.

We willen naar Klang een grote plaats vlak bij Kuala Lumpur.

Daar willen we drie nachten blijven en uitstapjes maken.

Er zaten weer apen langs de kant van de weg, sommigen met een kleintje tegen de buik geklemd, springend en klimmend van tak naar tak en op de electriciteitskabels. Leuk gezicht.

We fietsen langs een school waar bij de ingang een bord met kledingvoorschriften hing.

Niet in jurk en langebroek maar alleen in moslimkleding mocht je naar binnen.

De foto spreekt voor zich. We maken de 500ste kilometer tijdens het begin van de fietstocht. We liggen redelijk op schema, al is die bij ons niet heilig.

Een garagebedrijf met allerlei onderdelen opgehangen aan de muur.

Er staan diverse auto''s voor reparatie. Ze kunnen hier veel repareren met relatief weinig middelen.

Daar zijn de eerste bloeiende lotusbloemen.

Trijnie is een aantal keren gestopt om ze vast te leggen voor een eventueel schilderij. Het blijven, samen met waterlellies, toch haar favoriete bloemen als het om schilderen gaan.

Een soort Monet''s maar dan betaalbaar. Dus als je een echte Trijnie aan de muur wilt hebben met een lotus of waterlelie, ze zijn te koop.

We rijden over een rustige weg, Jalan Kerepti Alam waar vroeger een door de japanners aangelegde spoorweg liep, tussen de plantages en kampongs door.

Veel vogels in vergelijking met de Fillipijnen.

We hebben daar in onze fietsvakantie van 6 weken minder vogels gezien als hier op een dag. Schijnen daar gegeten te worden is ons verteld.

Voor de kinderen een kever gefotografeerd. Zag er niet uit, zat onder een kleed maar toch even naar het nummerbord gekeken. KB8206, al zegt dat niets over de ouderdom maar misschien hebben ze er wat aan.

Er moest nog een hoop werk aan verricht worden om hem weer rijklaar te maken.

We passeren een fabriek met de inspirerende naam: Pleasure latex LTD. Ja wat moet je daar nu bij bedenken. Dat laten we maar aan jullie fantasie over, lijkt me verstandiger.

Een meubelfabriek laat niets aan duidelijkheid over. Er staan tafels, stoelen en hout voor verwerking.

Het stinkt er naar lak. Er volgt een zeer slecht stuk weg, de slechtste tot nu toe met kuilen en stenen. Maar onze banden en fietsen komen hier ook heel over.

Er zijn hier veel spandoeken te zien met een ouderwetse weegschaal met de beide schalen in evenwicht.

Dit zijn de eerste politieke uitingen die we tegen komen. Het is van de Barisan Nasional, een politieke partij lijstnummer 1. Tenminste dat begrijpen we ervan.

Voor we Klang binnen rijden eten we warm in Ranto Pajang.

Ik kies voor een kom met noodles, groentje, pinda''s en kruiden die ik overgiet met kippenbouillon, een lekker pittig en zoutaanvullend gerecht.

Trijnie neemt rijst met groente, kip, een ei en iets waarvan een local zei dat het lever was. Dat laatste bleek een stuk gedroogde vis te zijn, niet Trijnies ding dus.

Onderweg ook regelmatig duizendklappers die afgestoken worden.

Morgen is het chinees nieuwjaar en het oude jaar zal vannacht wel weggeknald worden.

We rijden de laatste 5 kilometers de stad in.

Het is er druk en het is opletten op het verkeer en de te volgen route. Uiteindelijk het hotel van onze keuze gevonden.

We zitten in het Goldcourse hotel.

We zagen dit 22 verdiepingen tellende gebouw al van verre staan.

Aan de buitenkant ziet het er niet uit.

Maar bij inspectie bleken de kamers netjes en ruim te zijn.

De receptie van het hotel zit op de 9de verdieping, eronder is een mall gevestigd, wij hebben een kamer op verdieping 17. Een mooi uitzicht over een deel van de stad.

Op de 8ste verdieping bevind zich het zwembad waar we natuurlijk onze baantjes weer getrokken hebben.

Er is internet maar er zijn problemen met de antenne, zouden vandaag verholpen worden.

Dus maar afwachten wanneer we jullie weer op de hoogte kunnen brengen van onze belevenissen en foto''s.    

De stad in. Langs en over de Klangrivier richting het station.

Morgen willen we naar Kuala Lumpur dus even gekeken waar het station is.

De treinen rijden elk 1/2 uur en het is een uurtje treinen. Veel chineze winkeleigenaren hebben de zaak op slot, gaan i.v.m. het nieuwjaar pas 4 februari weer open.

Binnen bij een stoffenzaak gekeken, veel stoffen staande op de rol.

Mooi gezicht. Trijnie heeft naar stoffen gekeken en veel moois maar niet geschikt voor wat ze er van maken wil.

Opvallend is hier trouwens dat als je iets koopt men het wisselgeld tweemaal nateld voor ze je het geven.

Trijnie neemt deze gewoonte al over en telt het geld waarmee ze betaald ook twee keer.

Is een plagerijtje van haar kant, maar niemand kijkt er vreemd van op.

Bij Pizza Hut gegeten in de hoop dat ze daar wifi hebben. Dus niet.

29-01-2014

Gisteravond nog naar Kentucky Fried Chicken geweest om te eten. Er waren veel jonge gezinnen waarbij het de kinderen om het kidsmenu met verrassing ging.

Toen Amber en Cody nog kleuters waren gingen we naar KFC of Mc.Donald en namen tot verbazing van de bediening dan elk een kindermenu.

De spulletjes die we dan kregen stuurden we na een poosje op naar Nederland. Vonden ze maar wat spannend om het uit te pakken.

Nu hoeft dat niet meer.

Zodra het donker wordt horen we knallen van vuurwerk.

Soms alleen knallers maar meestal vuurpijlen. Om 03:30 uur werden we wakker van een aantal knallen.

Het is net de dagen voor oud en nieuw bij ons. Hier is het zoals ik al zei de 31ste januarie de jaarovergang.

Het wordt dan het jaar van het paard.

Je ziet het hier in reclames en winkelaankleding terug.

We laten ons veelkleurige hotel achter ons.

De ramen van middelste gele vlak waren van onze kamer.

Het was er goed maar eenvoudig.

Douche en wc zodanig samengebouwd dat je haast op de pot kon gaan zitten douchen.

Dus een hoop droogmaakwerk als je na het douchen de wc weer begaanbaar wilde hebben.

Maar we zijn jong en we willen wat. Het is allemaal goed te doen.

We fietsten over een markt waar in verband met het aankomende nieuwe jaar manderijnen werden uitgedeeld.

En wij kregen er ook elk twee. Ook waren er al lampions opgehangen.

Trijnie reed een stukje voorop en kon me daarom op de foto zetten.

Je ziet me boven de brommers uit steken als een reus.

Dat we dicht bij de zee zitten blijkt wel aan de boten die ook hier in het water liggen.

Als het laag water is liggen ze deels droog, bij vloed kunnen ze wegvaren.

De wierrookstaven die bij sommige huizen buiten staan stonden nu al in brand.

Alsof het oude jaar weggebrand wordt. Weet nog niet precies hoe het zit.

Onderweg zijn mensen de bermen aan het maaien met een bosmaaier.

De plantengroei wordt een koppie kleiner maakt en ze harken het later bij elkaar.

Het toppunt was een knul die met een kantenmaaier op een voetbalveld het gras aan het maaien was. Rustig lopend, baan voor baan.

Nu hoeft dat hier niet elke week maar het uitzichtsloze als je aan het begin van de klus staat.

De straten in de kampong hebben nummers Jalan 1, 2, 3 enzovoort. Lijkt Valthermond wel.

We rijden langs een fabriek waar kippen verwerkt worden.

Een groep meisjes heeft lunchpauze en het is een gegil en geschreeuw van jewelste als we ze terug groeten.

Bij een kraampje allebei een bakkie koffie genomen.

De vrouw van de kraam was bezig met het schoonmaken van rietsuikerstengels.

Ze vroeg of we het wilden proeven, we knikten natuurlijk ja. We wisten vanuit eerdere vakantie''s dat het lekker verfrissend was. De stengels tussen twee walsen, het vocht liep via een zeefje in een metalen kan, zelfde stengels dubbelgevouwen er door voor de laatste druppels, beker mer ijsklontjes en het sap erin.

Heerlijk. De vrouw verontschuldigde zich bij ons met " no english" en haar man en zoon werden de tolk voor de vragen die ze stelde. Of we kinderen hadden, toen we erbij vertelde dat we ook kleinkinderen hadden keek ze ongelovig naar Trijnie. Natuurlijk wilde de man weten hoe duur onze fietsen waren, bleken ze ongeveer net zo duur als een brommer hier. Toen we wilden betalen wuifde de man het geld weg.

Maar ik drong aan, betaalde een stuk minder dan de beide koppen koffie kosten.

Een kop koffie kost hier gemiddeld 2 RM, dus 50 cent. Als we flessen water van 1,5 liter kopen zijn we tussen de 1,30 RM en 2.50 RM kwijt. Gekoeld water is duurder dan ongekoeld.

We fietsen al kilometers over een zeer rustige weg, af en toe een brommer, geen auto''s.

De weg veranderd in een gravelpad wat steeds smaller wordt. Apen in de bomen naast ons.

Een waarschuwing in het routeboekje luidt: als er een troep apen oversteekt wacht dan tot alle apen, vooral de jongen, ook overgestoken zijn. Anders heb je kans dat de moederapen je aanvallen als je er tussen door fietst".

Geen overstekende apen gehad maar het is logisch.

Een groepje van zes vrouwen van middelbare leeftijd spelen op een miniveldje voetbal tegen elkaar.

Verbazingwekkend, het is nog koel, hadden hun hoofddoeken om en waren fanatiek bezig.

Hadden we niet verwacht. We zien landbouw, mais en een onbekende vrucht welke onder netten hangt tegen de vogels.

Ook zijn er kaalgemaakte vlaktes welke blijkbaar gebruikt gaan worden als landbouwgrond.

Hebben we trouwens onderweg wel meer gezien. Stukken bos, jungle of mangrove, welke kaal gemaakt zijn voor de verbouw van in hoofdzaak palmoliebomen.

Het paadje is nog 15 cm breed, bij tegenliggers wachten de brommers netjes op een iets breder stuk tot we langs zijn. En daar aan de rechterhand is de zee. Geen strand maar meer een drooggevallen waddengebied.

Het is eb want het zeewater is 40 a 50 meter ver weg.

We komen regelmatig islamitische begraafplaatsjes tegen, zonder grafstenen maar met vierkante paaltjes aan de voor en achterzijde van het graf. Daarop staat de naam van de overledene.

Ze liggen allen dezelfde kant op, richting Mekka.

Bij een Chinese tempel werden een kip, eend en een stuk koe geofferd. Er naast liggen sinaasappels en een gebakje. De man op de foto bid voor zijn overleden familie met wierrookstaafjes tussen de palmen van zijn handen.

Trijnie moest, ondanks het transpieren, de blaas legen.

Ze liep een stukje een palmolieplantage in, het was hier wat drukker met verkeer, en kwam er lekgebeten weer uit. Eerdere keren waren geen probleem geweest. " nooit meer zover tussen de bomen, ik ga wel aan de kant van de weg zitten" mopperde ze haar benen en armen controlerend. Ze kwam in totaal op .. beten.

We overnachten in het Palma Hotel in Kuala Selanger. Hier staan chalets en er is een zwembad.

Dus maar weer zwemmen, wat vervelend toch elke keer.

Even wat zaken op de foto gezet, zat er een roofvogel op de grond en later op een boomstam. Jammer dat Stef niet onze hele verhalen leest anders wist hij misschien wel wat voor vogel dit is. Er zitten natuurlijk ook apen en de boom met de luchtwortels is imponerend.

28-01-2014

Daar gaan we weer na een afgemeten engels ontbijt, toast en witte bonen in tomatensaus.

Trijnie heeft nog wat bultjes opgelopen.

Waarschijnlijk van apevlooien! Zal wel weer overbeteren.

De eerste 6 kilometers zijn dezelfde als gisteren.

Daarna volgen we de weg naar Klang wat nog zo''n 130 km hier vandaan is.

De weg is goed en het eerste stuk rijden we weer langs een drukke weg.

Het is goed fietsen alleen oppassen voor het glas van versplinterde autoruiten en af en toe een kuil.

Waar het kan rijden we naast elkaar, waar het niet kan achter elkaar.

De voorste wijst dan met de hand naar eventuele gaten in de weg of glas.

Is al een gewoonte sinds onze eerste fietsvakantie nu zo''n 20 jaar geleden.

Er gaat een weg naar rechts naar de ferry die naar Medan in Sumatra, onze eindbestemming van deze reis, vaart. Deze weg maar rechts laten liggen.

We komen bij de Bernam rivier, een brede rivier die we met de ferry moeten oversteken.

Deze ligt als we aankomen aan de overkant en we moeten een poosje wachten.

Er worden vissersboten gelost.

Hebben op de zee hun netten uitgegooid en komen met blauwe vaten vol met vis weer naar de losplaats. Met een kraantje worden de volle vaten uit het ruim gehezen en leeggegooid in bakken.

Daar wordt de vis gesorteerd en een aantal handelaren zoeken de mooiste vissen uit om te kopen. Ik herken een kleine pijlstaartrog, de andere vissoorten zeggen me zo niets. Het is blijkbaar een goede vangst geweest want er zijn glimlachen om de monden en als we zo staan te kijken gaan er duimen omhoog.

" Je hebt je fietsbroek verkeerd om aan", merkte Trijnie op.

Een plekje gezocht om de boxum uit te doen en omgekeerd weer aan.

Ik vond het al niet lekker zitten op mijn zadel.

Via een lange vlonder konden we de ferry met de fietsen bereiken.

Aan boord tillen en daar kon de overtocht beginnen.

De boot was alleen geschikt voor tweewielers en voetgangers.

Maar eerst even wachten tot het tijd is om te vertrekken.

De motor bleef stationair doordraaien en de kaartjesverkoper kwam er aan.

Voor 5 Ringgit werden we naar de overkant gebracht.

Trijnie nam de kaartjes in ontvangst en kon ze gelijk weer afgeven aan de man die achter de kaartjesverkoper stond.

Die vroeg namelijk of hij de kaartjes mocht zien en hij nam ze weer in en stopte ze weer terug in de handen van Trijnie!.

De bemanning werd gecompleteerd door de kapitein, hij bestuurde de ferry.

De houten helling van de ferry af was zeer steil.

Trijnie redde het tot de laatste meter, toen viel ze stil bang om uit te glijden.

Gelukkig waren er helpende handen en een klein zetje was genoeg om haar boven te doen geraken.

Het was inderdaad een zeer steile helling en ook ik moest me schrap zetten om niet terug te glijden.

Vanaf de ferry ging de weg over een verlaten asfaltweggetje door de plantages heen.

Veel vogels vlogen voor ons uit. We reden een kampong door en he wat is dat nou? Een boom met sneeuwballen? Deed ons even denken aan de temperaturen zo''n 10.000 km verderop.

Maar dit bleken witte katoenachtige bollen te zijn die uit ovaalvormige vruchtlichamen komen.

Nooit eerder gezien dus vastgelegd.

Natuurlijk komen we onderweg ook veel vruchten tegen.

De banaan kennen we allemaal, de bloem, de bloem die uitkomt en de bananentrossen waar we er zo graag welke van kopen.

Natuurlijk zijn er talloze andere vruchten die we niet allemaal van naam kennen.

De mango, de durian, herkennen we wel.

Over de Durian is nog wat leuks te vertellen.

Deze vrucht stinkt een uur in de wind maar is super lekker.

In veel hotels hier staan bordjes met een durian afgebeeld met een streep er door.

Verboden voor durians.

Als iemand zo''n rijpe vrucht open maakt in het hotel stinkt het hele hotel naar rottend vlees.

Er liggen plassen in de gaten van de weg.

Zal het hier geregend hebben vanmorgen?

De lucht is trouwens dicht bewolkt, de zon komt er niet door en het is 28 graden Celcius, een heerlijke temperatuur om te fietsen.

" stoppen" fluister ik tegen Trijnie, zet mijn fiets neer en pak het fototoestel.

Een soort ijsvogel zit op een stok bij het water. Inzoomen, vinger naar de ontspanner en weg issie.

We blijven het proberen.

Jammer dat de mensen de rotzooi zo in de berm gooien.

Flesjes, piepschuim etensbakjes, plastick zakken alles lijken ze zo neer te gooien.

Soms ligt er een bult bij elkaar. Dit wordt als deze te hoog is verbrandt. Wat hebben wij dan een schoon landje.

Leuk zijn de verschillende brievenbussen.

De inventiefste was gemaakt van een omgekeerd oliejerrycan.

We zijn nu in Sungai Besar, een redelijk stadje in de buurt van de kust.

We overnachten in het Ocean Hotel. De kamers zijn hier basic en de fietsen moesten twee trappen omhoog getild worden.

Geen ontbijt dus straks nog maar winkelen want morgenvroeg met een lege maag beginen met fietsen is geen optie.

Het is een vrij groot stadje met twee winkelmalls welke nagenoeg leeg zijn.

En er wordt volop nieuw gebouwd. Een beetje vreemde mengeling van oud en nieuw waarbij het nieuwe leeg staat en het oude volop in bedrijf is.

Van het kastje naar de muur gestuurd tijdens het zoeken naar een 7 eleven, een supermarkt die van 7 tot 23 uur open is.

Hebben hem niet gevonden dus boodschappen gedaan bij andere winkeltjes.

We eten morgenochtend bananencake met kaaskoekjes en spoelen dit weg met jus d''orange en sojamelk.

27-01-2014

Weer op pad. We willen via Lumut naar Teluk Intan fietsen.

Maar eerst de 7 km naar de doorgaande weg onder de banden laten wegsoezen.

Het ging redelijk heuvelafwaart met snelheden van rond de 45 km per uur dus we waren in no-time op de doorgaande weg naar Lumut.

Op dit korte stukje leken de apen ons uit te zwaaien zoals ze ons balancerend op de takken en kabels nakeken.

Een varaan zat tegen een boomstam maar de snelheid was te hoog om te stoppen.

Hopelijk komen we er de komende weken nog een tegen, want 3x is scheepsrecht.

Ook kleine mangrovebosjes langs de kant van de weg.

Mooi gezicht die wortels die nu in erg weinig water boven de grond uitsteken.

We rijden een gebied in waar we vaak het water over zullen moeten.

Het lijkt een beetje op Zeeland met eilanden en schiereilanden.

De eerste brug is gelijk een die er wezen mag.

Gelukkig is het bewolkt en staat er een wat koel briesje want net als de vrachtwagens die tegen de brug omhoog kruipen is het voor ons ook een lastige klim.

Maar we halen het zonder problemen.

Boven op de brug een mooi uitzicht over het water.

Er is een groot soort vlot op het water waarop een huis staat.

Daar zal ongetwijfeld een familie, die leeft van het vissen, wonen.

Een aantal grote schepen liggen in het nu ondiepe water vast, het zal wel eb zijn en de zee heeft invloed op de waterstand van de rivierarm.

We komen een ander stel fietsers tegemoet, de weg is te druk om even mondeling kontakt te hebben dus een handgroet is het enig mogelijke.

Jammer, vinden het altijd leuk zaken uit te wisselen met andere trekkers.

We hebben vaak info kunnen geven en mogen ontvangen waar je als collega trekkers wat aan hebt.

Bij sommige huizen zijn de voorbereidingen voor 31 januari in volle gang.

Versieringen en giga wierrookstokken (30 cm dik, 2 m hoog) staan opgesteld.

Op de wierookstaven uitgewerkte afbeeldingen van draken en bloemen.

O ja, 31 januari is het chinees nieuwjaar. We hebben hieraan leuke herinneringen van ons verblijf op Java waar we door ene Hari uitgenodigd werden om het chinese nieuwjaar met zijn gezin en vrienden mee te vieren. Lees maar in ons verslag van Indonesie.

Benieuwd wat we er hier van merken.

Zal nog lastig worden om een overnachting te vinden rond die tijd.

Maar dat is voor later zorg.

In een buitenwijk Lumut zagen we van verre al een met riet bedekt bouwwerk opdoemen.

Was zo hoog als een molen bij ons, leek er wel wat op maar er waren geen wielen te zien.

Achter het bouwwerk bevindt zich een Hindoetempel. Wat het met elkaar te maken heeft geen idee maar apart is het.

We hebben inmiddels de route weer gevonden zoals die beschreven is door Asian Way of Life en peddelen Lumut voorbij via de buitenwijken.

Natuurlijk de raad van het routeboekje opgevolgd door water in te slaan en wat cakes, bij een minimart en een trosje bananen bij een fruitkraampje.

Bij dit kraampje hing een '' geslachte'' vis te drogen. Vreemd gezicht. Langs de kant van de weg een aantal keer een dode vleermuis, vogel en slang zien liggen.

We rijden door een gebied met aan de ene kant palmolieplantages, van de firma Sime Darby, en aan de andere kant een kokosnootplantage.

Er vliegen vogels tussen de bomen, een soort heeft fel blauwe vleugels, een andere is helemaal fel geel. Verrassend die felle kleuren. Jammer dat we de soorten niet kennen.

Toch maar een vogelboekje kopen? Het op de foto vastleggen is onbegonnen werk.

Het is tijd voor de warme hap.

Bij een eettent staan vrachtwagens wat vaak een teken is dat het eten er goed is.

Zelf rijst opscheppen, langs de bakken met groente, vis en kip om te kijken wat je hebben wilt.

Trijnie brengt vaak de lepel die in het gerecht staat naar haar neus om te beslissen of ze het hebben wil.

Ik kan dan een glimlach maar moeilijk onderdrukken.

Er wordt door de eigenaar van de eettent niet op gereageerd dus het zal wel oke zijn. Maar een leuk gezicht blijft het elke keer weer.

Ik loop vaak de bakken langs, er stonden er dit keer 12, kijk wat me lekker lijkt en schep dit op.

Zo pakte ik dit keer iets met sperciboontjes en bladgroente, een kippenpoot, wat komkommerschijfejes met stukjes ananas en pakte wat saus van een ander gerecht.

Natuurlijk kom ik hier wel eens mee op de koffie en smaakt het wat minder maar het blijft voedsel wat ons energie geeft om de banden te laten rollen.

Over koffie gesproken: ik nam er een lekker groot glas koffie bij met gezoete gecondenseerde melk. Heerlijk. De plek van het toilet was een beetje verwarrend, moet dat hier in de wasbak?

Dat zou mij nog wel lukken maar hoe de dames dat gaan doen?

Er zwermden een groep van twaalf roofvogels voor het eettentje boven de vlakte.

Het zijn volgens de eigenaar eagles, adelaars dus. Reusachtig zoals ze daar zweefden.

Naast de eettent was een bijna drooggevallen riviertje waar een groot soort ijsvogel op een paal zat.

Er fietsen twee mannen voorbij met volle bepakking.

Geen contact, ze zagen ons niet zitten in de eettent.

Van de natuur moeten we het dit deel van de route hebben.

De weg is eentonig, gaat een stuk langs de rivier de Perak, en tussen die plantages, de zon laat zich steeds meer zien, het is een graad op 42 op mijn teller.

Af en toe een stop om even in de schaduw af te koelen.

En het water vliegt de er door.

Gelukkig hebben we genoeg bij ons.

In Teluk Intan een bezoekje gebracht aan de scheve toren Menara Condong Teluk Intan.

Deze toren staat scheef als de toren van Pisa wordt gezegd.

Maar wij vonden dat wel meevallen, daarom heeft Trijnie hem wat schever op de foto gezet.

Hij is in 1885 als watertoren gebouwd, is 25 meter hoog.

Het is gebouwd in de zogenaamde pagodavorm en teld 8 verdiepingen.

De eerste 3 verdiepingen waren te bezoeken wat ik dus gedaan heb.

Het doet sinds 1894 dienst als klokkentoren en is de bezienswaardigheid van het stadje.

We overnachten in het Grand Court hotel in genoemde plaats.

26-01-2014

Na de eerste nacht geheel doorslapen naar het ontbijt.

En zoals verwacht alles erop en eraan.

Wel weer lekker om zelf brood te kunnen snijden i.p.v. geroosterd toastbrood.

Trijnij nam yoghurt na, bleek deze geschift te zijn.

Ze vertelde dit iemand van de bediening, deze haalde leidinggevende erbij, lichte paniek.

Schaal werd meegenomen en vervangen.

Excuses werden gemaakt toen ze kwamen vertellen dat de yoghurt vervangen was.

En deze smaakte wel goed.

In de bediening kwamen we dezelfde dames tegen die ons gisteren in het restaurant bedient hadden. Restaurant is open tot 22:00 uur, vanmorgen vanaf 07:00 uur ontbijt.

En dat 6 dagen in de week en dan nemen we aan dat ze 1 dag in de week vrij zijn.

Er zijn geen 4 personen (minimum aantal) voor het eindlandhoppen voor de trip van 09:00 uur.

Tweede poging is 14:00 uur. Om 13:00 uur even langs de balie om te vragen of die wel doorgaat.

Dus hadden we de moed verzameld om te gaan snorkelen lijkt het niet door te gaan.

Of we moeten voor 4 personen betalen en met z''n tweeen gaan. Maar dat is ons te gortig.

Dreigt dus een luie dag te worden.

Dat is het nadeel van onze manier van reizen, we plannen hoogstens 24 uur in het voren.

Op het strand gewandeld, het zeewater is heerlijk warm.

Een Shell schelp gevonden.

Het strand is hier niet zo breed en er hangen op een aantal plaatsen boomtakken over het strand.

Geeft een aparte sfeer.

Je kunt hier squads, moterfietsen en crossfietsen huren om over het strand te racen op een apart afgezet gebied.

Ook ontbreekt de bananenboot niet.

Het eerste vinden we gekkenwerk, het tweede zal er wel bij horen.

Wij zitten aan de westkust maar aan de oostkust van maleisie is het koud.

Er worden jackets en dekens verkocht omdat het er koud is door een koude luchtstroom vanuit Siberie.

Is ongewoon, maar ook de luchtvervuiling schijnt dit te veroorzaken.

Het is daar 18 grd.C. dus wat heet koud?

Het is niet gelukt om te gaan eiland hoppen en snorkelen.

Dus de middag doorgebracht aan het zwembad.

Drankje en hapje er bij, lezen, af en toe zwemmen en weer in de zon of schaduw liggen.

Wat een straf.

Maar toch is het niet ons ding.

We zijn graag actief maar we zitten hier ver van de bewoonde wereld en dat maakt het even naar een dorp gaan lastig.

De zwemrituelen zijn hier gelijk aan elk islamitisch land.

De mannen in korte broek, de vrouwen geheel gekleed behoudens de hoofddoek.

Lijkt Trijnie maar lastig, en een bult natte kleren als je klaar bent.

Maar dat zijn ze hier niet anders gewoon.

Wat zullen de vrouwen, en mannen, denken als ze die westerlingen zo in zwembroek en bikini zien spartelen? Zullen de vrouwen jaloers zijn? Zullen de mannen het maar onzedige vrouwen vinden?

Toch lijken de mannen maar wat graag te kijken naar de westerse zwemsters.

Maar dat zal wel mannen eigen zijn.

Tijdens het zonnen waren ze druk bezig de kokospalmen te snoeien.

De onderste takken en kokosnoten werden verwijderd.

Vooral de kokosnoten kwamen met de klap op de grond. Als je die op je hoofd krijgt zie je sterretjes of helemaal niets meer.

Daarom zullen ze ook wel verwijderd worden want sommige ligstoelen staan onder de palmbomen.

Toen we de eerste keer in Azie kwamen hadden we onze fietsen onder een kokosnotenboom in de schaduw gezet.

We werden er toen op geattendeerd dat we ze beter weg konden halen, omdat als een kokosnoot op de fiets zou vallen het frame ontzet kon raken.

We hebben toen de fietsen maar op een andere plek gezet.

De was is ook weer schoon. Zat bij de kamerhuur in.

Alles netjes schoon en opgevouwen in plastic.

Kunnen we weer een paar dagen vooruit.

We kregen net een berichtje dat het sneeuwt in Nederland.

De kleinkinderen waren de oprit aan het schoonmaken bij hun huis. Wat hebben we een pech dat we die mooie witte sneeuw en de daarbij behorende temperatuur moeten missen.

Morgen gaan we weer fietsen naar Lumut en pakken we daar de route weer op.

25-01-2014

Het was nog donker toen Trijnie een snoepje nam die ze op haar nachtkastje had neergelegd. Hij was wat stoffig dacht ze en deed het licht aan.

Zaten er kleine miertjes op, waren natuurlijk afgekomen op de zoetigheid. Ze heeft hem maar weggegooid.

Het ontbijt was uitgebreider dan gisteren.

Vermoedelijk om dat het zaterdag is.

Er waren eieren en cornflakes, het was ook drukker in de eetzaal.

Vandaag stond een korte route op het programma naar Kuala Kangsar met de volgende dag een route naar Parit.

Deze laatste route flink heuvelachtig met veel korte maar steile klimmetjes van 10%, niet echt iets voor ons.

Trijnie had ook wat tracks gedownload in de GPS en een daarvan kruiste onze route.

Deze hebben we in plaats van de geschreven route opgepikt bij Changkat Jering.

Omzeilen we de route naar Kuala Kangsar, waar weinig te beleven is en de hotels vaak bezet zijn, en de route met de klimmetjes.

We gaan dus op de bonnefooi de onbekende route volgen. Is wat onzekerder voor wat betreft overnachtingen maar we zullen het wel redden.

Tot nu toe hebben we op al onze reizen nog overnachtingen gevonden, al was het soms spannend.

De weg is licht glooiend en goed te fietsen.

Bij zebrapaden en scholen zijn er gele strepen op de wegen gemaakt, als je daar overheen fietst dan hobbel je met de fiets, geen prettig gevoeld maar het zal het auto en brommerverkeer daardoor wel afremmen, wat natuurlijk de bedoeling is.

Tegen een heuvel aan ligt een begraafplaats. Alle graven in dezelfde richting, zal wel naar Mekka zijn. Het meest voorkomende verkeersbord is een bord met ASAW erop.

Betekend zo iets van let op. Vaak bij een uitrit, brug of gevaarlijke kruizing. Onderweg een dode koe zien liggen.

Het bloed kwam nog uit zijn kop, vermoedelijk aangereden door een vrachtwagen.

Zal wel een financiele aderlating voor de eigenaar zijn.

Met een vrachtagentje werd er vis langs de deuren verkocht.

De vissen lagen dood in plastick bakken, geen koeling of iets dergelijks.

Zou bij ons niet kunnen. We roken de geur van kippenmest, bleek het een eendenmesterij te zijn. Duizenden eenden werden opgefokt voor de slacht.

Zal er aan denken als ik een gerecht met eend bestel (maar niet heus).

Bij een benzinestation een korte breek. Zat er een giant kever/krekel die een hoop lawaai maakte.

We dachten eerst dat dit een soort kakkerlak was maar de man van het station vertelde dat het een kever of krekel was.

Het geluid ervan was kenmerkend voor dat wat we veel in de bomen horen.

Trijnie wilde hem op de foto zetten, net toen ze het toestel in de aanslag had vloog hij naar de andere kant van de straat.

Bij het benzinestation hangt een formulier met de tekst " No work is so urgent that we cannot take time to do it safely". Sprak mij aan omdat wij op het werk ook veiligheid voorop hebben staan. De slogan is dan ook een waarheid als een koe.

We willen een overnachting in de beurt van de kust. We vroegen een jongen of hij iets wist. Onze kaart was niet gedetailleerd genoeg om het precies aan te wijzen.

Maar het stond wel aangegeven langs de weg, het was een 20 kilometer verderop.

We fietsen weer verder en toen kwam hij ons achterop rijden om het op zijn telefoontje exact te kunnen aanduiden.

Dit maken we wel vaker mee dat mensen zo behulpzaam zijn. Niet alleen hier maar ook in Cambodja en Vietnam hebben we dit meegemaakt.

Even uitrusten bij een hindoestaanse gebedsplaats. Het is warm en we hebben elk al zo''n 1,5 liter water gedronken.

Komt er een man bij ons staan praten. Hij vroeg of we kokosmelk wilden drinken.

Dat leek ons weer eens wat anders dan water dus we wilden dat wel.

Hij ging een mes halen, sneed twee kokosnoten van de boom, haalde het kapje eraf, maakte een drinkgaatje en smullen maar.

Het vocht droop langs onze kinnen maar wat was dat lekker.

Ook Trijnie genoot ervan. Weer een 3/4 liter vocht per persoon naar binnen. Mijn fietsshirt vertoond trouwens allemaal witte zoutstrepen van het transpireren. Maar eens kijken of we die samen met de andere kleren ergens kunnen laten wassen.

Uiteindelijk zijn we terecht gekomen in het luxe Swiss-Garden Golf Ressort & Spa in Dumai Laut.

Daar kwamen we aangefietst, nat van het zweet, haren roeg op de kop en maar hopen dat ze een plekje hadden.

We waren namelijk 7 km geleden van de doorgaande weg af gegaan om hier terecht te komen.

En de weg loopt hier dood op het strand dus als er geen plek is moeten we hetzelfde stuk weer terug en dat viel niet mee met dat klimmen.

We hebben een kamer met balkon met uitzicht op de zee en de eilandjes.

Op de balkondeur zit een sticker dat waarschuwd dat we geen spullen moeten laten liggen.

Er kunnen apen mee aan de haal gaan.

Er is een super de lux zwembad waar we al snel onze baantjes in trokken.

Ik heb nog samen met een local en zijn twee kleine kinderen in het water gespeeld.

De oudste van de twee wilde niet op mijn arm in het water, al twijfelde hij wel hevig. De jongste van ongeveer 1 jaar wilde wel. Veel op de foto gezet door de moeder.

Lekker uit gerust op de ligbanken bij het zwembad tot onze magen begonnen te knorren.

Even onszelf fatsoeneren op de kamer en op zoek naar een restaurant.

Echt dwalen doe je hier door het hotel zo groot is het.

Maar eens naar een restaurant gevraagd en ja hoor even later zaten we bij een Thais en Chinees restaurant. Lekker fish sweet en souer gegeten.

Er waren twee porties waaruit je kon kiezen, medium en large. Ik wilde de large hebben, vertelde het meisje van de bediening dat dit voor 7 personen is.

Nou leek zelfs mij dat iets te veel van het goede dus met zijn 2-jen een medium besteld. Was genoeg voor twee. Nou dat was amper zo.

Ik had een medium wel in mijn eentje op gekund. En als dessert hadden we kokonutice met lichees besteld.

De insiders weten dat Trijnie gek is op kokonsnootijs, dus die zat zich al te verlekkeren.

En wat kwam er? Kokosnootmelk met ijsklontjes en vruchten waaronder Lichees.

Het smaakte goed maar er was toch een lichte teleurstelling op Trijnies gezicht te zien.

We weten nog niet wat we morgen doen. Of we gaan weer verder, eerst 7 km terug naar de weg, of we blijven hier nog en gaan eilandhoppen en snorkelen.

Dat laatste wordt ons al jaren aangeraden door de kinderen.

Moet fantastisch zijn maar het is er nog nooit van gekomen.

Maar dat zien we morgen dan wel weer.

24-01-2014

Vanmorgen eerst onbeten.

Was karig maar de thee en de koffie waren heet, dat was al wat.

Toast met jam en kokosnootpasta en een soort oliebollen gegeten.

Ik nog rijst en mie. We hadden de buikjes weer redelijk gevuld.

Trijnie had trouwens gisteren nog gebakken aardappels bij het ontbijt geenomen.

Ook gisteravond heeft ze patat em kip gehad, een kindermenu maar die aardappels blijven trekken.

Eerst op de fiets Taiping in geweest. Mooi oud stadje, veel oude gebouwen.

Mooi was de houten Gereja all Saints Taiping, een kerkje waarvan de zijwanden open konden.

Binnen in eenvoudig. Er omheen lag een oud kerkhof met verweerde stenen.

Een beetje sinister, kon zo gebruikt worden voor een griezelfilm.

Morgen moeten we beginnen bij het lichtroze huis van Kapitein Chung Kooi Keng.

We wilde deze opzoeken om morgen niet te hoeven zoeken. Konden hem niet vinden.

Maar gevraagd aan een passerende man. Had er nog nooit van gehoord.

Hij belde een vriend, die legde het hem uit en hij wees ons de weg.

Daarna probleemloos gevonden, er zit nu een meubelzaak in van een achterkleinzoon.

We gingen gelijk boodschappen doen en hebben een winkel opgezocht welke onder een mall zat.

Eerst bakkie koffie en sandwidches tonijn gegeten.

Inkopen gedaan en weer terug naar het hotel.

Onderweg sprak een vrouw ons aan de bekende vraag waar komen jullie vandaan?

Ze dacht dat Maleisie ons 2de thuisland was, we begrijpen niet waarom maar mogelijk

omdat we op de fiets waren. Ze lachte verontschuldigend toen we dit ontkenden.

We willen de Bukit Larut ook wel Maxwell Hill genaamd op met een jeep.

Konden er pas om 15:00 uur terecht.

Wel twee kaartjes gereserveerd, ik moest onze naam opschrijven.

Dan eerst maar het merengebied Lake Gardens rond gefietst.

Een prachtig tuinengebied naar het schijnt de oudste van Maleisie.

Het is in 1884 aangelegd, heeft knoeperds van bomen en meren met waterlelies die helaas nog niet bloeiden.

Het is vlak bij de dierentuin welke we niet bezocht hebben.

Weer naar het hotel en het zwembad in gedoken.

Vlak bij ons hotel is de gevangenis, hoge muren, wachttorens en veel gebroken glas boven op de muren en natuurlijk prikkeldraad.

Deze gevangenis heeft het jaartal 1894 boven de poort staan, dus al een oud beestje.

Zal wel geen pretje zijn daar in te zitten.

We moesten om 14:30 uur bij het loket zijn, waren natuurlijk iets vroeger maar moesten tot 14:50 uur wachten tot we de tickets konden kopen.

Het briefje met onze naam prijkte op de klapper voor 6 RM, ongeveer 1.50 zouden we de 13 km lange weg de heuvel op gaan.

Of is 1036 m hoogte een berg? De heen reis was heftig.

De jeeps waren natuurlijk vier wiel aangedreven en de bochten soms 180 graden en dan ook nog omhoog.

Ik liet eerst mijn arm op het openraampje van het portier leunen maar trok deze maar terug toen ik merkte dat we rakelings langs de bergwand scheurden. Want het ging niet bepaald zachtjes omhoog.

De banden van de jeep piepte bij scherpe bochten.

Ik zat voorin en achter me hoorde ik vrouwen gilletjes slaken.

Trijnie bleef rustig maar vond het geen prettige rit.

Dat beloofd nog wat voor de afdaling.

Boven was het uitzicht fantastisch. Het was wat nevelig en niet zo koud als we verwacht hadden maar je kon toch mooi de stad beneden zien liggen.

Er was een wiebelbrug over een stuk diepte gemaakt waar ook Trijnie overheen durfde te lopen.

We trokken samen met een jong stel locals op en hebben elkaar op de foto gezet op de brug met de diepte als achtergrond.

Hopelijk zijn ze mooi geworden.

Een uitkijktoren beklommen. Vreemd een uitkijktoren als je 1036 meter hoog staat.

Net of die laatste 20 meter er dan nog toe doen. Trijnie waagde zich niet omhoog.

Dat eerste zal haar nog wel lukken maar weer naar beneden gaan vindt ze eng.

Zitten praten met een lokale familie die een dagtripje aan het maken waren.

Oma, dochter met man en kleinzoon.

Oma vond de heenreis maar niks, had haar ogen steeds dicht gehouden.

Beneden ons speelden aapjes in de bananenbomen.

Af en toe zag je er een, geprobeerd ze op de foto te krijgen, we weten niet of ze er op staan.

Leuk zoekplaatje.

Er staan hier grote zogenaamde telefoonbomen.

De maleisische naam is Inggir Burung, de latijnse Ixonanthes Reticulata.

We hebben de naam telefoonboom overgenomen van de surinaamse gids waarmee we in Suriname door de jungle trokken.

Als je verdwaald bent en je wilt de aandacht trekken dan sla je met een stevige tak tegen de uitlopers van de wortels aan.

Het holle geluid draagt volgens de gids kilometers ver.

Blijven slaan en de redders kunnen je vinden. ''t Is maar een weet.

De terugreis was relaxed.

We konden ook terug lopen, maar daar zagen we maar vanaf. Dertien kilometer afdalen in deze hitte lijkt ons teveel van het goede.

Rustig tuffend remmend op de motor namen we de bochten.

Onderweg zakte oma nog door de bank, daar zat ze op de grond. Stoppen, bank weer goed doen en weer verder. Ze wilde denk ik niet op de bank achter de chauffeur zitten omdat ze bang was.

Nu zat ze met haar dochter achterin. Veilig beneden gekomen. Het hotel maar weer opgezocht.

23-01-2014

Het ontbijt was redelijk maar koude koffie en thee deed veel afbreuk.

Toen ik hier een opmerking over maakte werd er iemand bijgeroepen die naar de warmhoudplaatjes waarop de kannen koffie en thee stonden ging staan kijken.

Diep in gedachten verzonken. Met de hand aan de kannen voelen, nogmaals kijken en daar bleef het bij.

Geen koffie aan het begin van de dag, een gruwel voor mijn lijf.

Maar gelukig had ik koffie gemaakt op de kamer en de eerste stop dan ook warme koffie gedronken uit de thermosfles.

Ik werd weer mens.

Eerst de stad uit en toen op rustige wegen gereden.

We kwamen langs een autorijschool. Een afgezet terrein met wegen,

een ware helling voor de hellingproef en jongeren waar druk in de weer met auto''s en brommertjes.

Zo kan je de beginselen leren en zal de stap naar het echte verkeer wel makkelijker zijn.

Niet dat het verkeer hier chaotisch is. Het gaat allemaal vrij geordend en nog geen gekke dingen gezien.

De weg is heuvelig en slingerd zich door het landschap.

We hebben aan beide kanten afwisselend palmolieplantages en veel varens als onderbegroeiing.

Toen we stop stonden voor het nemen van een foto stopte een man op een brommer naast ons.

De standaard vragen zijn dan: "Where you come from" en "where you going to" .

Onze antwoorden waren " the Netherlands" en "Selama", waarop de man ons uitgebreidt ging vertellen hoe we fietsen moesten. " theres a hill on the road, I go there with the bike, you have to cycle it" zei hij grijnzend en wenste ons success. Leedvermaak?

Wat zal hij denken: wat een rare mensen en zij liever dan ik? We zullen het wel nooit te weten komen.

Langs de weg zien we met regelmaat gebedsplekken voor de Hindoe''s.

Een overkapte ruimte waarin een man met geheven zwaard staat tussen twee paarden die naar een man op een soort troon kijkt.

We zijn er nog niet achter wat dit moet uitbeelden.

Het landschap wordt afgewisseld door stukken beschermd bos, wij zouden zeggen jungle.

We zijn al vlot in Selama en moeten beslissen of we door gaan naar Taiping of dat we hier gaan overnachten.

Er is hier weinig te beleven dus we vullen de proviand aan en Trijnie gaat geld tappen bij een ATM (Automatic Telling Machine).

Deze zat in het bankgebouw van de Maybank Islamic en Trijnie moest in de rij staan.  

Toen ze aan de beurt was leek het alleen een Maleis bedieningsscherm te hebben.

En daar hebben we natuurlijk geen snars verstand van.

Trijnie naar de balie, mocht de bank binnen lopen en even later werd ze geassisteerd door een bankmedewerker.

We konden 1000 RM pinnen, de bankmederwerker keek discreet de andere kant op toen de pin ingetoetst werd,

een vrouw achter Trijnie keek nieuwsgierig wat ze intoetste.

Nog even een hapje eten, Trijnie weer rijst met allerlei zaken die ze uit de pannen schepte en ik nam soep.

Smaakte beide heerlijk en we konden weer even.

Onderweg werd er gesnoeid aan de palmoliebomen wat we dan ook voor jullie hebben vastgelegd.

Ook reden we regelmatig over bruggen over water vol met dode stukken hout.

Maar het mooiste waren de apen die in de bomen aan het ravotten waren.

Ze kwamen af en toe even de weg op, keken ons aan toen we voorbij fietsten en renden dan weer de jungle in.

We hoorden regelmatig een hoop gekrijs in de bomen en groepen van wel 20 stuks achter elkaar aan rennen.

Er werd met borden gewaarschuwd dat er apen waren, ook de afbeelding van een tapir was op een waarschuwingsbord te zien.

" stoppen" riep Trijnie die echter me fietste. Ik keek om in de hoop een tapir te zien.

Maar Trijnie had een varaan ontdekt van een meter lang met een bruine kleur.

Voordat ze achter haar fototoestel te pakken had was hij al weer vanuit de berm in de begroeiing verdwenen. Jammer.

Af en toe kleine plaatsjes of kampung genaamd.

Er waren in die plaatsen regelmatig schooltjes en natuurlijk de moskeeen.

Af en toe hoorden we het gezang al van verre.

Men was druk bezig met het aanleggen van een spoorweg, wat ons weer twee beklimmingen kosten via de toch wel steile bruggen die erover gelegd waren.

Er was een heus fietspad naast de weg, welke echter na 600 meter weer abrupt stopte. Het geld was zeker op.

Vooral rond 13:00 uur begon de zon echt te branden, later op de middag kwam er wat sluierbewolking wat het aangenamer maakt.

Het af en toe opstekende windje was helemaal plezierig. We namen regelmatig een pauze in een bushokje of op een ander schaduwplekje.

Na wat te hebben genuttigd konden we weer verder.

Bij een stop zag ik boven op een heuvel een aantal grafstenen. Ik de trappen omhoog, lag daar een familie begraven, allen op respectabele leeftijd overleden. Opvallend was een steen waarop de naam en leeftijd van de overledene staat met daaronder " in liefdevolle herinnering van de kinderen, kleinkinnderen, neven, nichten, achterneven en achternichten", dat zijn we in Nederland nog niet tegengekomen.

De laatste loodjes bestonden uit een klimmetje van 500 meter, maar een stuk gelopen want '' de piep was bijna uut'' .

We bereikten Taiping en vonden voor twee nachten onderdak in het Hotel Seri Malaysia Taiping, van dezelfde keten als de koude koffie.

Morgen maar eens kijken hoe hier de koffie en thee is.

Na het bijkomen het zwembad in, wat een genot om de bezwete lijven af te laten koelen in het water. Baantjes trekken, droog worden in de zon en verder tot rust komen op de kamer. We hebben hem weer mal verzet vandaag, 80 km, wat ons behoudens de hitte verder goed afging.

22-01-2014

Om 06:00 opgestaan, laatste spullen ingepakt, ontbeten en op stap.

Toen we de fietsen uit het kantoortje haalde liet de man waar we het meest contact mee hadden gehad zijn fietsmedaille zien. Hij had mee gedaan aan een toerticht van 48 km. over het eiland.

De medaille stelde de drie voortandwielen voor.

Mooie medaille waar hij zichtbaar trots op was.

De ferry snel gevonden, reden over de brommer- en fietstoegang toen we ingehaald werden door een andere fietser die aan het rondtrekken was. Hij bleek Jorge Alonso te heten en is mexicaan.

Om 08:00 uur vertrok de ferry, vol met auto''s en vooral brommers voor de overtocht van 15 minuten.

Tijdens deze reis verder kennis gemaakt. Hij was voor het eerst op fietsvakantie, had 3 maanden (en jullie vinden onze 6 weken veel?) de tijd. Hij was gestart in Singapore, ging verder naar Laos, Thailand, Cambodja en Vietnam.

Hij reed op een GPS waarin een kaart zat met alleen de hoofdwegen.

Via de laptop hebben we op zijn Garmin de kaarten die wij hebben van Azie gezet, deze zijn gedetailleerder.

Omdat hij een andere Garmin had dan wij hebben we niet kunnen kijken of het zo goed was.

Hij zou op internet gaan kijken hoe hij onze kaarten moest '' aanzetten''.

Hij had de GPS vlak voor zijn vakantie gekocht en geen gebruiksaanwijzing bij zich. Na elkaar een veilige reis te hebben gewenst ging hij naar links en wij naar rechts.

We waren nu in Butterworth en zoals het routeboekje aan aangaf was het een crime om er uit te komen.

Maar uiteindelijk hadden we de weg richting Kulim gevonden, onze eerste overnachtingsplek.

We reden over vrij drukke wegen, met op sommige plekken dorpjes, zoals Mertajam, en verder bananen- en kokosnotenbomen, maar dit gaf geen problemen. De temperatuur was 28 graden C. En we trapten lekker weg.

Onder weg getoeter van auto of brommer met een duim omhoog en een brede glimlach.

Af en toe een break voor een hapje uit de etenszak met koffie uit mijn thermoskan.

Deze vullen we of zelf met heet water (de meeste kamers hebben een waterkoker) of we vragen tijdens het ontbijt om hem te vullen met boiled water. Potje oploskoffie en ik kom de dag wel door.

Natuurlijk af en toe een waterijsje om in de schaduw op te knabbelen en drinken, drinken en drinken.

Dacht ik een waterijsje gekocht te hebben bleek de buitenste laag kauwgum te zijn, geen succes dus.

Maar het koelt af, de temperatuur is 40 graden als we Kulim inrijden.

De overhemden hadden we onderweg al aangedaan om de ergste hitte tegen te houden.

Hebben de Aziaten trouwens ook op het midden van de dag, een jasje of shirt met lange mouwen aan op de fiets of brommer, vaak achterste voren i.v.m. de rijwind.

Boven in een lantaarnpaal was een aap aan het spelen door deze te laten veren.

Hij ging snel weer naar beneden en voegde zich bij zijn soortgenoten die op de brugleuning liepen en in de bomen aan het spelen waren. De soortnaam nog niet kunnen achterhalen.

Onderweg bij een benzinestation naar de wc.

Trijnie gebruikte de poesdouche en door een lek in de slang werd zij bijna helemaal nat.

We hebben het aanknopingspunt van het routeboekje weer gevonden in de stad en hebben hier een waypoint van gemaakt in de GPS, kunnen we morgen de route zo weer oppakken.

Vragen naar een hotel. "Die is er wel, hier naar links dan weer naar links en dan zie je hem": was het vage antwoord. "Hoeveel kilo"?: was onze wedervraag maar dat werd beantwoord door het ophalen van de schouders.

Dus maar op pad. Niet dus.

Opnieuw gevraagd bij een groepje mannen.

Wat discussie onderling maar toen werd er gevraagd om pen en papier.

En ja hoor er verscheen een plattegrondje in mijn boekje wat jullie op de foto bewonderen kunnen.

En we reden er zo naar toe.

Hotel Seri Malaysia Kulim is het geworden.

Als je het gebouw ziet denk je poe-poe, maar de kamers zijn ca. 30 euro.

Het zwembad lonkte ons bij aankomst al aan en na het inchecken en kamer inspecteren de zwemkleding aan en naar buiten.

Trijnie was haar haarklem vergeten om het in een knotje op haar hoofd te doen.

Dus nu een knotje met erdoorheen een balpoint, dat werkt ook.

Een uurtje beentjes getrokken en ons laten drogen in de zon.

Achter ons een hoop geknetter, werd er tuinafval verstookt en de roetdeeltjes dwarrelden over en op ons.

Maar naar binnen gevlucht.  

We hebben in het hotel gegeten, een set gerechten voor 2 personen voor 28 Ringit, ongeveer 6 euro.

Het smaakte zoals het er op de foto uitziet: lekker.

In de kamer een bidkleedje in de kast en een pijl op het plafond richting Kiblat.

Dit geeft dus de gebedsrichting aan voor de islamieten richting Mekka.

21-01-2014

Tijdens het ontbijt eens opgelet hoe een Aziaat eet. Opvallend is dat hij of zij met half geopende mond kauwt.

Je kunt het eten nog net niet zien rondmalen in zijn of haar mond.

En daarbij praten ze dan ook vaak nog.

Bij ons is dat not done. Kauwen met de mond dicht, dat is wat de kinderen al vroeg wordt geleerd en nu vanzelf gaat.

En praten met een volle mond is uit den boze.

Ik ben het even gaan proberen, kauwen met een niet gesloten mond. Het bevalt me wel. Al was Trijnie het met mijn proef niet eens.

Maar hier smakken ze er op los. Is zelfs een geluid waarmee je laat merken dat het je smaakt. En een boer als afsluiting maakt de kok helemaal trots. Maar wat zal gezonder zijn? Of maakt het niets uit? Zal het eten lekkerder smaken? We zijn benieuwd naar jullie reactie.

Als je van tafel op staat om nog wat eten te pakken staan ze te popelen om je tafeltje af te ruimen. Ze willen blijkbaar niet dat je je bord voor de 2de keer gebruikt.

Na het ontbijt de fietsen weer gepakt en op stap richting Batu Feringgi een plaatsje langs de kust.

Eerste stuk langs een drukke weg door de stad. Het links rijden begint te wennen, toch nog uitkijken bij voorsorteren.

Hand uitsteken, auto''s minderen vaart, duimpje omhoog en doorfietsen. Gaat goed en geen gekke dingen meegemaakt.

Af en toe een wielrenner in vol ornaat of een ouder persoon op een veel te klein fietsje.

En natuurlijk de riksha''s, fietsen met een zitplaats voor twee personen in een bakkie.

Over een kabel over de weg liep een eekhoorntje heen en weer.

Langs een scheef flatgebouw, een gouden moskee en langzaam begon de weg te steigen.

Gelukkig was het een mooie weg, niet al te steil omhoog, en het was goed te doen. Zo Pearl Hill beklommen.

De temperatuur was ook goed, 25 graden Celcius, met een windje van de zeekant.

We fietsen langs de kust waar veel torenflats staan, sommige als hotel, anderen voor permanente bewoning.

In de zee rotseilandjes, kaal en onbewoond. Op het water vissers bootjes die met netten de visconsumtie moeten verzorgen.

Want veel gerechten zijn hier met vis of garnalen. Maar wat wil je ook op een eiland en bij de kust.

Op de terugweg nog een cache gedaan bij " hollywood" , een plek met luxe gebouwen waar veel sterren zouden verblijven.

Trijnie hoopte Johnny (je weet wel die piraat) tegen te komen maar helaas, geen ster gezien.

Dus ze wilde wel met me verder fietsen.

Langs de weg een beeld van twee fietsers, toepasselijk zou je denken.

Maar ze gaan beide een andere kant op, dat lijkt me niet echt de bedoeling van de komende 6 weken.

Even verderop de Masjid Terapung of drijvende moskee bekeken.

Deze moskee staat op palen boven de zee, het schijnt de enige in Maleisie te zijn.

Verder richting hotel gefietst. Weer even bijkomen, al ging het fietsen beter dan gisteren,

maar nu waren we dan ook om 12:30 uur terug bij het hotel met 29 km op de teller, gisteren gingen we om die tijd fietsen.

Om een uur of drie weer op stap, nu met de benenwagen.

Eerst naar het Pinang Peranakan Mansion en het Chinese Juwellery Museum.

Maar het ging in eerste instantie om het Peranakan museum.

De Perakanans is een unieke chineze samenleving in Maleisie, ze staan ook bekent als de Strait Chinese en hebben zich hier gevestigd onder de Britse overheersing.

Vooral Melakka, waar we later tijdens de reis komen, is een stad waar veel Perenakan''s wonen.

Trijnie vind het aardewerk van deze groep prachtig.

Naast de vele kleuren groen en bruin vindt zij die met de zwarte ondergrond het mooiste.

Ze heeft al een aantal exemplaren verzameld in de afgelopen jaren. Ook nu heeft ze een potje gekocht.

Dus het eerste souvenier is er.

Vanuit dit museum zijn we naar de Clan Jetties gelopen, waar de mensen op het water wonen in huizen op palen.

Een houten pad leidt langs de winkeltjes.

Hier wonen handelaren en vissers en je kunt er allerlei souveniers kopen.

We hebben alleen ansichtkaarten van de straatschilder gekocht.

De verkoper had geen postzegels maar hij stelde voor dat als wij de kaarten direct zouden schrijven hij ze voor ons bij het postkantoor zou inleveren en daar een postzegel op elke kaart zou plakken.

Dus de kaarten geschreven en hem ook geld betaald voor de postzegels.

Scheelt ons zoeken naar een postkantoor.

We gaan er van uit dat de kaarten aankomen.

Op weg naar de supermarkt kwamen we langs een heuse rommelmarkt.

Er lagen kleden waarop de te verkopen " rommel" uitgestald lag. Er was voldoende belangstelling. Niets van onze gading te vinden.

Even verderop kwamen we de kunst van de straatschilder tegen, een echte fiets tegen de muur met op het zadel een meisje en achterop een jongen geschilderd.

Dezelfde afbeelding als van de ansichtkaaart. Er stonden twee jongeren bij die om de beurt een foto van elkaar namen bij de fiets.

Wij hebben ze beide op de foto gezet. Als tegenprestatie hebben zij ons samen op de foto gezet.

We liepen langs de markt waar een 3 tal varkens, elk door de helft, werden schoongemaakt na de slacht.

Opmerking varkens in dit moslim land. Maar er zal wel vraag naar zijn.

We zien trouwens weinig gerechten met pork, het meeste heeft vis, garnalen of chicken.

Nadat we boodschappen gedaan hadden, 6 liter water, cakejes, repen en zoute pinda''s voor morgen tijdens het fietsen,

weer gegeten in de foodcourt. De naam ervan is Red Garden Food Paradise & night market.

Toen naar het hotel, uitbuiken en alles zover inpakken dat we morgen op pad kunnen.

Het fietsen gaat beginnen, een route van 67 km.

Eerst met de ferry over naar het hoofdeiland en dan zien we wel weer verder.

20-01-2014

Na een goede nachtrust, met natuurlijk vroeg wakker, naar het onbijt. Zag er weer goed uit, veel warme gerechten maar ook toast, jam (voor Trijnie Coconutjam), kaas, veel fruit en meusli met yoghurt of melk.

Na het ontbijt de kamer schoonmaak vriendelijk gemaakt en op stap. Eerst langs de kust naar Fort Cornwallis. Nou ja fort, alleen de muren met kanonnen gaven de plaats nog aan waar kapitein Francis Light voor het eerst aan land kwam en een fort bouwde. Hier lag ook een geocache en deze gescored. Voor Amber en Cody hebben we hier een TB achtergelaten ter herinnering aan Roekie, een jonge kraai die uit het nest verstoten was door zijn broertjes en zusjes. Helaas is Roekie afgelopen zomer gedood door een bunzing. Om hem postuum de wereld over te laten vliegen hebben ze de TB naar hem genoemd. Dus hij kan nu op reis met als einddoel Emmen in Drenthe. Benieuwd waar hij allemaal "langsvliegt".

Er staan veel koloniale gebouwen in het oude centrum van Georgetown, het is dan ook Unesco erfgoed. Dat het een engelse kolonie geweest is laten de gebouwen en monumenten zien. Zo kwamen we langs een klokkentoren opgericht ter nagedachtenis van het 60 jarig jubileum van koninging Victoria in 1897. Het staat nu op een rotonde op een druk kruispunt. Er zijn natuurlijk ook legio tempels, kerken en moskeeen. Mooi is de Seh Tek Tong Cheah Kongsi tempel en de Hainan tempel. De laatste hdeeft mooie uitgewerkte pilaren van steen en hebben we van binnen bekeken. Schoenen uit, heerlijke wierrooklucht, toepasselijke muziek en veel rood en goud. Bij de meeste huizen zie je een kleinaltaartje in een huisje aan demuur hangen. Hierin wordt wierrook verbrandt voor de overledenen en om de goden gusntig te stemmen. Ook kwamen we langs de kant van de weg parkeerplaatsen tegen voor fietsen en brommers. Geen overbodige luxe gezien de vele brommers en de enkele fietsen die hier rijden. We liepen door de Love Lane, waarvan het verhaal gaat dat hier de maitresses van de rijke dorpelingen woonden. Het vuilnis wordt hier in open wagens opgehaald. De containers of plastick zakken worden hier ingegooid. De flessen, papier en andere recyclebare zaken worden op de auto uitgesorteerd. Langs de kant van de straten staan veel afvalbakken, een aantal hebben drie gaten voor plastick, papier en overig afval.

Het wordt al warm, langs de kust een heerlijk windje, binnen in de stad warme zon. De warme lucht en het mengsel van etens- en rioollucht met de uitlaatgassen is typerend voor Aziatische plaatsen. Leuk was ook Cambell Street, marktkraampjes met groente, vlees (alleen kip) en vis wat ter plaatse schoongemaakt en gewassen word. Nog wat boodschappen gedaan, het onvermijdelijke slepen met flessen water, en een nacht extra geboekt in het hotel. Nu even bijkomen en straks de fietsen weer rijvaardig maken. Die fietsen hebben we gisteren bij de overstap van Kuala Lumpur naar Penang nog op de bagagewagen zien liggen. Stonden redelijk rechtop met allerlei koffers er tegen aan. Benieuwd wat we zo dadelijk aantreffen.

De fietsen doen het weer. Alleen de sleutel van Trijnies fietsslot was krom en bij poging deze te rechten brak hij af. Dus Trijnies fiets nu maar op slot zetten met het kabelslot aan die van mij. Verder gelukkig geen problemen. Besloten om op de fiets een stukje door de stad te toeren. Even laatste check van de fietsen en wennen aan het verkeer. We willen naar de Kek Lok Si tempel, zo''n 8 km van het hotel. We fietsen links en het gaat eigenlijk best wel goed. Soms is het even lastig met voorsorteren maar we fietsen op stroken met een fiets erop langs de kant van de weg. Vaak staan op die strook auto''s geparkeerd en moet je er omheen. Maar men houdt goed rekening met ons als grote fietsers. We eten onderweg nog even wat, kiezen uit pannen met groentes en kip of vis. Smaakte weer voortreffelijk. Het is warm, de temperatuur loopt volgens mijn kilometerteller (met een foontje kun je foto''s maken dus waarom met een kilometerteller geen temperatuur meten?) geeft 36 graden aan. Best heftig maar met af en toe een schaduw stop valt het ons zo''n eerste dag niet tegen. Dus veel drinken uit de bidons en af en toe een colaatje. We zullen er wel aan wennen. Maar ja wie fietst er op het heetst van de dag in een stad? Wij dus.

Bij de tempel wat rondgekeken, ziet er mooi uit deze grootste Boedistische tempel van Zuidoost Azie. We zijn niet helemaal naar boven geklommen, vinden we wat te warm. Toen ik mijn fiets weer pakte hoorde ik wat rinkelend op de grond vallen. Zadelveer gebroken. Even slikken en in oplossingen denken. Eerst maar een garnalen soepje en wat cola dan kijken of we een fietsenmaker konden vinden. Trijnie wist een adres vanuit ons routeboekje en deze vonden we door haar richtingsgevoel, en hulp GPS vrij snel. Nieuw zadel gekocht en laten monteren. Nog wat extra lucht in de achterbanden en we konden naar het hotel.

Nog even gerelaxed en toen naar een foodcourt om te eten. Dit is een plaats waar kleine eettentjes staan en in het midden allemaal tafeltjes. Eerst een rondje langs de tentjes en kijken wat je eten wil. Wafels, pizza, Thais, Filipijns, Japans, Koreaans, Maleis, Vietnamees, enz. Je besteld wat, gaat aan een tafeltje zitten en ze komen het brengen. De een kan Thais eten en de ander Maleis. Voor drinken komen ze apart langs. Leuke gegevens dat we om meerdere plaatsen in Azie al gezien hadden. Morgen de stad verder verkennen op de fiets en dan overmorgen met de ferry naar het vaste land.

18+19-01-2014

Renee had al het een ander geschreven maar nu volgt ons verhaal.

Vanmorgen de laatste dingen gepakt en om 06:15 kwamen de Vosjes ons ophalen.

Ik had de fietsen al op de Bumm gezet en konden gelijk gaan rijden.

Gezellig gekletst met z''n 6-en. Onderweg natuurlijk een bakkie doen bij strand Nulde en het laatste naar Schiphol zonder files.

Lastig een parkeerplaats te vinden, ze hebben ons voor de deur afgezet en hebben met z''n 2-en de bus geparkeerd.

We konden de fietsen gaan inpakken, met goede hulp van de kleinkinderen, zaten ze er mooi en stevig in de pyama. Inchecken maar.

Trijnie begon engels tegen de baliemedewerker te praten, wij lachen natuurlijk. " zijn de banden ook leeg?", was de vraag die mij deed denken aan mijn leeftijd.

Want nee hoor ze waren nog hard. Gelukkig konden we zonder al te veel gedoe de banden leeg laten lopen.

Ik vind het altijd een fijn gevoel als de fietsen en de bagage weg zijn.

Dan begint de vakantie voor mij pas echt.

Nadat we wat gegeten hadden afscheid genomen van de schatten, een dikke knuffel van de kleinkinderen deed ons goed..

We moeten er immers ruim 6 weken op teren.

Door de douane via automatische paspoortcheck, paspoort op scanner, kijken in de camare en als je door mag wordt hij groen. En we mochten door.

In de urinoirs zijn de beroemde vliegen vervangen door een golfvlaggetje met hole, zal er echt minder door naast de pot gepiest worden?

Nog even een bakkie doen voor vertrek en toen bleek dat een van de tassen niet goed dicht gedaan was. Zou kunnen betekenen dat mijn toilettas en het gereedschap er uit kan vallen(red: weer de leeftijd?).

Zou dikke pech zijn maar we konden er nu niets meer aan doen.

Aan boord waren we net de lucht in of we moesten lunchen. Garnalencocktail, kip of vis met aardappelpuree, doppertjes, een stuk cake met vruchten, bekertje wijn erbij.

Ach het blijft behelpen in een vliegtuig, het krijgen van wat te eten, snacken en drinken geeft een stukje afleiding.

Al kun je via het tv-schermpje spelletjes spelen, 10-tallen films bekijken '' on demand'' , cd''s luisteren en af en toe de riemen vast maken i.v.m. turbulentie.

We zitten in een Boeiing 747 met 2-5-2 stoelen met daartussen het gangpad. We zitten op de 2 stoelen dus hebben van niemand last. En wat doe je nog meer... Als ontbijt,

het is nu 05:00 uur Maleisische tijd rijst met garnalen of gebakken ei met tomaten, fruit, yoghurt en natuurlijk koffie of thee.

De afdaling ging voorspoedig en we moesten de reis vervolgen met een korte trip naar Penang.

Eerst met de trein/metro naar het andere deel van de luchthaven en geld pinnen.

De Ringit is ongeveer 25 eurocent, het is iets minder maar dat rekend makkelijker.

Een broodje pindakaas met ei gegeten in Old Town " White Coffee", daarna door de douane naar de gate voor de binnenlandse vlucht, weer de lucht in en uiteindelijk op Penang aangekomen.

Met de bagage was alles goed, de fietsen werden ons netjes gebracht.

Nu nog even zoeken naar de persoon die ons naar het hotel brengt. Ik zag het bordje Mss. Waasdorp als eerste.

Hup de fietsen en de bagage in het busje en na een 1/2 uurtje stonden we voor het Bayview-hotel. Onderweg vertelde de chauffeuze bijzonderheden die we onderweg zagen, dat het hotel vlak bij het oude centrum ligt, met de chineze en indische buurt, tempels, local food tentjes en zoals de naam van het hotel verraad vlak bij de kust.

En nu, wachten tot de kamer klaar is. Het was een druk weeekend geweest en de kamer was nog niet klaar. Balen want we hebben zin in een douche en om op een bed liggen soezen. In het ergste geval 3 uur wachten in de lobby,

we zijn gelukkig niet de enige, maar het is wel balen.

We zijn nu 24 uur onderweg, opgestaan op 18-01 om 05:00 uur, nu in Maleisie op 19-01 om 12:00 uur (het is hier 7 uur later dan in Nederland dus 05:00 uur nederlandse tijd), hebben in het vliegtuig wel wat gelodderd maar we hebben de "piep uut".

Een reisdag van vliegen en eten als je het zo overleest.

Maar de komende 6 weken zullen anders worden.

Het was toen we vanmorgen 05:00 uur landde trouwens 24 graden buiten. Het zou in de loop van de dag zo''n 30-33 graden worden. Zal wel weer wennen zijn.

Na 45 minuten kwamen ze met een kamer, 2 sapereted beds, of dat erg was. Natuurlijk geen probleem en zaten we even later op de 12de verdieping op een grote kamer met uitzicht op de baai van George Town, zoals de hotel naam al deed vermoeden.

Eerst even douchen en dan lekker een paar uurtjes slapen.

Rond vijf uur weer wakker, opgestaan anders slapen we vannacht niet.

Na het opknappen van onszelf de stad in om eten en de eerste boodschappen te scoren.

Beide een verschillend kip gerecht genomen, lekker pittig met een coke erbij.

Beelden van onze vorige Maleisie vakantie komen weer naar boven. De winkeltjes, het links rijden, de brommertjes enz., enz.

Water gescored en wat te knabbelen voor vanavond.

Morgen de stad maar eens beter verkennen, ziet er uitdagend uit. Er lag een krant New Sunday times op me te wachten. Een aantal pagina grootte advertenties i.v.m. de 86ste verjaardag van zijne koninklijke hoogheid Al Sultan Almu''Tasimu Billahi Muhibbuddin enz., enz..

Verder weinig nieuws. Het is 7:30 uur pm en de duisternis valt vlot in.

18-1-2014

Zo vandaag was het zover,

door onze favoriete schoonzoon naar Schiphol gebracht

natuurlijk waren Sascha, Amber & Cody er ook bij om ons uit te zwaaien,

(of ze wilden zeker weten dat we echt weg zouden gaan.)

Aangekomen op Schiphol opzoek naar onze favoriete parkeerplaats de P1 bij de WTC

Maar wat hebben de grapjassen gedaan op Schiphol, de doorgang een paar cm lager gemaakt,

nu kan Bumm er niet meer langs, ivm de hoogte van de fietsen

dus opzoek naar een nieuw plekje, maar dat ging niet zo makkelijk ivm met de hoogte en de afstand

naar de Gates (of we kijken gewoon niet goed)

We hebben dan maar de fietsen afgeladen bij een vertrekpunt voor lossen lossen van de vakantie gangers

daarna de Bumm geparkeerd op de P1 bij WTC  en de vakantie gangers opgezocht

Gerard, Trijnie, Sascha, Amber & Cody waren al bezig met het inpakken van de fietsen 

(Tja iemand moest toezicht houden)

na de nodige draadjes om de fiets en natuurlijk de ducktape de fietsen professioneel ingepakt.

vol goede moed richting de incheck Bali en Trijnie in goed Engels aan de praat met de vrouw achter

de bali Gerard,Cody & ik (Renee) helemaal in een deuk, Trijnie maar even roepen en zeggen dat we 

nog in Nederland zijn hahahahahaha 

Vraagt de vrouw achter de bali of het lucht uit de banden van de fiets is.........

dus, alles weer uitpakken en lucht uit de banden halen.

Amber meehelpen om de fietsen weer uit en in te pakken.

en om het makkelijk te maken de fiets maar even tegen een reling zetten

waarna Amber met de ducktape aan de gang ging en de fiets aan de reling vast plakte met de ducktape.

 Nou alles ingecheckt, fietsen weg, nu aan de koffie met broodjes effe rust.

een paar koffie, verse jus en chocomelk met muffin en een paar broodjes

en dikke € 36 lichter afscheid genomen en wij weer naar Emmen terug

nu afwachten op de verslagen, veel plezier gewenst !!!!